Projectmedewerker Luit Hummel van de Brede Overleggroep Kleine Dorpen (BOKD) die 50 jaar bestaat. Foto: Boudewijn Benting
De Brede Overleggroep Kleine Dorpen (BOKD) viert op 28 februari het 50-jarig bestaan met een festival in Tiendeveen. De plek waar destijds ‘de revolutie’ begon.
In zekere zin herhaalt de geschiedenis zich. Vijftig jaar geleden, toen de BOKD werd opgericht, was er veel te doen over woningbouw in de Drentse dorpen en anno 2025 is dat nog steeds zo. ,,Wonen loopt als een rode draad door onze historie'’, vertelt projectmedewerker Luit Hummel. Al zijn toon en sfeer nu wel anders. Minder activistisch, meer pro-actief en adviserend.
Zo’n twee jaar voor de oprichtingsvergadering roerde een flink aantal dorpen zich al, onder aanvoering van Tiendeveen. Van de provincie Drenthe mocht niet meer bijgebouwd worden in de kleine dorpen. ,,Dat was voorbehouden aan de grotere kernen’’, zegt Hummel, die vanaf 2007 actief is voor de BOKD.
Tiendeveen was daar wel klaar mee.
Lijvig bezwaarschrift
Moesten hun kinderen in de toekomst soms driehoog achter in Hoogeveen gaan wonen? Dat gaan we mooi niet doen, was de teneur in het dorp. Na een belronde door Drenthe waren er in no time veertig tot vijftig andere dorpen die het ook een slecht plan vonden. ,,Die club werd toen de brede overleggroep genoemd’’, weet Hummel. ,,Gezamenlijk schreven ze een lijvig bezwaarschrift van maar liefst 792 pagina’s. Centrale boodschap: het beleid moet van tafel.’’
Het breed gedragen protest had effect: het provinciale voornemen verdween in de prullenbak. Dat succes smaakte naar meer voor de gezamenlijke dorpen. Ze gingen in 1975 verder onder de BOKD-vlag waarbij het niet alleen maar gaat om wonen maar ook om de leefbaarheid op het platteland. ,,Beleidsmakers nemen ons inmiddels wel serieus. Als wij iets zeggen of vinden, dan hebben we al snel de aandacht van bestuurders.'’
Weggemans en Elerie
In de eerste jaren speelde Henk Weggemans uit Wijster een belangrijke rol. Hij zou het later nog tot gedeputeerde schoppen. Weggemans was niet alleen een van de oprichters maar kreeg ook veel voor elkaar in zijn dorp en in de provincie. ,,Henk legde de basis van wat de BOKD nu nog steeds is’’, stelt Hummel.
Datzelfde geldt voor sociaal geograaf Hans Elerie uit Anloo, die van 1979 tot 2006 actief was, eerst als medewerker en later als directeur. Hij stond aan de basis van tal van projecten die de leefbaarheid in kleine dorpen moesten bevorderen, zoals op het gebied van woningbouw (Landschappelijk bouwen), groenvoorziening (Dorp in het groen) en toerisme (Knapzakroutes).
,,Hans heeft de BOKD écht op de kaart gezet’’, meent Hummel. ,,Hij bracht veel nieuwe dingen in, deed onderzoek en was een verbinder. Zo slaagde Hans er in om boeren en natuurbeschermers in Nationaal Park Drentse Aa eind jaren 90 bij elkaar te brengen. Die twee partijen stonden aanvankelijk lijnrecht tegenover elkaar.’’
coördinator Luit Hummel van de Brede Overleggroep Kleine Dorpen (BOKD) die 50 jaar bestaat
Foto Boudewijn Benting
Assen
Km 80
Boudewijn Benting
Meeste dorpen zijn lid
Zo’n 80 procent van alle dorpen in Drenthe (met maximaal 5000 inwoners) is lid van de BOKD. Volgens Hummel blijft dat aantal redelijk op peil. ,,Na de gemeentelijke herindeling in 1998 was er een toename van dorpen die een vereniging oprichtten om hun belangen te behartigen.’’
Volgens hem is de betrokkenheid en saamhorigheid anno 2025 nog altijd groot. ,,Dat is ook onze kracht en meerwaarde. Gelukkig zie je amper animositeit of concurrentie tussen dorpen, men beseft dat je samen een vuist kunt maken.’’ Dit maakt de BOKD volgens Hummel als maatschappelijke organisatie in Drenthe uniek; het samenspel tussen leden, bestuur en medewerkers.
In de afgelopen vijftig jaar heeft de BOKD het nodige bereikt en op poten gezet. Neem de aanduiding vijfsterrendorpen, zoals Echten, Schoonloo en Gasteren. Daarbij ligt het accent meer op de sociale aspecten van dorpen en niet op het voorzieningenniveau, zoals winkels, scholen en landschap. ,,Bij die sterren gaat het om zaken als cultuur en identiteit, het verenigingsleven, het omzien naar elkaar en het vermogen om dingen te organiseren.’’
Spanningen
Dat zich ook nieuwkomers in dorpen vestigen, onder wie statushouders, westerlingen en andere import, geeft wel eens spanningen met de autochtone bevolking. Hummel vindt dat je daar eerlijk over moet zijn, maar hij wil het beeld wel nuanceren. ,,De komst van statushouders gaat vaak erg goed. Die worden wel opgenomen in de dorpsgemeenschap, omdat ze zich actief inzetten voor het dorp.’’
In dat kader wijst hij op de ophef rond het dorp Oranje, dat in 2015 naast de opvang van zevenhonderd asielzoekers er nog eens zevenhonderd vluchtelingen bij zou krijgen. ,,De onrust daarover werd breed uitgemeten in de pers, terwijl er ook een succesverhaal te vertellen is. Namelijk over hoe deze mensen in het dorp opgenomen zijn. Dat aspect is onderbelicht gebleven. Het ging de dorpelingen niet om die asielzoekers maar om de overheid die zich een onbetrouwbare partner had betoond. Gemaakte afspraken werden niet nagekomen. Dat maakt mensen opstandig.’’
In Echten waren er in 2016 venijnige protesten tegen een asielzoekerscentrum in vakantiepark Van Harte. Het ging het dorp volgens Hummel niet zozeer om de komst van vluchtelingen, maar om de relatie met de toenmalige eigenaar van dat park.
‘Wees open en transparant’
Hummel: ,,Daar lag een ander probleem aan ten grondslag. Handjeklap tussen een ondernemer en de overheid. Je ziet dat vaker. Voor alles geldt: wees open en transparant richting inwoners. Anders komt het als een boomerang terug.'’ Volgens Hummel is het van belang dat gemeenten bewoners er van meet af aan bij betrekken. ,,Dat gebeurt niet altijd. Koudwatervrees voor participatie.’’
Maar er zijn ook voorbeelden waar die aanpak gewerkt heeft. Woningbouw in Eexterveen, bijvoorbeeld. Daar nam een oud-aannemer bij zijn plannen de inwoners van meet af aan mee. Gevolg: snelle aankoop grond, geen bezwaren, geen vertraging. ,,Iedereen blij.'’
Tweede huis
Bij westerlingen en de zogeheten Drenteniers moet volgens Hummel onderscheid gemaakt worden in het type nieuwkomer. ,,Soms zie je dat mensen in een dorp een tweede huis hebben. Als er daar te veel van zijn zet dat de leefbaarheid onder druk. Dan maakt een dorp niet alleen een uitgestorven indruk, maar gaat dat ook ten koste van het verenigingsleven.’’
Waar een dorp volgens Hummel evenmin op zit te wachten zijn nieuwkomers die wel even zullen vertellen hoe de wereld in elkaar steekt. ,,Die verdiepen zich niet in de mores of cultuur van een dorp en laten zich met een hoop bombarie gelden.’’ Een zekere bescheidenheid is wel aan te bevelen, wil Hummel er maar mee zeggen.
Andere wapenfeiten van de BOKD zijn het landschappelijk bouwen, het versterken van de cultuurhistorische kwaliteit van dorpen en de dorpsontwikkelingsplannen. Ook werd het mogelijk om te appartementen voor jongeren te bouwen in boerderijen die samen met corporaties werden opgekocht.
coördinator Luit Hummel van de Brede Overleggroep Kleine Dorpen (BOKD) die 50 jaar bestaat
Foto Boudewijn Benting
Assen
Km 80
Boudewijn Benting
Valtherschans
Hummel zelf is trots op de heraanleg van de Valtherschans, een verdedigingswerk dat tijdens de Tachtigjarige Oorlog de bevolking moest beschermen tegen aanvallen van de vijand. De schans, gebouwd in 1621, lag op een strategische plaats en is tientallen jaren in gebruik geweest. Vanaf de schans kon men de vijand al uit de verte aan zien komen.
,,Via een fietstocht zijn we er uiteindelijk in geslaagd om de schans terug te laten keren in het landschap’’, vertelt Hummel. ,,De route voerde de mensen langs belangwekkende, historische locaties in het gebied. Maar van de schans was niets meer te zien. Dat versterkte de wens van inwoners om de Valtherschans weer zichtbaar te maken.’’
In september 2022 was het zover en herrees het cultuurhistorisch verdedigingswerk in het landschap bij Valthe. Tijdens het archeologische onderzoek stuitte men ook nog op een unieke vondst: een eeuwenoud gietijzeren kanon.
Kanon opgegraven bij opgraving Valtherschans in Valthe, architect Ko Lenting
Foto Boudewijn Benting
Emmen
Km 10 Boudewijn Benting
‘Niet wegkwijnen’
Anno 2025 zijn behalve woningbouw, het overeind houden van buurt- en dorpshuizen en zorg en welzijn belangrijke thema’s binnen de BOKD. ,,Her en der worden coöperatieve verenigingen opgericht waarbij vrijwilligers ingezet kunnen worden voor diensten aan inwoners die hulp nodig hebben.’’ Met voorbeelden in onder meer Hollandscheveld, Gasselternijveen, Grolloo en Vledder. ,,Prachtig dat ouderen langer in hun eigen omgeving kunnen verblijven en niet wegkwijnen in een grotere kern waar ze niemand kennen.’’
Een nieuw initiatief is de zogeheten dorpskracht, die inwoners betrokken moet houden bij hun woon- en leefomgeving. Want vrijwilligers zijn vaak lastig te vinden en initiatieven komen niet altijd van de grond. Via een scan moet voor dorpen duidelijk worden wat de sterke kanten zijn en waar nog kansen liggen. Dit jaar worden veertien dorpen gescand.
Gemeenschapszin
Hummel: ,,We bekijken wat de kwaliteiten en capaciteiten zijn om zelf dingen te organiseren. Ieder dorp heeft verbinders en kartrekkers nodig om de gemeenschapszin te versterken. Daar is geen hogere wiskunde voor nodig: maak het vanzelfsprekende bijzonder. Gedrag en houding spelen daarbij een belangrijke rol. Er is verschil in mentaliteit, dus hoe ga je met elkaar om?’’
De dorpskrachtscan moet nieuwe energie en nieuw elan opleveren. ,,Het moet de organisatiekracht in dorpen versterken. Grotere betrokkenheid, meer activiteiten. Het gevoel dat je samen verantwoordelijkheid draagt voor de toekomst van het dorp.’’
Grote zorgen voor de toekomst van de BOKD heeft Luit Hummel niet. ,,Deze club gaat nog gewoon vijftig jaar door, hoor.’’ Zelf stopt hij wel als projectmedewerker. Niet omdat Hummel erop uitgekeken is. ,,Ik word dit jaar 65 en heb andere plannen. Maar laat ik er nog dit over zeggen: mijn BOKD-functie brengt veel avondwerk met zich mee. Maar elke keer kom ik met meer energie thuis dan toen ik wegging. Het enthousiasme in de dorpen werkt erg aanstekelijk.’’