Puck Horstman, 72 jaar en nog altijd actief als voetbaltrainer. Volgend seizoen heeft hij de eerste selectie van DVC'59 in Nieuw-Dordrecht onder zijn hoede. Foto: Boudewijn Benting
Dick Advocaat is inmiddels 76 en is nog altijd voetbaltrainer. Zuidoost-Drenthe heeft zijn eigen Dick Advocaat, Puck Horstman. Hij coachte de wereld aan clubs en na de zomer krijgt de 72-jarige Emmenaar de eerste selectie van DVC ’59 uit Nieuw-Dordrecht onder zijn hoede. De laatste klus voor deze voetbalfanaat? ,,Zeg nooit nooit.’’
C. Horstman. Het staat op een bordje bij de deur van het appartementencomplex waar Puck Horstman met zijn vrouw Jannie sinds enkele jaren woont. C. Horstman? Klopt dat wel? Horstman grijnst. ,,Jazeker wel. Mijn officiële naam is Catrinus, maar vrijwel niemand weet dat en niemand noemt mij ook zo. Sterker nog, ik reageer niet eens als iemand Catrinus roept. Iedereen kent mij als Puck. Mijn opa noemde mij Puckie omdat ik vroeger zo’n klein ventje was. Later, toen ik wat was gegroeid, werd dat dus Puck.’’
Zeg je Puck Horstman, dan zeg je voetbal. Hij speelde zelf jarenlang in de top bij de amateurs en daarna begon hij een loopbaan als trainer die tot op de dag van vandaag nog niet voorbij is. Net als Dick Advocaat geniet hij nog altijd van het werken met jonge spelers en wordt hij nog altijd voor klussen gevraagd. Momenteel traint hij de dames van HOVC, de club die ontstond door een fusie van Hunso (Exloo), Oring (Odoorn) en Valther Boys en volgend seizoen staat hij aan het roer bij de eerste herenselectie van DVC ’59 uit Nieuw-Dordrecht.
Puck Horstman met zijn plakboeken met daarin foto's en krantenknipsels uit de periode waarin hij zelf voetballer was. Hij werd twee keer landskampioen. Foto: Mediahuis
Voor Horstman betekent dit een terugkeer op vertrouwde grond. DVC ’59 is de club waar hij zelf als jochie met voetballen begon. ,,Bijzonder om daar nu na zoveel jaren weer als trainer terug te komen? Ja, dat vind ik wel, al zijn de meeste mensen die ik daar leerde kennen als speler natuurlijk al lang en breed overleden. DVC ’59 heeft tegenwoordig een vrij jonge selectie en het bestuur zocht daar een ervaren trainer bij. Nou, dan zijn ze bij mij wel aan het goede adres. Gebrek aan ervaring heb ik zeker niet.’’
Voetballende postbode
Puck Horstman is geboren in Zwartemeer en groeit op in een gezin met vier zussen. Zijn vader Klaas werkt in het veen en later bij de ENKA-fabriek in Emmen. ,,Ik was vier toen we verhuisden naar Nieuw-Dordrecht. Het duurde maar even of mijn vader zat daar in het bestuur van DVC ’59. Hij was een groot voetballiefhebber, speelde als jonge vent eerder zelf in het eerste van EBO in Zwartemeer. Zelf was ik een jaar of zeven toen ik bij DVC ’59 ging voetballen. Op mijn zestiende debuteerde ik in het eerste.
Puck Horstman (rechtsonder) als speler van DVC'59 uit Nieuw-Dordrecht. Foto: Henny Kroon
Voetballen gaat Horstman beter af dan leren op school. ,,Daar had ik ook totaal geen aardigheid in. Na de lagere school ben ik bij een boer aan het werk gegaan. Op mijn zeventiende werd ik postbode. Die baan kon ik krijgen als ik van DVC ’59 overstapte naar VV Emmen. Zo ging dat in die tijd. Naast Emmen toonde ook profclub Cambuur uit Leeuwarden interesse. Daar kon ik op amateurbasis aan de slag. Dat leek mij wel wat, maar het ging niet door. Thuis hadden we geen auto, daar was geen geld voor. Tja, en dan kun je dus ook niet steeds op en neer richting Leeuwarden.’’
De overstap naar VV Emmen in 1973 betekent dat Horstman op een hoger niveau gaat spelen. De club, die haar thuisduels in die jaren afwerkt op het sportpark aan de Kerkhoflaan, komt uit in de eerste klasse. Horstman pakt er een plakboek bij, met daarin krantenknipsels die zijn schoonmoeder in de loop der jaren voor hem verzamelde. Zijn oog valt op een in de jaren zeventig door Evert ten Napel geschreven artikel dat werd afgedrukt in de Emmer Courant. Horstman vertelt in het stuk onder meer over zijn overgang van DVC ’59 naar ‘het grote Emmen’ en dat hij daar best wel tegenop ziet.
De eerste tik
,,Opeens trainde ik met jongens van wie de namen op maandag vaak vetgedrukt in de krant stonden. Maar, en dat vond ik geweldig, ze accepteerden me dadelijk en allengs begon ik me zekerder te voelen. Toch was ik er verbaasd over dat ik direct in het eerste oefenduel al mee mocht doen. Het liep toen gesmeerd en ik ben erbij gebleven’’, laat Horstman de latere NOS-commentator optekenen. Ook geeft Horstman aan dat het er in het veld in de eerste klasse hard aan toegaat en dat je goed moet kunnen incasseren. Dat is geen probleem. ,,Meestal zorg ik er wel voor dat ik de eerste tik uitdeel’’, zo geeft hij aan.
Puck Horstman in 1976, voor de hoofdtribune van het sportpark aan de Kerkhoflaan in Emmen. Foto: Boudewijn Benting
Horstman glimlacht bij het lezen van het oude krantenartikel. ,,Ik was een type Neeskens. Hard, fanatiek en nergens bang voor.’’ In tegenstelling tot Neeskens is Horstman evenwel overal inzetbaar, van linksachter tot rechtsbuiten. ,,Trainer Piet van Brummelen zette mij bij Emmen op een gegeven moment in de spits en dat ging me ook wel goed af. Ik was zeker niet de beste of meest talentvolle speler van het team, maar ik had wel een goed overzicht en een redelijk schot. Doordat ik als spits bij Emmen best vaak scoorde, kwam ik op de noordelijke topscorerslijst te staan.’’
In 1974 vertrekt Van Brummelen als trainer van Emmen en hij wordt opgevolgd door Koen Schonewille, die daarvoor Valthermond onder zijn hoede had. Qua oefenstof is Schonewille volgens Horstman minder dan Van Brummelen, maar Schonewille heeft wel een andere grote kwaliteit: hij weet als geen ander van een ploeg een eenheid te maken. Emmen is zeker in die tijd een club waar teams uit kleinere dorpen dolgraag van willen winnen. Vooral de clubs uit de veengebieden spugen voor die wedstrijden flink in de handen. Vaak geeft Emmen dan niet thuis, maar onder leiding van Schonewille verandert dat en pakt Emmen ook in de allerzwaarste derby’s wel de punten.
Dierenpark
Het seizoen 1974 - 1975 is voor de amateurs van Emmen, die inmiddels in de hoofdklasse voetballen, het absolute hoogtepunt in de clubhistorie. Op 13 april 1975 wordt het team bij Germanicus in Coevorden voor 4500 man kampioen van de hoofdklasse B. Met de kampioenen uit de andere twee hoofdklassen – RBC uit Roosendaal en Rood-Wit Amsterdam – moet Emmen daarna bepalen wie de landelijke titel bij de zondagamateurs verdient. In een bloedstollende competitie trekt Emmen aan het langste eind. Ruim tweeduizend Emmen-supporters zijn erbij als op 1 juli 1975 in Amsterdam het beslissende laatste puntje wordt binnen gehaald.
Het affiche voor de wedstijd Rood-Wit Amsterdam tegen Emmen. In dit duel behaalde Emmen de landelijke titel bij de zondagamateurs. Foto: Archief DvhN
Horstman: ,,Met een team van mijn werkgever PTT ben ik ook een keer Nederlands kampioen geweest, maar die titel met Emmen had natuurlijk veel meer waarde. De aankomst in Emmen na die zege in Amsterdam was een ware triomftocht. Er was heel veel volk op de been en van een clubsponsor kregen we allemaal een platenspeler cadeau.’’
Alle remmen gaan los en de selectie van Emmen viert dagenlang feest. Dat er nog een strijd wacht tegen zaterdagkampioen Spijkenisse om de algehele landelijke amateurtitel, daar maakt niemand zich druk over. Met alle gevolgen van dien. Emmen gaat kansloos ten onder. Horstman: ,,Achteraf gezien hebben we dat natuurlijk niet slim aangepakt. We hadden ook vol voor die algehele amateurtitel moeten gaan. Zo’n kans heeft Emmen daarna nooit meer gehad. En ik ook niet.’’
Puck Horstman in 1982 als speler van WKE, de club van het Emmer woonwagenkamp. Foto: Foto Benting
Schonewille blijft nog drie jaar, maar kan het succes in zijn debuutseizoen bij Emmen niet meer evenaren. De magie lijkt uitgewerkt en de relatie tussen de trainer en Horstman verslechtert. ,,Koen Schonewille kon niet goed tegen kritiek. In de krant zei ik een keer dat Van Brummelen de beste trainer was waarmee ik had gewerkt. Nou, dat was dus tegen het zere been van Schonewille.’’
In 1978 escaleert het. Emmen is vrij, maar op het laatste moment wordt er een oefenduel tegen stadgenoot WKE ingelast. Horstman baalt, want hij had zijn vrouw beloofd dat hij die dag met haar en de twee kinderen naar de dierentuin zou gaan. Op het sportpark krijgt Horstman te horen dat hij wissel staat. Hij maakt rechtsomkeert en gaat alsnog met zijn gezin naar het dierenpark.
Vonken
Als Horstman zich de dinsdag weer op de training meldt bij Emmen, krijgt hij van Schonewille te horen dat op zijn aanwezigheid geen prijs meer wordt gesteld. De trainer wordt gesteund door voorzitter Jan Veenstra en de rest van het bestuur en Horstman pakt zijn biezen. Zijn nieuwe club is WKE, de club van het Emmer woonwagenkamp. ,,Bij Emmen kreeg ik niets, bij WKE kon ik ook nog wat verdienen. Dat was mooi meegenomen.’’
Horstman voelt zich meteen thuis bij WKE, dat een goede selectie heeft en in 1981 promoveert naar de hoofdklasse. ,,Dat betekende twee keer per jaar de derby tegen Emmen met vele duizenden mensen langs de lijn. De vonken vlogen ervan af. Die wedstijden mocht je gewoon niet verliezen.’’
Puck Horstman, staand rechts, als trainer van de A1-jeugd van WKE uit Emmen. Foto: Collectie Puck Horstman
Vijf jaar speelt Horstman voor WKE en in die periode haalt hij zijn trainersdiploma’s. ,,Ik vond voetbal zo leuk, daar wilde ik mee door als ik zelf als speler was gestopt.’’ Als WKE-trainer Eli Voskamp vanwege ziekte een paar maand uit de running is, neemt Horstman als speler/coach de honneurs waar. Daarnaast zet hij zich bij de club in als jeugdtrainer. ,,Met die jonge gastjes werken, zien of ze iets oppikken van wat je zegt, ze echt beter zien worden. Dat is zo prachtig om te doen.’’
Als Horstman overstapt van WKE naar SVBC in Barger-Compascuum, wordt hij daar in eerste instantie speler/coach. Twee jaar later stopt hij als speler en richt hij zich alleen op het coachen van het eerste team.
De lijst van clubs waarvoor Horstman zich daarna verdienstelijk maakt, is lang. Hij traint de eerste selecties van VIOS (Oosterhesselen), EHS ’85 (Emmen), EEC (Ees), SJS (Stadskanaal), SC Angelslo (Emmen), Weiteveense Boys, Raptim (Coevorden), Minjak (Schoonebeek), SVV ’04 (Schoonebeek), CEC zaterdag (Emmer-Compascuum), TEVV (2e Exloërmond), DZOH (Emmen), KSC (Schoonoord), Valther Boys, HODO (Hollandscheveld) en Erica ’86 (Erica). De laatste ruim anderhalf jaar staat hij voor het enige damesteam van HOVC (Odoorn) en na de zomer gaat hij bij DVC ’59 (Nieuw-Dordrecht) aan de slag.
Vrouwen
Horstman maakt als trainer meerdere keren een promotie mee, maar is ook twee keer vanwege tegenvallende resultaten tijdens het seizoen ontslagen. ,,Dat ontslag was bij EHS ’85 en bij Weiteveense Boys. Ach, als je zolang trainer bent, heb je soms ook met tegenslagen te maken. Natuurlijk is zo’n ontslag niet leuk, maar ik hou daar geen nare gevoelens aan over. Bij EHS ’85 heb ik in mijn periode als trainer nog meegeholpen om het omroephokje te bouwen en mijn schoonvader maakte daar de kleedkamers schoon. In mijn periode bij EHS ’85 ben ik ook een keer gepromoveerd. En Weiteveense Boys? Daar heb ik ook nog altijd goede contacten. We hadden dat jaar gewoon te weinig kwaliteit om ons te handhaven.’’
Puck Horstman met een van de speelsters van HOVC, het team dat hij tegenwoordig traint. Het uitstapje naar damesvoetbal blijft voor de Emmenaar beperkt tot deze ene club. Foto: Boudewijn Benting
Horstman was als speler fanatiek en dat is hij als coach ook. Maar hij is geen type dat langs de lijn staat te schreeuwen. ,,Aan dat soort trainers had ik zelf als speler altijd een hekel. En je helpt je team er ook niet mee. Voor schreeuwen tegen de scheidsrechter geldt hetzelfde verhaal.’’
Het trainen van vrouwen, wat hij nu doet bij HOVC, is iets dat Horstman niet weer gaat doen. ,,Een oud-collega van de PTT die bij HOVC actief is vroeg me om coach te worden van de vrouwen. Het leek me wel wat, maar gaandeweg blijkt het niet bij mij te passen. Het is heel anders dan bij de mannen, je moet veel meer op je woorden letten. Bij mannen gaat het er allemaal directer aan toe en daar voel ik me gewoon plezieriger bij.’’
Nog een paar maanden en dan wacht het eerste mannenteam van DVC ’59, de club waar Horstman als ventje zijn voetballoopbaan begon. De cirkel is rond, om met Louis van Gaal te spreken. Is dit zijn laatste club?
Horstman grijnst. ,,Dat zou best wel eens kunnen. Maar toen ik in 2017 bij SVBC in Barger-Compascuum aan de slag ging, werd ook gezegd dat de cirkel rond was. Omdat ik toen terugkeerde naar de club waar ik ooit als trainer was begonnen. We zullen zien of DVC ’59 mijn laatste club is. Zolang ik het nog leuk vind en clubs mij willen hebben, ga ik door. Ik mag me gelukkig prijzen, dat realiseer ik mij terdege. Dat ik nog zo gezond ben, dat ik dit allemaal nog met plezier kan doen. Heel wat oud-ploeggenoten van mij kampen met gezondheidsproblemen of zijn er al niet meer.’’