Maaike Nijlunsing: „Mijn partner en ik bleken een gedeelde ‘afwijking’ te hebben: verlaten plekken opzoeken.'' Foto: Corné Sparidaens
Maaike Nijlunsing (49) uit Noordbroek struint door oude fabrieken en verlaten huizen. Niet voor de kick, maar op zoek naar de ziel ervan. Nijlunsing reisde er voor naar het buitenland, maar vond zulke panden ook dichterbij. Bij Kunstpunt Groningen toont ze schilderijen die ze maakte van plekken in deze regio.
„De open deuren heten je al welkom’’, vertelt Maaike Nijlunsing bij een schilderij van wat eens een statige herenboerderij geweest moet zijn. Binnen vond ze vergane glorie. „Er stond nog een mooi dressoir. Maar ook een oude stoel in de hoek, blikjes bier in de kelder en zelfs nog een schilderijtje tegen de muur’’, beschrijft ze. „Deze boerderij was al wel in verre staat van ontbinding. We hoorden dat de laatste bewoner veel gesloopt had, met de bedoeling het weer op te bouwen. Maar van dat opbouwen was het nooit gekomen.’’
Binnen in wat eens een statige herenboerderij geweest moet zijn vond Maaike Nijlunsing vergane glorie. Foto: Corné Sparidaens
Nijlunsing schilderde het aftandse interieur, met zijn afbladderende behanglagen, maar ook wat er nog over was van de grote schuur. „Dat lijnenspel van al die balken en gebinten. Prachtig.’’
Van abstract naar figuratief
Die fascinatie voor lijnen gaat terug naar haar eindexamen aan Academie Minerva in 2000. „Grote tekeningen met horizontale en verticale lijnen. Abstract.’’ Waarschijnlijk geïnspireerd door een studiereis naar New York in 1998. „Dat maakte zo’n indruk. Die enorme gebouwen, zoals de Twin Towers. Die rechte lijnen. Heel grafisch.’’ Ze kijkt om zich heen in de tentoonstelling, naar de realistische geschilderde gebouwen en interieurs van nu. „Meestal gaan kunstenaars van figuratief naar abstract. Ik doe het blijkbaar andersom.’’
Nijlunsing (Groningen, 1976) volgt later ook nog de docentenopleiding en verhuist naar Utrecht. „Ja, je moest naar het Westen. ‘Want dáár gebeurt het.’ Nou…’’ Ze kwam te wonen in Overvecht. „Ik weet niet of je die wijk kent: állemaal flats van acht verdiepingen of meer. Allemaal hetzelfde. En toch allemaal verschillende balkonnetjes. Dat schilderde ik: een lijnenpatroon met telkens een andere invulling van het balkon.’’
Maaike Nijlunsing - Tropisch zwemparadijs op Ameland. Foto: Corné Sparidaens
Op vergelijkbare manier legde ze een half gesloopte studentenflat vast. „De voorgevel van asbest was eerst weggehaald. Dus keek je zo al die ‘schoenendoosjes’ in. Elke student had zijn kamer een andere kleur gegeven, zodat je hier ook een structuur had met telkens een ander kleurvlak.’’
Passie voor verlaten plekken
Uiteindelijk keert Nijlunsing terug naar het Noorden. „Mijn partner en ik bleken een gedeelde ‘afwijking’ te hebben: verlaten plekken opzoeken.’’ Het bracht hen naar bijvoorbeeld Duitsland en Polen. Gebouwen uit de oorlog? „Ja. Die waren zó stevig gebouwd, dat ze er vaak nog stonden. Wel helemaal afgebladderd natuurlijk. Prora, bijvoorbeeld: een kilometerslang complex langs de kust, dat indertijd een vakantieoord moest worden. Onvoorstelbaar. Of de V1-fabriek bij Peenemünde. Fascinerend. En ook héél naar om te zijn.’’
Heet het bezoeken van oude gebouwen niet ‘urbex’? „Oh ja: voor sommigen is het echt een kick om stiekem ergens binnen te sluipen en dan foto’s te maken en die op internet te zetten. Maar zo ‘urbex’ zijn wij niet. Meestal vragen we toestemming. Wij maken ook foto’s. Maar dan geef ik er in mijn schilderijen een eigen draai aan. Zo probeer ik de ziel van die plek vast te leggen.’’ Vaak past ze de kleuren aan. „Op de foto’s wordt het snel wat grijs. Ik maak het wat kleurrijker. In mijn schilderijen wil ik die plekken weer laten ademen.’’
Lege huls met een geschiedenis
De laatste jaren zoeken Maaike Nijlunsing en haar partner ook dichterbij. Bijvoorbeeld in een vervallen fabriek van Avebe of bij aluminiumfabriek Aldel, die enkele jaren geleden failliet ging. „Dat je daar dan rondloopt. Dat lijnenspel van die enorme fabriekshal. Machines of onderdelen waarvan je niet begrijpt wat het is of wat ze er mee deden. De jaren 70-tegeltjes in de kantine. De sfeer. Je wilt het allemaal vastleggen.’’ Ondertussen geven doorkijkjes zicht op de omgeving. „De windmolens richting Delfzijl bijvoorbeeld. Dat je kunt zien waar zo’n gebouw stond.’’
Maaike Nijlunsing - Productiehal van Aldel. Foto: Corné Sparidaens
Natuurlijk beleven zij en haar man ook elke keer wel een kick. „Het ‘er zijn’. Het pand ervaren; de geest van het gebouw. En het besef dat ook dit een stukje geschiedenis is van Groningen. Zulke bedrijven waren een begrip in de regio. Aan zo’n herenboerderij zit een hele historie.’’
„Ik heb gebouwen geschilderd, die er inmiddels niet meer zijn. Wij betreden zo’n pand op een moment dat het zijn functie verloren heeft. Wanneer de mensen weg zijn, blijft er een lege huls over. Wij komen in de nadagen of misschien in een tussenfase. Het spreekt mensen aan. In een wereld die steeds sneller gaat en vluchtiger wordt – dat je dan die sfeer pakt en stilstaat bij zo’n stukje geschiedenis.’’
Tentoonstelling
‘Dichtbij huis’, Maaike Nijlunsing. T/m 28 februari in Kunstpunt, Trompsingel 27a, Groningen. Open wo-za 12-17.
De verlaten aluminiumfabriek Aldel in Delfzijl. Foto: Corné Sparidaens