In het Labyrint in Noordlaren gaat de lesdag net even anders: 'Op mijn vorige school kregen we een lijst met activiteiten die we in vakantie móésten doen'
Sommige leerlingen maken paddenstoelen. Inspiratie voor de bucketlist ontbreekt. Foto: Jaspar Moulijn
Een nieuwe middelbare school is dit jaar begonnen in het dorpshuis van Noordlaren. Het betreft een groep van achttien leerlingen. Ze zitten op een particuliere school naar sociocratisch concept. Met andere woorden: het gaat hier net een beetje anders.
De ruimte van het Labyrint op de bovenverdieping van het dorpshuis oogt huiselijk met een bank, grote planten en een barretje. De biljarttafel is met een houten plaat omgetoverd tot stamtafel. Het obstakel kan er niet uit, want de biljartclub van Noordlaren wil op de woensdag blijven spelen.
Op termijn hoopt directeur Linda van der Grijspaarde – in het dagelijks leven ook onderwijskundige – te groeien en een eigen gebouw te krijgen. Samen met twee anderen richtte ze de school op. Het Labyrint is een vervolg op de particuliere basisschool Buitenbasis, waar ze in 2021 mee begonnen.
Zelf tempo bepalen
Op deze fonkelnieuwe particuliere school mogen middelbare scholieren met vwo- tot vmbo-tl-niveau hun eigen tempo bepalen. Geen verplichte vakken in het pakket, maar vooral de vraag: waar ben je nieuwsgierig naar? Vakdocenten komen op aanvraag; kinderen kunnen kiezen óf en in welke vakken ze examen willen doen als ze de school verlaten. Niet alle dagen zijn efficiënt ingericht. De scholieren krijgen – zo is het idee – tijd en ruimte om zelf te ontdekken wat hun interesses en talenten zijn.
Het schoolconcept werkt niet voor alle kinderen, zegt Van der Grijspaarde. „Sommigen verwachten meer aanbodgestuurd onderwijs, waar zij minder initiatief hoeven te nemen. Zo gaat het niet. We bekijken per periode welke docenten we invliegen. Iedere docent is er meestal één dagdeel per week. Op de overige dagen werken de leerlingen zelfstandig aan het vak of het project waar deze docenten hen in begeleiden.”
Auke Hospers (13) is gek van muziek en werkt interviews uit met twee violisten en twee violenbouwers voor zijn muziekproject. Foto: Jaspar Moulijn
De leerlingen mogen met eigen projecten aan de slag: iets wat ze interessant vinden en waar eventueel schoolvakken aan gekoppeld kunnen worden. Nog niet iedereen heeft een project, dus de invulling is vrij. Een leerling leest een boek, de ander schaakt. Een derde zoekt met filmpjes op de telefoon uit hoe ze de mooiste handen kan tekenen.
Liz Bremmer (12) werkt alvast zelfstandig aan haar project waarmee ze geld wil ophalen voor de stichting Paard in Nood Spanje. Ze is gek op paarden, ze staan zelfs op haar jas. Aan haar project zijn vakken gekoppeld. De flyer maakt ze voor Nederlands. De financiën van de sponsoractie koppelt Bremmer aan wiskunde.
,,Ik wil later graag diergeneeskunde studeren. Daar moet ik in ieder geval de examens scheikunde, natuurkunde en wiskunde voor hebben gedaan.” Liz denkt dat dat op deze school wel gaat lukken. „Je werkt op je eigen manier. Als ik nu hard met wiskunde bezig zou gaan, zou ik volgend jaar alvast mijn examen kunnen doen.” In theorie weliswaar, want Liz verwacht niet dat ze haar vwo-6-examen al op 13-jarige leeftijd gaat doen.
Toename van dit type scholen
Particuliere scholen zoals het Labyrint nemen in aantal toe. Het aantal leerlingen op staatsvrije basisscholen (zonder overheidssubsidie) groeide van 530 in het schooljaar 2015/2016 naar 920 in 2019/2020. In absolute zin blijft de omvang bescheiden: dit is zo’n 0,07 procent van de totale leerlingenpopulatie in het primair onderwijs. Ook het totale aantal leerlingen op particuliere middelbare scholen neemt toe. Op B3-scholen (zie kader) groeide het aantal van 380 leerlingen in 2015/2016, naar 650 leerlingen in 2019/2020. Dit is 0,05 procent van de totale vo-populatie (Inspectie van het Onderwijs, 2021).
Toename scholen ook in Groningen en Drenthe
Ook in Drenthe en Groningen neemt het aantal zogeheten ‘staatsvrije’ scholen toe. Het afgelopen decennium werden opgericht: De Vuurvlinder in Nieuw-Buinen (2013), Ibbo Chalcedoon in Meppel (2015), Hoi Pippeloi in Veendam (2016), De Verwondering in Alteveer, gemeente Noordenveld (2017), De Triangel in Rolde (2017), De Ontmoeting in Assen (2019), De Woudloper in Assen (2020), Plan B in Stadskanaal (2020), Buitenbasis in Glimmen (2021). De meeste hiervan zijn basisscholen. Sommige bieden zowel basis- als middelbaar onderwijs.
Volgens een woordvoerder van de Onderwijsinspectie zijn er landelijk momenteel 86 scholen in het primair niet-bekostigd onderwijs en 35 in het voortgezet niet-bekostigd onderwijs.
Ook het aantal scholen met vrijere onderwijsconcepten neemt volgens de Onderwijsinspectie toe. Op de gevolgen daarvan, is de Inspectie kritisch. De variëteit zou leiden tot versnippering en een veelvoud van interpretaties wat goed onderwijs is. ‘Dat staat de kwaliteit en verbetering van het onderwijs mogelijk in de weg.’ (Staat van het Onderwijs 2019).
Voor sommige kinderen dé oplossing
Dat de Inspectie kritisch is, mag zo wezen, maar voor sommige tieners is deze manier van leren fijner. Zo zijn er op de school veel creatief (hoog)begaafde leerlingen, die moeite hebben met effectief en efficiënt leren. Bovendien zijn er kinderen die vastlopen in het reguliere onderwijssysteem. Zij kunnen moeilijk leren uit een boek, werden faalangstig als gevolg van de overmaat aan toetsen of raakten overprikkeld.
Dat geldt bijvoorbeeld voor Amarins Jonker (15). Zij zit op de bank en tekent oogpupillen in haar schetsboek. In de tweede klas ging Amarins van school, ze zou nu in de vierde zitten. „Het was te druk”, vertelt ze. „Ik kon het mentaal niet meer aan. Te veel huiswerk.” Ze zat een tijdje thuis en ging naar een educatieve dagbesteding. „Maar ik vind dit heel fijn. De sfeer hier is chill.”
Ooit wil ze haar examens wiskunde en Engels doen. Om haar wiskunde op peil te houden, schuift ze nog niet aan bij het wiskundeonderwijs van het Labyrint, maar kijkt ze mee in de boeken van haar zusje. Zij zit nog wel op een ‘gewone’ school. „Zij zit nu in de tweede, het punt waar ik afhaakte.”
Feline Hartman (14) en Amarins Jonker (15) liepen vast op hun vorige reguliere school. Foto: Jaspar Moulijn
Naast Jonker zit Feline Hartman (14) een Engels boek te lezen. Een scene uit het boek wil ze uiteindelijk gaan schilderen. Feline zat vorig jaar op een reguliere school in de derde klas. „We kregen allemaal nieuwe vakken. Door familieomstandigheden was ik een tijdlang weg. Het was lastig in dat systeem terug te komen. Ik bleef thuis vanwege de stress.”
Bucketlist
Leerlingen die deze morgen niet aan een eigen project werken, mogen aan de slag met een bucketlist. Dat is een lijst met zaken die je altijd nog eens wil gaan doen. Een van de leerlingen vertelt: „Op mijn vorige school kregen we een bucketlistmet activiteiten die we in de zomervakantie móésten gaan doen.”
Dat is nu bij uitstek niet de bedoeling op het Labyrint. Leerlingen moeten hier zelf bepalen wat ze willen bereiken. Groepscoach Natasja Dijkshoorn (45) legt het idee van de opdracht uit. „Dit helpt je om na te denken over wat je wil. Niet alleen dit schooljaar, maar in je hele leven. Later gaan we samen kijken hoe we die stappen kunnen zetten.”
Aan tafel wordt een bucketlist gekleid door leerlingen die niet met een project bezig zijn of willen. Foto: Jaspar Moulijn
De bucketlistmag je van Dijkshoorn op elke mogelijke manier maken. Op papier, achter de laptop, door te schilderen of te kleien. Onmiddellijk storten vier leerlingen zich al kletsend op een blok klei. Ze maken paddenstoelen. Die hebben niet zoveel met hun bucketlistte maken, want ze hebben nog niet echt inspiratie. Dat deert Dijkshoorn niet. Die ruimte moet er zijn.
Sociocratische school
Over ruimte gesproken: het Labyrint is een ‘sociocratische school’. Dat betekent dat leerlingen democratisch mogen stemmen over leer- en leefregels op school. Wijzigingen moeten de leerlingen gezamenlijk dragen, er mag geen niet onderbouwd bezwaar zijn tegen ingebrachte voorstellen. Zo praatten leerlingen eerder mee voor kortere schooldagen en stemden ze in met een ‘ontprikkelhoekje’ in de klas.
Het laatste voorstel kwam van een leerling die graag eens per week haar hond mee wil nemen. Klassencoach Dijkshoorn begeleidde die stemmingen. „Toen werd er gevraagd: ‘Is hij lief?’ ‘Hoe groot is hij?’ ‘Is hij zindelijk?’ Uiteindelijk is het voorstel aangenomen met een proeftijd tot de kerst.”
Zelfstandige leerlingen
De stem van leerlingen is dus duidelijk hoorbaar. De activiteiten zijn in vergelijking met regulier onderwijs behoorlijk vrij. Dat is prettig voor de kinderen, maar bereidt het hen ook goed voor op de toekomst? In de vervolgopleiding of latere loopbaan zullen ze immers wel weer schema’s moeten volgen van een docent of baas.
Volgens directeur Van der Grijspaarde kunnen leerlingen na deze school juist nuttige bijdrages leveren. ,,In je werk en opleiding wordt zelfstandigheid verwacht. Je kunt je afvragen of het reguliere onderwijs kinderen daar wel goed genoeg op voorbereidt. Wij leveren leerlingen die in staat zijn om zelf het heft in handen te nemen. Gepersonaliseerd leren vereist van leerlingen specifieke vaardigheden die zij meestal nog niet hebben als zij starten in het Labyrint.”
Een van de leerlingen die dat al goed lijkt te kunnen, is een 17-jarige meisje dat niet met haar naam in de krant wil. Ze valt op in de groep, want ze is hard aan de studie. Op deze school gaat ze (verdeeld over twee jaar) eindexamen doen in natuurkunde, wiskunde B, scheikunde, biologie, Nederlands, Engels en Chinees. Dat moet ze behoorlijk zelfstandig aanpakken. Haar vragen spaart ze op en stelt ze eens per week aan de vakdocenten die speciaal daarvoor langskomen. ,,Ik vind het niet moeilijk. Ik kan goed organiseren. Al moet ik soms wel mijn best doen om motivatie te vinden.”
Kritiek: kwaliteit en kosten
Staatsvrije scholen als het Labyrint worden om twee redenen weleens bekritiseerd. Allereerst omdat de kwaliteit van de scholen moeilijker meetbaar is. Het kabinet wil daarom ook de regels voor privéscholen aanscherpen, maakte minister Dennis Wiersma (Primair en Voortgezet Onderwijs) vrijdag bekend. De bewindsman vindt dat zulke scholen nu te makkelijk kunnen beginnen.
De minister wil ,,meer kennis hebben van een initiatief voordat daadwerkelijk les wordt gegeven aan leerlingen”. De Onderwijsinspectie moet kijken of aan alle eisen wordt voldaan vóór een school begint.
Het inspectiekader voor B3-scholen zoals het Labyrint is ruimer dan die op een reguliere middelbare school. B3-scholen kunnen daardoor vrijere vormen kiezen, maar krijgen om die reden geen overheidsbijdrage. De scholen mogen geen schoolexamens afnemen. (Ter achtergrond: B1 is regulier onderwijs en B2-scholen zijn ook privéscholen, maar mogen wel zelf examens afnemen. Het Luzac in Groningen is daar een voorbeeld van).
Omdat de overheid niet betaalt, brengt zo’n privéschool voor ouders hoge kosten met zich mee. Een jaar les op het Labyrint kost dit schooljaar 3960 euro. Te duur voor de ‘gewone’ man, luidt de kritiek. Een B2-school is overigens nog veel duurder. Zo kost het Luzac ruwweg tussen de 23.000 en 27.000 euro per jaar.
Zulke bedragen kunnen leiden tot segregatie oftewel scheiding tussen groepen. ‘We zien dat leerlingen elkaar steeds minder tegenkomen doordat de (sociaal-economische) segregatie in het onderwijs groeit’, stelt de Onderwijsinspectie in het rapport De Staat van het Onderwijs uit 2019. ‘Conceptscholen’ met experimentele onderwijsvormen zoals op het Labyrint zouden daaraan bijdragen.
Ardan van de Graaf, medeoprichter van het Labyrint, erkent dat de school een ,,fors maandbedrag” van ouders vraagt. ,,Niet iedereen kan die keuze maken. Onze ambitie is om door te groeien naar tachtig leerlingen in vier groepen met enkele plekken waarvoor ouders een lager bedrag hoeven te betalen. Die kosten worden dan onder de andere ouders verdeeld.”