Columnist Maaike Borst Foto: Marcel Jurian de Jong
Onderweg om op kraamvisite te gaan, besefte ik plotseling dat ik iets heel erg vergeten was. Het was niet het cadeautje, met die baby had het helemaal niks te maken, maar iets groters. Iets dat ik niet eventjes, maar al maanden vergeten was.
Het fijne aan iets helemaal vergeten is dat je er geen last van hebt. Ik vergeet wel vaker iets, omdat ik ben afgeleid, er niet aan wil denken of het probeer uit te stellen, maar dan komt het steeds weer terug. Maar deze klus was volledig weggevaagd uit mijn hoofd. Ik had het beloofd en er daarna nooit meer aan gedacht. Geen moment. Twee maanden zalige onwetendheid.
Des te harder was de klap toen het terugkwam. Mijn luie brein werd in werking gezet door een toevallige opmerking van de vriendin met wie ik op kraamvisite ging (en die namens ons beide een cadeautje had gekocht omdat ik daar te laat aan dacht).
Eén woord en alles lag weer voor het grijpen in mijn hoofd: wat ik zou doen, hoe ik het had beloofd, het geld dat ik er zelfs al voor had gekregen en hoe lang de afgesproken datum inmiddels was verstreken. Waarschijnlijk trok ik wit weg, maar ik kon deze bijzonder gestructureerde vriendin niet vragen of dat zo was – ik schaamde me te veel om haar erover te vertellen.
Het fragiele ritme
Het was toch al niet mijn dag. Ik had slecht geslapen, was daarna de tijd vergeten en had vervolgens wind tegen. Daardoor kwamen we nu te laat en zouden met het zweet onder de oksels waarschijnlijk het hele fragiele ritme van baby, moeder en peuter verstoren. Ik hield me maar even stil.
Alleen als je net bevallen bent, heb je een excuus om zo te vergeten.
De baby was nog te pasgeboren om te kunnen lachen, haar grote broer stal de show. Hij liet zijn speelgoed zien, kleide ijsjes voor ons en ging ‘goed zo’ naar de wc als hij moest plassen. Hij pakte een van zijn fotoalbums uit de kast en ik was jaloers op de ouders die de discipline bezaten om zoiets te maken.
Een brij van beelden
Herinneringen moet je levend houden. De vroege jaren van onze zoons zitten nog altijd verstopt in een brij van beelden in de cloud. Soms ben ik bang dat alleen AI ze daar nog uit kan redden.
Het moeilijke telefoontje over mijn vergeten opdracht stelde ik uit tot de avond. Langer lukte niet, want hoe lastig ook, dit liet mijn brein zich niet nog eens ontglippen. Ze nam op, verrast dat ik belde. Ik mompelde sorry, gaf mijn hersenen die alles zomaar hadden gewist de schuld en hoorde hoe stom dat klonk.
„O joh!”, reageerde ze. „Maak je geen zorgen. Ik dacht: jij komt vanzelf wel weer een keer. Je hebt het vast druk.”