Steeds meer huishoudens in Groningen hebben financiële problemen door hoge energiekosten. Gemeente gebruikt zonnepanelen en windmolens om dit probleem te tackelen
Groningen wekt groene stroom op, armlastige inwoners profiteren van de winst. In een notendop is dat wat energiewethouder Philip Broeksma van plan is. Deze week buigt de gemeenteraad zich over zijn idee om energiearmoede tegen te gaan. Wat is het probleem precies, en hoe ziet de oplossing eruit?
Wat is energiearmoede?
Onderzoeksbureau TNO spreekt van energiearmoede als een huishouden meer dan een tiende deel van z’n inkomen aan energiekosten moet besteden - en daardoor andere belangrijke dingen niet meer kan betalen. Steeds meer mensen hebben hiermee te maken; landelijk gaat het om zo’n 9 procent van alle huishoudens, in Groningen om 12 procent.
Energiearmoede brengt grote problemen met zich mee. De meest voor de hand liggende: schulden, met stress tot gevolg. Daarnaast gaan mensen in energiearmoede - of net op het randje ervan - vaak zo rigoureus besparen dat het hun gezondheid en welzijn schaadt. Ze zetten de verwarming bijvoorbeeld niet meer aan, of koken geen warm eten meer omdat dat gas kost.
Niet helemaal. Het is wel vaak zo dat ‘energiearme’ mensen simpelweg een laag inkomen hebben. Maar je kunt ook met energiearmoede kampen terwijl in principe boven het bestaansminimum zit. Andersom hebben niet alle mensen met een laag inkomen automatisch ook problematische energielasten.
Het maakt ook uit hoeveel energie je moet gebruiken en hoeveel die energie kost. Nu gas steeds duurder wordt, stijgt de energierekening sowieso. Zit je vaak thuis? Dan maak je waarschijnlijk meer kosten voor je verwarming dan iemand die veel op pad is. Is je huis groot, oud, slecht geïsoleerd? Dan loopt het helemaal in de papieren.
Waarom vindt Groningen dit zo’n groot probleem?
Naast de schade voor individuele inwoners, is energiearmoede ook een serieuze bedreiging voor iets dat Groningen als stad graag wil: een snelle transitie naar groene, duurzame energie. Door hernieuwbare stroom en warmte te gebruiken, verminderen huishoudens hun CO2-uitstoot. Bovendien zijn ze uiteindelijk goedkoper uit. Maar om zover te komen, moeten ze eerst kunnen investeren in isolatie, zonnepanelen of een warmtepomp.
Zo dreigt de energietransitie het verschil tussen arm en rijk te vergroten. Wie ruim in het geld zit, kan z’n huis verduurzamen en van een lagere energierekening profiteren; wie maar moeizaam rondkomt, blijft van gas en grijze stroom afhankelijk en is op de lange termijn steeds duurder uit. Daar wil de gemeente iets aan doen.
De gemeente heeft een bijzondere troefkaart op energiegebied: ze ontwikkelt grote wind- en zonneparken op eigen grond, die ze vervolgens zelf exploiteert. Ze strijkt dus ook zelf de winst op die de parken opbrengen.
Met die winst start de gemeente een speciaal Energietransitiefonds. Bewoners in energiearmoede kunnen bij dat fonds aankloppen om hun huis te verduurzamen. De gemeente helpt hen betalen voor bijvoorbeeld betere isolatie of eigen zonnepanelen, waardoor hun maandelijkse energierekening lager wordt én hun huis comfortabeler.
In de toekomst wordt het Energietransitiefonds gevuld met de opbrengsten van het zonnepark bij Meerstad Noord en het windpark bij Roodehaan - maar die zijn er nog niet. Daarom wil wethouder Philip Broeksma (GroenLinks) er nu vast ruim 2 miljoen euro insteken uit de algemene reserve, plus ruim 10 miljoen subsidiegelden vanuit het Rijk. Woensdag bespreekt de gemeenteraad dat idee.
Kom ik in aanmerking voor dat fonds, en wanneer krijg ik er dan geld uit?
De precieze doelgroep en werkwijze van het Energietransitiefonds moet nog nader bepaald worden. Naar verwachting is daar in de zomer meer over bekend. In elk geval wil Groningen er de mensen mee helpen die hun verduurzamingswensen niet op een andere manier gefinancierd krijgen - bijvoorbeeld omdat de bank of het Nationaal Warmtefonds hen geen lening wil verstrekken.
Waarschijnlijk gaat de gemeente niet werken met giften, maar leningen met een zeer lage rente. Met een fonds waarin het geld telkens terugvloeit, kan ze immers onder aan de streep meer inwoners helpen dan met een pot die uiteindelijk leeg is.