Obby Veenstra voelt zich helemaal thuis in het museum MOW. Foto: Archief Huisman Media
Het Museum MOW Westerwolde in Bellingwolde, waar het Groningse platteland heilig is, bestaat 50 jaar. Zaterdag begint het verjaardagsfeest.
Iedereen die in 1973 is geboren, kan vanaf zaterdag een week lang gratis naar binnen bij het Museum MOW Westerwolde in Bellingwolde. ,,Zaterdag gaat de Nationale Museumweek van start’’, zegt directeur Obby Veenstra. ,,En zo trappen we ons jubileumjaar af.’’
Verzamelmuseum
In 1973 werd dus ook het Streekmuseum De Oude Wolden, zoals de naam toen nog luidde, geopend. Het was een verzamelmuseum waarin oude landbouwwerktuigen, rijtuigen, kleding en andere voorwerpen werden getoond. Samen gaven ze een beeld van het leven op het platteland voor de Tweede Wereldoorlog.
Het pand waarin het museum was gevestigd, was het overgebleven deel van een statig huis dat in 1943 door een bom was verwoest. Geallieerde bommenwerpers werden toen door Duitse jachtvliegtuigen aangevallen en lieten in nood vroegtijdig hun bommen vallen, ook op Bellingwolde. De bommen richtten veel schade aan, er werden panden verwoest, er vielen doden en gewonden.
Uitbreidingen
,,Het gebouw werd al snel te klein, zo snel groeide de collectie’’, weet Veenstra. ,,Daarom werd het in 1979 uitgebreid en later nog eens, in 1997. De verschillende conservatoren lieten bezoekers ook geregeld tentoonstellingen zien van schilderijen en andere kunstwerken.’’
De Oude Wolden groeide zo langzaam maar zeker tot een begrip in de regio. Enorm druk was het er nooit, maar iedereen kende het wel. Veenstra werd in 2010 benoemd als directeur. Ze was daarvoor werkzaam geweest in het Fries Filmarchief in Leeuwarden. ,,Ik kwam in dienst van de gemeente Bellingwedde. Die was eigenaar van het pand en van de collectie, en de belangrijkste financier van het museum. De burgemeester was de voorzitter van het bestuur. Zo hecht was de band met de gemeente.’’
Nostalgie
Onder leiding van Veenstra werd De Oude Wolden meer een ‘programmerend museum’. ,,Waarin dus steeds andere exposities te zien zijn en niet voortdurend de oude voorwerpen. Die hebben we nog altijd, maar tonen we niet meer permanent. Momenteel hebben we een expositie over Gronings Licht, onlangs over nostalgie, en in de afgelopen jaren lieten we bijvoorbeeld oude foto’s van Westerwolde zien. De exposities hebben vrijwel altijd een link met het Groningse platteland. Dat was en is heilig.’’
De afgelopen jaren brachten grote veranderingen voor het museum. Het werd grondig verbouwd, kreeg zijn huidige naam − ,,die is moderner, flitsender’’ − en kwam op eigen benen te staan, al is de gemeente Westerwolde (waarin Bellingwedde is opgegaan) nog altijd een belangrijke financier. ,,Van de drie betaalde krachten zijn twee nog altijd in dienst van de gemeente. We hebben daarbij overigens dertig vrijwilligers.’’
6000 bezoekers
Een belangrijke verandering was ook dat eindelijk de grens van 6000 bezoekers in een jaar werd doorbroken. ,,Door de coronacrisis is dat aantal weer gedaald, maar we willen weer naar die grens toe. Hopelijk in dit jubileumjaar al. Onze verjaardag vieren we in de loop van 2023 ook nog op andere manieren, waarbij we ook de inwoners van Bellingwolde willen betrekken.’’
Huisschilder
Een rode draad in het bestaan van het museum is Lodewijk Bruckman (1903-1995). De magisch realistische schilder verbleef enige tijd in Bellingwolde en schonk in 1988 een deel van zijn collectie aan de gemeente Bellingwedde. ,,Die doeken bevinden zich in het museum’’, aldus Veenstra. ,,We hebben ook doeken van Bruckman uit de collectie van de gemeente Goes. We tonen zijn werk heel geregeld; hij is als het ware onze huisschilder.’’