Welke politieke wind gaat er waaien in Stadskanaal. Foto: Huisman Media
De PVV in Stadskanaal wil graag besturen, maar de rest van de raad kent de nieuwe grootste partij nog nauwelijks. In de gemeente waait een nieuwe politieke wind, maar niemand weet nog hoe hard die zal gaan waaien.
Met vijf zetels werd de PVV in één klap de grootste partij. Maar de grootste partij is tegelijk een onbekende factor. Hoe bouw je daarmee een stabiele coalitie? Dat is niet eenvoudig. „We moeten elkaar nog leren kennen”, zegt CDA-fractievoorzitter Agnes Wubs.
Die onbekendheid maakt de zoektocht naar een stabiele coalitie ingewikkeld. Die is afhankelijk van de vraag hoe een partij als de PVV denkt over moeilijke vraagstukken als jeugdzorg, opvang asielzoekers, nieuwe onderwijshuisvesting en het gewenste tracé voor de Nedersaksenlijn. Het duidingsdebat van volgende week woensdag moet duidelijk maken hoe partijen de uitslag interpreteren en welke richting de formatie op kan.
We zijn vreemd voor elkaar
Uit verschillende hoeken van de raad klinkt dezelfde boodschap: de PVV is grotendeels onbekend. Wubs: „We kennen de vijf raadsleden nog niet. We zijn vreemd voor elkaar.”
Ze plaatst ook een kanttekening bij de vraag of de PVV direct moet meeregeren: „Het is een prestatie dat ze vijf zetels hebben gehaald, maar het is wel een nieuwe wereld waarin ze terechtkomen. Besturen vraagt ervaring. Je moet weten hoe het werkt in de gemeentepolitiek.” ChristenUnie‑voorman Twan Moes noemt de PVV compleet nieuw, en ook Lokaal Betrokken‑fractievoorzitter Harma Zwiers zegt nieuwsgierig te zijn hoe anderen erin staan.
De PVV mag dan de grootste zijn, dit betekent niet dat veel in gang gezet beleid rigoureus verandert. Dat heeft te maken met gemaakte afspraken met Rijk, provincie en niet in de laatste plaats de inwoners. In dat opzicht moet de PVV mogelijk de windsterkte bijstellen. Want wie iets wil veranderen heeft ze daar andere partijen bij nodig.
Op een minderheidscoalitie zit niemand te wachten
Wubs vindt een meerderheidscoalitie noodzakelijk: „Op een minderheidscoalitie zit niemand te wachten.” Moes houdt de verwachtingen laag: „Wij hebben verloren en verwachten niet echt mee te doen in een college.” Zwiers benadrukt dat samenwerking onvermijdelijk is: „Iedereen zal water bij de wijn moeten doen. Niemand kan het alleen. Het klinkt basaal: maar we moeten echt het gesprek volgende week afwachten. De kiezer heeft gesproken. Het politieke landschap is veranderd. We zitten nu in een tussenfase.’’
PVV‑lijsttrekker Jan Lubben benadrukt dat zijn partij klaarstaat om verantwoordelijkheid te nemen. „We stellen ons constructief op en hebben een goed team, gekwalificeerde mensen. We hangen niet als los zand aan elkaar. We staan voor elkaar en we hebben twee goede wethouderskandidaten.”
Tegelijkertijd blijft hij voorzichtig: „Ik wacht het duidingsdebat af voordat ik verder iets ga zeggen. We willen onze kiezers een stem geven, maar we gaan geen dingen beloven die we niet kunnen waarmaken.”
'Hoe vliegen we dit aan?’
Zwiers vindt het goed dat er na de verkiezingen even een adempauze is. „ Zo kan iedereen even tot rust komen en zich bezinnen. Want het is een goede vraag: hoe gaan we straks verder? Hoe vliegen we dit aan? De komende weken worden ingewikkeld.”
Partijen erkennen dat het lastig wordt om tot een nieuwe meerderheid te komen, maar delen dezelfde wens: een stabiele coalitie die de gemeente door een periode van grote opgaven kan loodsen. De PVV draagt Bert Homan uit Assen voor als verkenner. Hij spreekt alle partijen afzonderlijk en onderzoekt welke coalities kansrijk zijn. Moes: „Laten we hopen dat het niet al te lang duurt voordat er een nieuw bestuur komt.’’