Molukse meiden lopen het sportterrein af met op de achtergrond van links naar rechts barak 7, 12, 15, 16 en een kolenberging. Foto: Drents Archief / fotocollectie Drents Museum
De ruim vijftig Molukse kindergrafjes in Hooghalen moeten een bijzondere status krijgen. Veel Molukse kinderen stierven tijdens de eerste jaren van hun verblijf in Kamp Schattenberg, het voormalige Kamp Westerbork.
Ziekten als tbc en tyfus, het koude Nederlandse klimaat, andere voeding, slechte hygiënische omstandigheden in de barakken. Een combinatie van deze factoren verklaart de hoge kindersterfte in kamp Schattenberg, waar van 1951 tot 1971 KNIL-militairen en hun gezinnen werden ondergebracht.
Zeker vijftig kinderen liggen rij aan rij begraven op het kerkhof in Hooghalen. Sommigen nog geen jaar oud. Velen van hen overleden in de beginjaren van kamp Schattenberg, in de jaren 1951 tot en met 1955.
De stichting Maluku4Maluku wil erkenning van deze grafjes. Ze moeten een bijzondere status krijgen, waarbij de gemeente Midden-Drenthe moet voorkomen dat de grafjes worden geruimd. De Molukse gemeenschap moet zich inzetten voor het onderhoud van de kindergraven.
De stichting heeft burgemeester Mieke Damsma een brief geschreven over de aparte status van de kindergrafjes en wil dit met haar bespreken. Voorzitter Leo Reawaruw van Maluku4Maluku heeft vorige week samen met D66-raadslid Marten Leistra het kerkhof in Hooghalen bezocht. Leistra: ,,Ik was verbaasd over het aantal kindergraven, met name uit de beginperiode van kamp Schattenberg. Hier ligt een bijzonder stukje geschiedenis.”
Leistra steunt het initiatief van Maluku4 Maluku om de kindergrafjes een bijzondere status te geven. In de commissievergadering van woensdag wil hij van burgemeester Damsma de stand van zaken weten over deze status en of er al een afspraak met Reawaruw is gepland.
Damsma was een van de burgemeesters die in maart dit jaar een brief ondertekende waarin het nieuw te vormen kabinet werd oproepen het leed te erkennen dat de Molukkers is aangedaan. In maart was het 70 jaar geleden dat de eerste KNIL-militairen en hun gezinnen per boot vanuit Nederlands-Indië in Nederland aankwamen.
Behalve de kindergrafjes ligt er ook het verzoek van Maluku4Maluku om de graven van overleden KNIL-militairen en hun vrouwen in Hooghalen en Bovensmildede aparte status te geven. Een soortgelijk verzoek is ook aan de gemeenten Assen en Hoogeveen gedaan, die ook een grote Molukse gemeenschap kennen.
Vorige week had Reawaruw een gesprek met burgemeester Marco Out en wethouder Bob Bergsma van Assen over de 170 graven van KNIL-militairen en hun echtgenoten op begraafplaats De Boskamp. ,,Hun nabestaanden kunnen bij ons een aanvraag indienen om voor de status in aanmerking te komen. We hebben er zo’n vijftig binnen”, zegt Reawaruw.