Arend van Wijngaarden is parlementair verslaggever van Dagblad van het Noorden Foto: Marcerl Jurian de Jong
Marjolein Faber is terug. Nu niet als minister van Asiel maar als Kamerlid voor de PVV. Een rol die haar misschien wat beter ligt: lekker roepen vanaf de zijlijn over het ‘softe’ systeem van tbs. In een debat met een lelijk persoonlijk randje.
In de Kamercommissie over tbs botsen twee werelden. Aan de ene kant de wereld van Faber en gelijkgestemden, die het hele tbs-systeem een softe bedoening vinden — voor hen lijkt tbs meer op een soort wellness voor criminelen. Therapeuten en forensisch behandelaars worden daarbij graag weggezet als naïeve wereldverbeteraars.
Daartegenover staat nu Claudia van Bruggen, staatssecretaris voor D66. Typisch een vertegenwoordiger van pragmatisch realisme in een ambtelijke wereld. Jurist, criminoloog en doorgewinterd bestuurder in het gevangeniswezen. Tot voor kort directeur van de Mesdagkliniek in Groningen, waar toevallig net deze week een tbs’er ontsnapte.
Faber diende donderdag een motie in om tbs helemaal af te schaffen. Ze zwaaide met onderzoeken die volgens haar aantonen dat behandeling toch niet werkt. Criminelen met een stoornis zijn immers onverbeterlijk. „Dat weet iedereen.’’
Van Bruggen reageerde koel, zakelijk en in sneltreinvaart: tbs afschaffen is volgens haar ronduit onverstandig, omdat daarmee de veiligheid in het geding komt. Wie behandeld wordt voor de stoornis die tot een delict leidde, kan daarna weer veilig terug de samenleving in.
Shanna Schilder van de Groep Markuszower, een van de zeven afgesplitste PVV’ers, maakte het debat nog persoonlijker door te verwijzen naar de ontsnapping van zedendelinquent Anne D. De Friese tbs’er was begin deze week een paar uur spoorloos nadat hij zich uit de voeten maakte tijdens begeleide werkzaamheden buiten de Mesdagkliniek en haalde meteen groot het nieuws.
Oftewel: had Van Bruggen het ‘thuis’ in de Mesdag eigenlijk wel op orde, met die Anne D., die meerdere verkrachtingen of aanrandingen op zijn kerfstok zou hebben en omschreven wordt als een zwakbegaafde man die eigenlijk libidoverlagende middelen nodig heeft? De dames van PVV en ex-PVV gingen daarna nog even verder over Hamza L., de ‘tikkende tijdbom’, en de Erasmussteker; het debat begon te lijken op een soort greatest hits‑compilatie van beruchte tbs’ers.
PVV-Kamerlid Marjolein Faber in debat met staatssecretaris van Justitie Claudia van Bruggen Foto: ANP Peter Hilz
Faber wist zelfs nog een vleugje asielproblematiek in het tbs-debat te vlechten. Of de staatssecretaris niet ook vond dat er géén sprake mocht zijn van een ‘spreidingswet’ voor tbs’ers. Want tbs’ers krijgen na hun straf net als andere ex-gedetineerden vaak extra punten voor een sociale huurwoning.
Maar Van Bruggen bleef zakelijk, misschien zelfs een tikje afstandelijk, en hield vol dat behandelen wél werkt. En dat het gevaarlijker is om mensen zónder behandeling na hun straf weer vrij te laten. En die spreidingswet voor tbs’ers? Die bestaat gewoon niet, zei ze.
De deskundigheid straalde ervan af. Het politieke gevoel misschien wat minder. Dat moest dan komen van haar ervaren partijgenoot Joost Sneller, die vroeg wat mevrouw Faber nou eigenlijk écht bedoelde met haar motie. Hoe lang wilde ze tbs’ers dan opsluiten? Levenslang maar meteen?
Ja, zware zedendelinquenten moet je nooit meer loslaten, reageerde Faber direct. „Je krijgt niet zomaar even tbs.’’ En daarmee was haar wereldbeeld weer keurig rond.
Maar goed, in de politiek ontsnapt er wel vaker iemand aan de feiten. Daar heb je geen Mesdagkliniek voor nodig.
(Arend van Wijngaarden is parlementair verslaggever van Dagblad van het Noorden)