Boeren maken zich zorgen over plannen voor toekomst platteland. Momenteel trekt een bijpraatcircus door de provincie. Foto: DVHN
Een legertje ambtenaren maakt een tournee door Drenthe om de plannen met het platteland toe te lichten. Boeren houden hun hart vast, bleek afgelopen week tijdens bijeenkomsten in Norg en Rolde.
In Norg liepen de emoties dinsdagavond hoog op. In Rolde was het donderdagavond wat gemoedelijker. Wat is er aan de hand? Drenthe stelt momenteel een toekomstvisie samen op het platteland onder de noemer: Toekomstgericht Landelijk Gebied Drenthe. Dat loopt tot 2030.
Met dit plan wil de provincie vergunningverlening weer mogelijk maken, de Drentse boeren een toekomst bieden én de natuur- en waterkwaliteit herstellen en verbeteren.
‘Zonder natuur geen boeren’
Boeren die op de bijeenkomst in Rolde af zijn gekomen hebben over het algemeen een warm kloppend hart voor de natuur, maar ze zien de bui wel hangen. „Zonder natuur geen boeren”, zegt Sietske Hilhorst uit Een, „maar zonder boeren ook geen natuur. Bij ons aan de Haulerwijksterweg zaten allemaal boeren. Nu het hele stuk tot Norg nog maar twee. Op een gegeven moment houdt het wel op.”
De meeste aanwezige boeren zien ook het belang van een goede waterhuishouding. Maar vernatting – goed voor de natuur - leidt wel tot beperkingen in de bedrijfsvoering. „De dieren kunnen later in het jaar op het land en minder lang”, legt Giske Warringa uit Nooitgedacht uit. „En bepaalde gewassen kunnen niet meer op het land.”
En dan heb je natuurlijk nog de stikstofreductie die nodig zou zijn om ‘het land van het slot te krijgen’. Ook voor boeren van belang, want de vergunningverlening ligt op z’n gat door de stikstofregels.
Tienduizenden ganzen
Veel boeren weten niet of ze zich slap moeten lachen of de tranen uit de kop moeten janken om de natuurambities van de overheid. „Natuur? Natuur bestaat niet meer in Nederland. Alles is gemaakt”, zegt Eelco Hofman, die met zijn zwager Tiem van der Schans uit Leutingewolde is meegekomen.
Tiem heeft koeien en zag zijn achterland, de velden tussen Groningen en Roden, Eelde en Leek, de afgelopen decennia veranderen van een gevarieerd weidelandschap in de waterberging en natuur van De Onlanden. „Alleen maar riet en tienduizenden ganzen.”
Over de stikstofuitstoot van de ganzen zijn de geleerden het nog niet eens, maar het is voor deze boer wel de illustratie van het natuurbeleid: gevarieerde landbouwgrond weg. Weidevogels gevlogen. ‘Wensnatuur’ ervoor in de plaats, inclusief vele duizenden zich te pas en te onpas ontlastende ganzen.
Onrust en weerstand
Roelof Brink heeft zijn bedrijf een eindje verderop in Nietap. Hij kan de onrust en de weerstand onder de boeren in het noorden van de provincie wel begrijpen. Niet voor niets was het onrustig tijdens de bijeenkomst in Norg.
Het inrichten van De Onlanden als waterberging en natuurgebied ging gepaard met een gigantische opkoopoperatie en met verplaatsing van boeren. „Er is toen gezegd dat ze ons de komende dertig jaar wel met rust zouden laten”, zegt Brink. „En nu zijn we weer aan de beurt.”
Bestuurlijk geheugenverlies
Dit bestuurlijk geheugenverlies staat het vertrouwen tussen de boeren en de provincie enigszins in de weg. En dan heb je ook nog de voortdurende veranderende regelgeving. „Ik had eerst een extensief landbouwbedrijf”, zegt een van de boeren. „Ik doe nog steeds hetzelfde, maar inmiddels is mijn bedrijf intensief omdat de regels in de tussentijd zijn veranderd.”
Boeren moeilijker in zes gebieden
In zes gebieden in Drenthe wordt gewerkt aan ‘gebiedsspecifiek’ stikstofbeleid. Daar stapelen de uitdagingen qua natuur, stikstof en waterkwaliteit zich op. Boeren in zones rond deze gebieden (Drentse Aa, Elperstroomgebied, Witterveld, Zure Venen, Vledder Aa en Oude Diep) krijgen mogelijk te maken met strengere eisen.
Hoe je het ook wendt of keert: de plannen die Drenthe heeft met het platteland zal het de boeren nog moeilijker maken om hun bedrijf te voeren.
Onder druk
Hoewel de TLG Drenthe benadrukt dat de doelen in harmonie en in overleg behaald moeten worden, zullen bedrijven worden opgekocht en land aangekocht. Boeren komen onwillekeurig steeds meer onder druk te staan om ook te verkopen of hun bedrijf te verplaatsen. „Alle bedrijven om mij heen zijn al opgekocht”, vertelt Johan Speelman uit Anloo. „Ik wilde wel verplaatsen, dus heb ik mijn bedrijf aangeboden bij de provincie. Ze hadden er geen belang bij.”
De plannen zijn nog niet definitief, boeren kunnen een zogenoemde zienswijze indienen. De ervaring leert dat de provincie die voor het overgrote merendeel als ‘niet ontvankelijk’ terzijde schuift, grinnikt een van de agrariërs. „Toch vind ik het altijd leuk om even in de pen te klimmen.”
‘Veel twijfel’
„Mijn hoop is gevestigd op de Land- en Tuinbouworganisatie”, verzucht Hester Dilling uit Grolloo. „Dat er in overleg met de provincie een goed plan komt.”
De over het geheel genomen vrij monter de wereld inkijkende Sjaak van Essen van de LTO, afdeling Noord-Drenthe, kijkt ineens heel moeilijk, gevraagd naar de haalbaarheid van de provinciale plannen. „Ik denk dat het lastig wordt. Vooral over de stikstofreductie heb ik veel twijfel of we die gaan halen.”