Ron Rogaar en Caroline Visser in hun schapenstal. Foto: Marcel Jurian de Jong
Schaapsherders Ron Rogaar (64) en Caroline Visser (63) staken decennialang hun ziel en zaligheid in het Witterveld. Maar na 33 jaar is het door hen zo geliefde natuurgebied opeens hun grootste vijand geworden, met desastreuze gevolgen.
Het plenst, voor het eerst in weken. Een zucht van verlichting trekt bijna hoorbaar door het Witterveld. De regen voelt aan als een welkome vriend, het gras is platgeslagen door het hemelwater. In de stal van de Asser schaapsherders Ron Rogaar en Caroline Visser, aan de rand van het natuurgebied, ritselen schapen door het stro.
Hier, aan de Witterweg, is het domein van Landschapsbeheer Witterveld. Tien jaar geleden zette het herderspaar op deze plek het levenswerk om in steen, cement en hout. Ze lieten er hun woning bouwen, een stal waarin zevenhonderd ooien droog kunnen staan en een kapschuur, van waaruit Visser opereert met haar trainingscentrum voor herders in spe.
Naargeestige werkelijkheid
Een prachtplek, zeiden Rogaar en Visser toen. Een rotplek, zeggen ze nu. In sneltreinvaart ontspon zich hier een naargeestige werkelijkheid, waar de natuurbeheerders nooit rekening mee hadden gehouden: de schaapsherders verloren hun opdracht om het Witterveld te onderhouden en daarmee werd in één klap de juridische bodem onder hun bedrijf weggeslagen.
Een wending met grote gevolgen. De Witterveld-schapen en -runderen zijn al geslacht, hun bedrijf is onverkoopbaar, hun pensioen gaat in rook op en al die stress leidde -naar eigen zeggen- tot ernstige hartproblemen bij Ron Rogaar. De constatering snijdt dwars door hun ziel: het door hen bezongen Witterveld hangt nu als een molensteen om hun nek.
‘Way of life’
Als iemand het Witterveld als zijn broekzak kent, dan is het Ron Rogaar. Sinds 1989 doet hij het onderhoud van het natuurgebied. Zijn schapen vreten de taaie grassen, kruiden en twijgen op, zodat het Witterveld blijft zoals hetsinds mensenheugenis is: hoogveen, afgewisseld met heide. Het natuurgebied van 475 hectare geniet bescherming via een Natura 2000-status.
In 2013 noemt hij zijn begrazingsbedrijf naar het gebied waar hij actief is: Landschapsbeheer Witterveld. Vlak na de eeuwwisseling treedt ook zijn vrouw Caroline toe tot het bedrijf. Gezamenlijk delen ze een diepgewortelde passie voor het hoeden van schapen. „Het is een way of life”, zegt Rogaar.
Het herderspaar is een bekende verschijning in Assen. Behalve op het Witterveld grazen hun schapen ook in de Asser woonwijken Marsdijk en Kloosterveen. Dat levert altijd vrolijke taferelen op, met de schaapskudde uit Witten die één keer per jaar dwars door het centrum van de Drentse hoofdstad trippelt naar begrazingsgebied De Landjes bij Marsdijk.
‘Werken ten gunste van de natuur’
Begrazing door schapen is een schoolvoorbeeld van duurzaam boeren, de toekomst waar de overheid op termijn naartoe wil. Onderaan de streep reduceren de schapen meer stikstof in het Witterveld dan ze uitstoten. Bovendien is schapenbegrazing een vorm van extensieve veeteelt – de tegenhanger van intensieve veeteelt – omdat de schapen grotere en telkens andere stukken land kort houden.
„We doen”, zegt Rogaar, zittend in de kantine naast de stal, „echt aan natuurlijk beheer. Schapen vergroten de biodiversiteit. Ze verspreiden bijvoorbeeld kruiden via hun vacht naar andere gebieden. We werken ten gunste van de natuur.”
Contracten stilzwijgend verlengd
In de beginperiode werkt Landschapsbeheer Witterveld naar volle tevredenheid in opdracht van de gemeente Assen. Die draagt het natuurgebied in 2005 over aan het ministerie van Defensie, dat op het Witterveld een schietbaan in gebruik heeft. Op dat moment is er geen vuiltje aan de lucht.
In de overdrachtsakte tussen Assen en Defensie staat opgenomen dat voor Rogaar een uitzonderingspositie geldt. Die houdt in dat hij het natuurbeheer mag blijven doen, zoals altijd.
Niemand die het in z’n hersens haalt om prijzen te indexeren. Er wordt gewerkt vanuit vertrouwen, zegt Rogaar. „We hadden er meer geld voor kunnen vragen. Maar waarom zouden we? De onderlinge sfeer was goed en dit was onze grote passie.” Waarom iets veranderen als alles op rolletjes loopt? „Contracten werden stilzwijgend met één jaar of twee jaar verlengd. Daar dacht je niet over na.”
Het Witterveld groeit mettertijd uit tot hun tweede thuis. In gedachten zie je ze lopen, naast elkaar, drijfstok in de hand, de kudde rennend voor hen uit, Daniël Lohues zingt zachtjes Elke straote ken ik, elke bocht.
Ron Rogaar en Caroline Visser hebben inmiddels veel papierwerk verzameld. Foto: Marcel Jurian de Jong
Grote stap, zonder vergunning
In 2013 zetten Rogaar en Visser een grote stap: ze willen voor 1,1 miljoen euro een kast van een schapenstal bouwen aan de rand van het Witterveld, plus een huis en een flinke kapschuur. Met enkele hectare land erbij kunnen ze daar hun bijna tweeduizend schapen kwijt net als een handvol Galloway-runderen.
Ze zien het helemaal voor zich. Een uitvalsbasis aan de rand van het Witterveld, waar je met een gunstige windrichting de schapen in het veld kan horen blaten. Idyllischer kan niet.
Iedereen – provincie Drenthe, gemeente Assen en Defensie – is enthousiast. In principe is de schapenboerderij zo door de ambtelijke molen. De provincie Drenthe slaat aan het rekenen en concludeert dat een Wnb-vergunning (Wet natuurbescherming) niet nodig is. Immers, het werk van Rogaar en Visser draagt juist bij aan natuurbeheer. En, zo schrijft de provincie in een brief die is ingezien door Dagblad van het Noorden: ‘Per saldo verdwijnt er meer stikstof uit het gebied dan er wordt toegevoegd’.
Wankele basis
Een diepe zucht klinkt aan tafel. Visser kijkt strak voor zich uit, Rogaar bladert door een van de vuistdikke mappen vol papierwerk. „Als we geweten hadden dat dit erachter weg zou komen ...”, begint Visser. Korte stilte, ze schudt haar hoofd. „Nee, dan waren we hier nooit aan begonnen natuurlijk.”
Hadden ze tien jaar geleden maar nooit ingestemd met een schapenboerderij zónder natuurbeschermingsvergunning. Zonder Wnb-vergunning is hun bedrijf gebouwd op juridisch drijfzand. In principe komt die constructie erop neer dat hun aanwezigheid aan de rand van Witterveld wordt gedoogd zolang ze met hun schapenbegrazing de stikstofdeposities in het Natura 2000-gebied omlaag brengen.
Een wankele basis, helemaal met de wetenschap dat hun license to operate in het Witterveld vooral gebaseerd is op goed vertrouwen van de gemeente Assen en Defensie én resultaten uit het verleden. Die uitzonderingspositie is nooit zwart-op-wit gezet.
Wereld anders na opblazen PAS
Inmiddels ziet de wereld er heel anders uit. Er is een groot stikstofprobleem dat Nederland in een greep houdt. De Raad van State blies vier jaar geleden het Programma Aanpak Stikstof (PAS) uit 2015 op, waarmee de uitbreidingen van honderden boeren die dichtbij een natuurgebied zitten ineens illegaal werden.
Vanaf dat moment werd het voor Rogaar en Visser pijnlijk duidelijk: als de opdracht op het Witterveld uit hun handen zou glippen, zou hun bedrijf in één keer illegaal worden. Want hun aanwezigheid aan de rand van het natuurgebied werd tot die tijd gelegitimeerd door hun tegenprestaties in het Witterveld.
In 2013, op het moment dat Rogaar en Visser hun handtekeningen onder de koop- en hypotheekakte zetten, is er nog niets aan de hand. „Het was toen een totaal andere tijd. Niemand had dit voorzien in 2013. Over stikstof werd eigenlijk helemaal niet nagedacht”, zegt Rogaar. En dus gaat in 2013 de bouw van de schapenboerderij onverdroten door. Landschapsbeheer Witterveld bloeit.
Ron Rogaar en Caroline Visser kunnen geen kant op met hun schaapskudde. Foto: Marcel Jurian de Jong
Tegenwind van Rijksvastgoedbedrijf
In 2016 volgt een sleutelmoment: het Rijksvastgoedbedrijf neemt het beheer van het Witterveld over van Defensie. Vanaf dat moment draait de wind voor Rogaar en Visser. De vastgoedtak van de Rijksoverheid gaat in eerste instantie verder met de diensten van de herders, maar laat meteen doorschemeren het beheerbeleid op termijn te willen veranderen.
Vanwege de toenemende droogte in de zomers moet het aantal grazende schapen op het Witterveld volgens een ecologisch onderzoek worden teruggebracht. Bovendien wil het Rijksvastgoedbedrijf een ‘marktconforme prijs’ voor het natuurbeheer. „Ze hebben gezegd dat ze ons te duur vonden”, zegt Visser. Rijksvastgoedbedrijfwoordvoerder Loek Houtepen houdt het erop „dat onderzoek is gedaan naar concurrerende prijzen” en dat de herders kunnen meedraaien in een aanbestedingsprocedure.
‘Domme schapenboeren’
De relatie tussen de herders en het Rijksvastgoedbedrijf verslechtert zienderogen. Rogaar en Visser reppen over intimiderend gedrag van de terreinbeheerder, een man die zich volgens het herderspaar autoritair opstelt. Het zijn aantijgingen waarop woordvoerder Houtepen niet wil ingaan. Rogaar snuift. „Je wordt neergezet als een stel domme schapenboeren. Zo van: ‘je wordt ervoor betaald en verder mag je je nergens mee bemoeien’. Terwijl wij al 33 jaar actief zijn op het Witterveld.”
Konkelend en ruziënd verstrijken de jaren, tot december 2022. Dan stopt de beheersovereenkomst met het Rijksvastgoedbedrijf. De terreinbeheerder kan naar eigen zeggen niet voldoen aan „de gestelde eis” van Rogaar en Visser. Over welke eis dat gaat, laat Houtepen zich niet uit. Rogaar en Visser wel: „Dat ging over de terreinbeheerder. Wij wilden niet langer met deze man samenwerken.”
De twee partijen komen er niet uit.
Hartproblemen en geldzorgen
Een bruusk einde van een tijdperk op het Witterveld. „Meteen hebben we de schapen die op het Witterveld graasden naar de slacht gedaan. De runderen hadden we eerder al weggedaan”, zegt Visser bijna onderkoeld. Ze neemt een slok van haar thee.
Rogaar is inmiddels vertrokken voor zijn hartrevalidatie. Een maand geleden werd hij met zware hartklachten per ambulance afgevoerd naar het ziekenhuis. Sindsdien zit hij in een intensief hersteltraject.
„Dit heeft ons diep geraakt. Er zijn ooit verwachtingen gewekt die niets waard bleken”, zegt Visser. Zonder Wnb-vergunning zitten ze met een onverkoopbare stal, waarin hooguit caravans kunnen worden gestald, en daarmee tegelijkertijd met een woning die voor tonnen ‘onder water’ staat.
Het financiële gat van het Witterveld proberen ze te dichten door schapen te laten grazen bij zonneparken in onder meer Pesse en Buinerveen, zodat daar het gras netjes kort blijft. De hele gang van zaken leidt tot stress, slapeloze nachten en fysieke malheur.
‘Onze hoop is klein’
„We zitten klem. Het bedrijf was ons pensioen, dus je kunt stellen dat ons pensioen in rook opgaat. We kunnen niet worden uitgekocht, omdat de uitkoopregeling alleen geldt voor pluimvee-, varkens- en koeienhouders”, zegt Visser. Ze maakt een wijds armgebaar. „Waar moeten we heen?”
In een laatste poging om de meubels te redden, heeft het herderspaar een adviesbureau in de arm genomen die de mogelijkheden bestudeert om toch een Wnb-vergunning los te peuteren bij de provincie. Rogaar en Visser spraken met gedeputeerde Henk Jumelet (CDA) over hun situatie en kansen op een vergunning.
Ze verwachten er niet veel van. „Onze hoop is klein. Jumelet is hier twee keer geweest. Daarna hebben we niets meer van de provincie vernomen. Ik denk dat de provincie bang is dat ook PAS-melders dan een vergunning willen”, zegt Visser.
Ze loopt naar buiten, waar het is gestopt met regenen. Een rondleiding volgt over het enorme terrein. In de verte de druipende eiken van het Witterveld, Visser duikt snel de kapschuur in.
Schoonheid en ellende, op een steenworp afstand van elkaar.
Het herderspaar is vergroeid met het Witterveld. Foto: Marcel Jurian de Jong
Nog geen opvolgers voor Rogaar en Visser
Het Rijksvastgoedbedrijf heeft nog geen opvolger voor Rogaar en Visser. De aanbestedingsprocedure loopt deze zomer, vertelt woordvoerder Loek Houtepen.
„We hebben eerder onderzoek gedaan naar concurrerende prijzen voor het beheer. Bovendien hebben we een wettelijke aanbestedingsplicht. De uitvraag is natuurlijke begrazing, zoals dat voorheen ook gebeurde.” Dat Rogaar en Visser in 2016 na de beheersovername van het Witterveld door het Rijksvastgoedbedrijf aanbleven als natuurbeheerders, heeft volgens Houtepen te maken met „toezeggingen uit het verleden”.
Inmiddels is de samenwerking tussen de herders en Rijksvastgoedbedrijf verleden tijd. Hun contract liep af in december 2022. De herders dingen niet mee naar de begrazing van het Witterveld in de aanbestedingsprocedure, volgens Houtepen vanwege een verschil van inzicht. „Ze hebben een eis gesteld waaraan het Rijksvastgoedbedrijf niet kan voldoen.”
Nieuwe kandidaten moeten voldoen aan de eisen van het Rijksvastgoedbedrijf. Eén daarvan is minder begrazing door schapen. Op basis van een ecologisch onderzoek is het aantal grazende schapen op het Witterveld enkele jaren geleden teruggebracht. „We hebben te maken met meer droogte en moeten daarom het begrazingsplan veranderen. Door de droogte is er minder eetbaar groen voor de schapen”, zegt Houtepen.
Op aantijgingen over intimiderend gedrag van de terreineigenaar wil hij niet ingaan. „Dat is hun beleving. Het lijkt me niet verstandig om daar inhoudelijk op te reageren.”
Provincie: 'Vergunning is lastig'
De provincie Drenthe bevestigt dat gedeputeerde Henk Jumelet (CDA) twee keer op bezoek is geweest bij het herderspaar om te praten over hun situatie.
„De provincie betreurt de situatie waarin het herderspaar is beland. Tijdens de twee gesprekken bij het paar thuis is verteld dat het lastig is om een vergunning af te geven, gezien de huidige regelgeving over de stikstofuitstoot”, zegt provinciewoordvoerder Robert-Jan Valkema. Wel is tijdens de gesprekken gesproken over de eventuele kansen van het herderspaar op een succesvolle vergunningsaanvraag.
Rogaar en Visser schakelden een adviseur in om mee te denken over een mogelijke vergunningsaanvraag. „Recent zijn nieuwe stukken ingediend”, zegt Valkema. „Die worden beoordeeld om te kijken of een aanvraag voor een vergunning gedaan kan worden.” Hoe groot hun kansen zijn? „Daar kan ik niet op vooruitlopen. Eerst moeten de ingediende stukken beoordeeld worden.”