Het is niet voor te stellen dat de provincie Groningen in een beroepsprocedure tegen verlenging van de gaswinning bij Pieterzijl-Oost een bezwaarschrift te laat indient bij de Raad van State. De blunder voedt het wantrouwen van inwoners die zich niet gezien voelen.
Gedeputeerde Karin Dekker (GroenLinks) van de provincie Groningen sprak woensdag van een hele grote fout. Terecht ging ze tijdens de Statenvergadering door het stof. In een interview met RTV Noord vroeg Dekker zich wel af hoe dicht ze op het daadwerkelijk indienen van dit bezwaarschrift had moeten zitten. ,,Moet ik dat ook checken?”
Het antwoord is: ja! Het betreft hier het gasdossier, één van de belangrijkste onderwerpen in deze provincie. Inwoners in Groningen moeten vechten om hun recht op schadevergoeding en versterking. Veelal in stilte is dat een langdurige en pijnlijke strijd om gerechtigheid. Politieke bestuurders, ook in deze provincie, hebben Groningers niet altijd het gevoel gegeven dat ze zij-aan-zij stonden met hun inwoners.
Uit de parlementaire enquête over de gevolgen van de gaswinning bleek dat ze vaak te veel meebewogen met landelijke partijen en het kabinet. Als er een mogelijkheid was om gezamenlijk op te trekken tegen belangrijke besluiten, ontbrak meerdere malen de volle overtuiging. Inwoners in gasregio’s zijn dat niet vergeten. Na de excuses van de overheid hoopten ze op betere tijden.
Het verlangen om serieus genomen te worden door de provinciale politiek is groot, ook als het gaat om de situatie rond de kleine gasvelden. Het wantrouwen tegen de overheid is niet weggeëbd. Er is weinig voor nodig om het aan te wakkeren. Het is betreurenswaardig dat de provincie de gedachte voedt, dat ze mensen in de steek laat als het er op aankomt.
Dit is dan ook meer dan een bedrijfsongeval. Politieke bestuurders hebben de neiging om excuses te maken en over te gaan tot de orde van de dag. Dat gebeurde ook toen de provincie eerder dit jaar vergat bij de rechter aan te kaarten dat de gaswinning in Grijpskerk stilgelegd moest blijven, totdat er duidelijkheid zou komen over de verlenging van de destijds aflopende winningsvergunning..
Duidelijk is ook dat de provincie de ambtelijke organisatie niet op orde heeft. De gedeputeerde zegt dat ze verantwoordelijk is voor de blunder, maar lijkt die zichzelf toch niet (’we zitten met een beperkte formatie’) aan te rekenen. Dat is te makkelijk. Juist dan moet je er als provinciebestuur bovenop zitten. En als het ambtelijke apparaat zo in de fout gaat, is ook daar werk aan de winkel.