De Franse vlag wappert voor de ingang van Thialf. Foto: ANP/Jilmer Postma
Tijdens een gezamenlijke persconferentie in Thialf vierden de betrokken partijen maandag de komst van het olympisch langebaanschaatsen naar Heerenveen. De trots was groot: „Dit wordt drie weken lang Elfstedentocht.”
Na twee jaar samenwerken konden ze eindelijk hardop zeggen waar lang aan is gewerkt: in 2030 wordt er in Heerenveen om olympische medailles geschaatst.
Minister Mirjam Sterk van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport noemde het een historisch moment. „Hoe ga je iets doen wat 102 jaar geleden voor het laatst in Nederland is gebeurd?”, zei ze. Sinds de Olympische Spelen van 1928 in Amsterdam zijn er geen olympische wedstrijden meer in Nederland gehouden. Dat het langebaanschaatsen nu naar Thialf komt, noemde Sterk „een feest voor Friesland, maar ook een feest voor heel Nederland”.
Olympisch dorp
Burgemeester Avine Fokkens van Heerenveen verwacht dat het in 2030 „sil brûze” in haar gemeente. Ze wees erop dat het alweer bijna dertig jaar geleden is dat de laatste Elfstedentocht werd verreden. Wanneer die tocht terugkomt, weet niemand. „Maar wat we wel weten, is dat we in 2030 een van de olympische dorpen mogen huisvesten. Dat is echt in boppeslach.”
Heerenveen is gewend om grote sportevenementen te organiseren, zei Fokkens. Toch wordt 2030 van een andere orde. „We zijn Sportstad, maar in 2030 zijn we ook gewoon Olympische stad.” Volgens de burgemeester moet het een groot feest worden, gedragen door Friezen, bezoekers en de vele vrijwilligers die Thialf al jaren helpen draaien.
Gedeputeerde Abel Kooistra van de provincie Fryslân sprak eveneens van een historische dag. Niet alleen voor Thialf en Heerenveen, maar voor heel Friesland en Nederland. Hij herinnerde eraan dat de provincie ruim tien jaar geleden fors investeerde in de vernieuwbouw van Thialf.
Dat besluit betaalt zich volgens Kooistra nu uit. De aanwijzing van Thialf als olympische schaatslocatie laat volgens hem zien dat de ijshal niet alleen van grote betekenis is voor Heerenveen of Friesland, maar ook nationaal en internationaal van belang is. „Het is gewoon een accommodatie waarop we in Nederland trots mogen zijn.”
Vermissing Roes
Marc ter Haar, voorzitter van de raad van toezicht van de KNSB, zat met dubbele gevoelens bij de feestelijke persconferentie. Hij stond tijdens zijn bijdrage stil bij de vermissing van shorttracker Sven Roes.
De schaatsbond is daar volgens hem „behoorlijk van onder de indruk en geschrokken” en staat in nauw contact met de familie en naasten.
Voor de Nederlandse schaatsers noemde Ter Haar de Spelen in Thialf een unieke kans. Hij sprak van een „once in a lifetime-kans” om deel uit te maken van Olympische Spelen in eigen land. Bovendien biedt het de Nederlandse ploeg volgens hem een optimale mogelijkheid om zich voor te bereiden op de Spelen van 2030.
Na twee jaar kon eindelijk hardop worden gezegd waar lang aan is gewerkt. Foto: Niels de Vries