Over de oorlog: ,,Opeens moest iedereen in een hokje. Ik ook. En ik dacht: Maar in welk hokje pas ik dan. Want ik ben alles.'' Foto: Frank de Roo
Tweede Kamerlid Ines Kostic van de Partij voor de Dieren kwam als vluchteling uit Bosnië en Herzegovina in Niekerk terecht. Ze wilde nooit de politiek in, maar: „Ik ben erg gedreven om de wereld een beetje beter te maken.’’
Zondagmiddag. In een zaaltje in Sneek houdt de Partij voor de Dieren een bijeenkomst. De stem van Ines Kostic stuitert door de ruimte. ,,Ik ben dus Ines’’, zegt het Kamerlid. ,,Ik zit nog niet zo heel lang in de Tweede Kamer en ik moet zelf ook nog een beetje wennen. Want alles wat wij belangrijk vinden, wordt weer opzijgeschoven. Ik denk vaak: hier hebben we het toch allang over gehad?’’
Je zei zojuist dat je nooit de politiek in wilde.
,,Nee, nee, verschrikkelijk. Ik ben erg gedreven om de wereld een beetje beter te maken en ik dacht altijd: ik ga het zoeken bij een groen bedrijf of bij een maatschappelijke organisatie maar níet in de politiek.’’
Je vond dat politici hun idealen verloren aan de onderhandelingstafel.
,,Ja. Ik zeg altijd, ze doen zoveel water bij de wijn dat er geen goede wijn meer overblijft. Je kunt prima kijken waar je elkaar tegemoet kunt komen, maar je moet ook onthouden waartoe je op aarde bent en waarop je niet moet toegeven. Daar ontbreekt het in de politiek vaak aan.’’
"Ik dacht altijd, ik ga níet in de politiek." Frank de Roo
Je bent geboren in Bosnië en Herzegovina, toen je 10 was vluchtte je samen met je ouders en broer naar Nederland. Via Ter Apel kwam je terecht in een asielzoekerscentrum in Den Haag en daarna groeide je op in Niekerk in Groningen. Denk je dat het verschil maakt dat je weet wat oorlog is?
,,De oorlog heeft me gevormd. Ik heb er lessen uit getrokken.’’
Toen Mostar, de stad waar je woonde, plotseling etnisch werd opgedeeld was jij toevallig bij je opa en oma. Je kon 2 jaar lang niet meer bij je ouders en je broertje komen.
,,Ja klopt.” (Stilte)
Ik kan me bijna niet voorstellen hoe dat moet zijn.
,,Kinderen kunnen zich heel snel aanpassen. Dat had ik ook. Binnen de nieuwe situatie ga je verder. Ik kan me nog herinneren dat we moesten schuilen in kelders en in het trappenhuis van de flat waarin mijn opa en oma woonden. Daar speelde ik dan met andere kinderen.’’
,,Ik zag mijn buurkinderen een voor een verdwijnen. De meeste mensen vluchtten, maar toch blijf je op een of andere manier nog kind. Ik zag het ook bij de anderen. We konden bijvoorbeeld geen nieuwe strips kopen, en dus ruilden we onderling onze stripboeken. (Kort lachje) Ondanks alles ging het leven door en ik werd erg beschermd. Ik had mijn opa’s en oma’s.’’
Was het alsof je een soort schild had?
,,Ja, zo voelde het echt. Ik ben nooit iets tekort gekomen en zij hebben mij altijd het goede voorbeeld gegeven. Zij leerden mij dat je je moet uitspreken als je onrecht ziet en daarnaast ook de verbinding moet zoeken. Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn, en je mag best hard zijn op de inhoud maar het is heel belangrijk om elkaar als mensen te blijven zien.”
Kwam de oorlog terug toen je ouder werd en in Nederland woonde? Keek je toen met andere ogen naar wat er in je jeugd gebeurde?
Denkt na. ,,Als je ouder wordt ga je dingen in een context plaatsen en beter zien. Wat ik wel voelde... was dat ik het niet begreep. Ik begrijp het nog steeds niet.’’
"Ik begrijp de oorlog nog steeds niet." Frank de Roo
,,In Bosnië en Herzegovina leefden we naast elkaar, met familie, vrienden en buren. We deelden hetzelfde eten, spraken dezelfde taal en dronken dezelfde koffie. En ineens, bijna van de ene op de andere dag, waren we vijanden en was het oorlog.’’
,,Ik herinner me dat bij mijn opa en oma de televisie redelijk vaak aanstond en ik weet nog dat ik als kind in mijn buik voelde dat het allemaal heel vreemd was. Ik dacht: O plotseling is het dus belangrijk welke achternaam je hebt en van welke etnische groep je bent.”
Was het ook eng?
,,Ik kon toen nog niet voelen dat het eng was. Het was vooral raar. Ik ben een multi-etnisch-gezinsproduct. Mijn vader is half-Kroatisch half Servisch en mijn moeder is Bosnisch. Ik heb altijd geleerd dat dat een rijkdom was. Ik ben in moskeeën, in kerken en bij communistische bijeenkomsten geweest; ik heb alles meegemaakt. En dan opeens moet iedereen in een hokje. Ik ook. Maar in welk hokje pas ik dan? Want ik ben alles.” (Lacht)
Als de overheid het nalaat om de regels te stellen, komen Nederlandse burgers tegenover elkaar te staan, vertelde je net. Ik kan me voorstellen dat dat ergens, op een ander niveau, appelleert aan wat er in Mostar gebeurde.
,,Ik zie dat de taal van politici, en ook de taal in de media verhardt. Minderheidsgroepen worden direct en indirect tot oorzaak van allerlei problemen gemaakt. Dat is een heel bekend gevoel ja, waar ik meteen rillingen van krijg.”
Ines Kostic tijdens het wolvendebat in de Tweede Kamer in februari.
Foto: ANP
Van welke woorden in de Tweede Kamer bijvoorbeeld krijg je kippenvel?
,,Nou ik moet eerlijk zeggen dat ik bijna wekelijks kippenvel heb. Ik ben er nog steeds niet aan gewend. De woorden van minister-president Schoof na de Maccabi-rellen vond ik huiveringwekkend. Tijdens die rellen gebeurde er van alles dat je moet veroordelen, maar vlak daarna, toen alle feiten nog niet eens bekend waren, gaf hij een persconferentie waarin hij opeens zei dat er een integratieprobleem was.”
"De woorden van minister-president Schoof vond ik huiveringwekkend." Foto: ANP/Jeroen Jumelet
„Ik belde mijn vader die, net als ik, zat te trillen. Mijn vader zei: ‘Oké Ines, ik ben er helemaal klaar mee, ik overweeg nu om terug naar Bosnië te gaan’. De politiek daar is ook verschrikkelijk, je hoort er dezelfde ophitsverhalen als in Nederland, nog erger zelfs. Maar in Bosnië zijn ze daar tenminste open over. Daar is het gewoon beleid dat je mensen tegen elkaar opzet. Hier in Nederland zit er een dun sausje van beschaving overheen.”
,,De uitspraak van Schoof raakte mijn vader diep. Ik denk dat de meeste mensen hem als een goed geïntegreerde Bosniër zullen omschrijven, wat dat dan ook moge betekenen. Hij heeft voor het ministerie van Justitie gewerkt, hij heeft heel veel bijgedragen aan de samenleving, maar hij voelt zich weggezet als iemand die niet oorspronkelijk Nederlands is, als een minderheid die je als zondebok kunt gebruiken.’’
Jij zegt tegen iedereen die het maar wil horen: Blijf in gesprek, steek je hand uit. Maar als je gekwetst wordt, lijkt me dat moeilijk.
,,Natuurlijk heb je emoties. Die voel je de eerste paar uur of de eerste paar dagen, maar dan verwerk je ze. Je moet die emoties dus niet meteen op X zetten. (Lacht) En daarna kun je kijken hoe je zaken kunt aankaarten. Hoe je je ertegen kunt uitspreken en hoe je mensen mee kunt nemen. We hebben elkaar hard nodig om aan echte oplossingen te werken.’’
Jij bent het eerste non-binaire Kamerlid in Nederland. Je identificeert je niet als vrouw of man en in juli vorig jaar zette je een foto van jezelf, je vrouw en je dochter op X met daaronder de tekst: ‘Onze eerst pride samen als familie. Ons kind zal liefde voor mensen en andere dieren meekrijgen en altijd de ruimte krijgen om zichzelf te zijn’.
,,Ja, ik dacht, laat wat ik positiefs delen, de liefde in de wereld zetten.”
Dat viel niet overal even goed. ‘Walgelijk, gezicht tegen de muur’, schreef iemand. En een ander, die zich ‘hoeder van waarden’ noemt antwoordde: ‘Een kind laten opgroeien in een gezin gebouwd rond pervers gedachtegoed is niet minder dan kindermishandeling’.
,,Ik wist dat de kans erin zat, maar toch gingen die reacties mijn verbeeldingsvermogen te boven.”
Dat mensen die liefde van jou zo vertrappen?
,,Ja en dan meteen op een heel nare manier. Ik ben weerbaar, maar wat doen die reacties met anderen die meelezen en misschien worstelen met hun identiteit of met hun relatie? Ik vind het echt giftig, echt giftig. En ik strijd daartegen.”
,,Ik ben weerbaar, maar wat doen die reacties op X met anderen die worstelen met hun identiteit of hun relatie?" Foto: Frank de Roo
Tijdens je spreekbeurten in het land haal je vaak Gitta uit Noord-Holland aan die op 9 meter afstand van een lelieveld woont waar vijf maanden per jaar gif wordt gespoten. ‘Wij kunnen niks voor u doen, wij hechten groot belang aan de bedrijfsvoering van de agrariër’, krijgt ze van bestuurders te horen.
,,Onze overheid laat het aan de rechtspraak over om kaders te stellen en dan krijgen de rechters nog kritiek ook. Dat is toch niet te bevatten? Sta je alleen in voor de vrijheid van de agro-industrie of bescherm je ook je burgers om vrij, zonder gif in hun eigen huis en tuin te kunnen verblijven? Gezondheid is niet links en ook niet rechts. De waterkwaliteit, de luchtkwaliteit en de kwaliteit van de bodem gaan ons allemaal aan, maar als de overheid de bescherming daarvan niet regelt komen burgers tegenover elkaar te staan.’’
Wat kunnen we daar met z’n allen aan doen?
,,Laat je niet uitspelen, ga het gesprek met elkaar aan en spreek je uit als je onrecht ziet.’’
Jouw partij wordt door vertegenwoordigers van de agro-industrie, en ook door anderen, natuurlijk wel als huilie-huilie dierenknuffelpartij gezien.
,,Ja en dat vind ik op zich geen nare titel. Ik ben trots dat we voor de dieren opkomen, dan heb je echt lef.’’
De wereld staat in de fik en daar kom jij aan met je dieren.
Vol zelfspot: ,,Precies, de wereld staat in de fik en dan zeg ik: Het dolfinarium moet echt sluiten. (lacht) Maar het mooie is, ik krijg wel partijen aan mijn kant. PvdA-GroenLinks en de Christenunie zijn er nu ook voor.’’
Wat gaf de doorslag dan?
,,Willen we onze kinderen leren om superintelligente wezens, die kilometers per dag kunnen zwemmen, in betonnen bakken te houden? Voor commerciële belangen en menselijk vermaak? Is dat joepie, onze grote trots?’’
Zojuist, aan het einde van de bijeenkomst in Sneek liet je het mailadres van de commissie landbouw, visserij, voedselzekerheid en natuur zien. En je gaf je 06-nummer. ‘Als je denkt; ik moet dit even kwijt, kun je me altijd een Signal-bericht sturen’, zei je erbij.
,,Heel veel mensen maken zich zorgen over wat we elkaar, dieren en onze planeet aandoen, ik probeer ze te helpen.. Dat mailadres van de commissie is openbaar, maar niet iedereen kan het even gemakkelijk vinden. Als je mailt kun je de minister en de Kamerleden laten weten wat je zorgen zijn. En daarnaast probeer ik het gesprek aan te gaan met iedereen die er ook maar een piepklein beetje voor open staat. Daarom geef ik mijn nummer. En de meeste mensen bellen niet hoor.’’
De boze mensen ook niet?
,,Meestal niet, maar een paar keer ben ik wel gebeld door iemand die wat bozig was en schold. Die had niet verwacht dat ik zou opnemen, denk ik. Maar als je dat wel doet, smelt het allemaal een beetje en wordt het wat zachter en kun je een normaal gesprek voeren. Dan leg ik gewoon uit waarom ik de dingen doe die ik doe en zeg. Dan vertel ik dat ik dat vanuit mijn hart doe, dat ik iets positiefs wil doen. En dat onze conclusies misschien anders zijn, maar dat we het allebei wel goed bedoelen, en dat dat belangrijk is.”
Paspoort
Naam Ines Kostić
Geboren 21 oktober 1984 in Mostar, opgegroeid in Niekerk
Opleiding Kunst, cultuur en media Rijksuniversiteit Groningen, Politicologie Universiteit van Antwerpen
Werk Vrijwilligerswerk als voorlichter bij COC Nederland. Manager bij de Animal Politics Foundation, de internationale organisatie van de Partij voor de Dieren. Fractievoorzitter van de PvDD in Provinciale Staten Noord-Holland. Zette zich daar mede in voor strenger beleid met betrekking tot Tata Steel. Sinds 6 december 2023 Tweede Kamerlid voor de Partij voor de Dieren
Privé Kostić identificeert zich als non-binair, heeft een vriendin en een dochter, woonde lange tijd in Groningen en nu in Hilversum