Vrouwen die met brandspuit uit sociëteit worden gejaagd en de ontvoering van Bartje: studentenvereniging Albertus Magnus in Groningen viert 125-jarig bestaan
Een uitbundige feestviering. Foto: Fotograaf onbekend/Collectie Groninger Archieven
Studentenvereniging R.K.S.V. Albertus Magnus ontvoerde Bartje uit Assen, verhinderde de start van het carnaval in Maastricht en bood de artistieke loopbanen van Harrie Jekkers en Rooie Rinus en Pé Daalemmer een stevig fundament. De vereniging viert dit jaar op uitbundige wijze het 125-jarig bestaan.
Al bij de entree van de sociëteit van R.K.S.V. Albertus Magnus aan de Brugstraat 8 in Groningen walmt de karakteristieke geur – een wonderlijke melange van verschaald bier, zweet en nachtelijk vertier – de bezoeker tegemoet. De benedenverdieping huisvest het kloppend hart van de sociëteit: De Kroeg. Hier bestellen de Albertianen voor 90 cent hun biertje. Maar wee degene die met zijn rug tegen de bar gaat staan of enkel voor zichzelf bestelt. Hem of haar wacht eeuwige hoon en spot van zijn broeders en zusters. Albertus hecht aan haar tradities.
Femke Scholte en Margreet Hoek achter de bar van De Faam, de vrouwenvereniging van Albertus. Foto: Duncan Wijting
Mysterieuze habakuk waakt over de mores van Albertus
Wapenschilden van disputen en commissies sieren de muur, evenals het onderkomen voor de habakuk. De wat? Nou, een driehoofdig figuur van hout dat sinds 1960 immer zwijgend over de mores van Albertus waakt. ,,De traditie wil dat iedereen als afronding van zijn introductietijd de habakuk kust’’, legt Margreet Hoek (21) uit. Zij is lid van de beheerscommissie en studeert internationale betrekkingen aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Vice-praeses van het lustrumcomité Femke Scholte, een studente geneeskunde, knikt. ,,Zo hebben we ook het introductietijdboekje met onze huisregels en tradities genoemd.’’
De habakuk in zijn ietwat groezelige onderkomen. Foto: Duncan Wijting
De geschiedenis van de studentenvereniging, genoemd naar de heilig verklaarde theoloog Albertus Magnus (circa 1200-1280), begon toen in 1896 tien mannen een katholieke debatclub oprichtten. Zij hanteerden hierbij de zinspreuk ‘Non Scholae Sed Vitae’ (niet leven om te leren, maar leren om te leven).
Diner van leden van studentenvereniging Albertus Magnus tijdens de viering van het eerste lustrum op 9 december 1901. Foto: Joël de Lange/Collectie Groninger Archieven
In 1915 wordt de eerste vrouw lid van Albertus
Een eigen gebouw was er niet, de leden vergaderden in cafés. Een priester, aangewezen door de bisschop van Utrecht, stond de vereniging met spirituele raad en daad terzijde. De vereniging groeide stukje bij beetje en voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog telde Albertus vijftig leden, veelal mannen. In 1915 werd het eerste vrouwelijke lid verwelkomd.
Een lustrumfeest in 1937. Foto: Joël de Lange/Collectie Groninger Archieven
De vereniging hief zich tijdens de oorlog op, omdat ze er niets voor voelde Joodse leden te weren. Vanzelfsprekend kwamen de studenten nog gewoon bijeen, maar nu in het geheim.
Na de bevrijding meldden studenten zich massaal aan en zo ontstond een dringende behoefte aan een vaste stek. De Eerste Sociëteit werd ‘het keldertje van Nijborg’ – genoemd naar de uitbater – op de hoek van de Zwanestraat en de Oude Boteringestraat. Scholte: ,,Ook werden steeds meer vrouwen lid.’’
De ontvoering van Bartje
Studenten van Albertus stonden berucht om hun stunts. Zo kreeg in 1953 het beeld van Mercurius op de Korenbeurs een luier aan. Een jaar later werd niemand minder dan Bartje uit de Drentse hoofdstad Assen ontvoerd, hetgeen 25 Albertianen een proces-verbaal opleverde. In 1960 verkeerden de studenten in topvorm. Vijftien eerstejaars hadden het plan opgevat om de Prins Carnaval van Maastricht te ontvoeren, om hem vervolgens voor het beroemde Momus-Kanon te ruilen. Met dit kanon wordt elk jaar op het Vrijthof traditiegetrouw het carnaval ‘ingeschoten’. De kidnappers zagen er toch maar van af en besloten vervolgens – een stuk minder omslachtig – het kanon zelf te stelen. En zulks geschiedde, dit tot grote woede van de Limburgse studenten.
Onder wie haar grootmoeder, Frederique Talsma (92). ,,Ik kom uit Groningen en ik was 17 jaar toen ik lid werd’’, zegt zij. Net als andere jonge vrouwen sloot de studente Spaans en kunstgeschiedenis zich aan bij de vrouwenvereniging van Albertus: de FAAM, een afkorting van Filiae Amicae Alberti Magni, oftewel de Beminde Dochters van Albertus Magnus.
Oma, dochter en kleindochter lid van Albertus
,,Mijn man Gerard Talsma heeft mij daar ontdekt. Hij was een heel felle Albertiaan en heeft meegeholpen de vereniging groot te maken. Hij richtte met anderen De Kroeg op. Oh, het was heel romantisch. Hij studeerde medicijnen. Echte kroegtijgers waren we. In 1950 reisden we met andere katholieke studenten naar Rome. Het was een Heilig Jaar (een jubeljaar dat in het teken staat van verzoening en elke vijftig jaar wordt gevierd, red.). Hij zat ook in de bus. Boven op de Sint Pieter – die mocht je toen nog beklimmen – kreeg ik van hem mijn eerste zoen.’’ Ze lacht een heldere lach. ,,Daarna deed hij een poosje net alsof hij mij niet kende. Maar ik hield vol.’’
Ze kregen zeven kinderen. ,,En die werden allemaal lid van Albertus!’’ Ook haar dochter Sandra (58), de moeder van Femke, belandde aan de bar in De Kroeg. ,,Ik studeerde eerst tandheelkunde en later geneeskunde. Ja, ook ik heb er mijn man ontmoet. Hij deed eveneens geneeskunde. Wij komen uit een leuke, gezellige tijd. Wij hadden ook geen harde ontgroening. Voor mijn ouders en de generatie na ons was dat anders. Mijn dochter behoorde tot de laatste groep die nog echt een zware ontgroening heeft gehad. De senioren (zoals oud-Albertianen worden genoemd, red.) hebben het bestuur ook een brief geschreven dat ze nou echt met dat ontgroenen moeten stoppen.’’
De familie Talsma is hofleverancier voor Albertus. Bron: Familie Scholte
Oma moest met tandenborstel straat schoonvegen
Haar moeder Frederique zal haar ontgroening nooit vergeten. ,,We moesten voor die ouderejaars over de grond kruipen en buigen en zo. Ik zat met een tandenborstel de stoep te vegen. De vrouwen waren ook erger dan de mannen. Grote krengen waren het.’’ En weer die heldere lach.
Het hoogtepunt van het lustrum begint op vrijdag 15 juli met het openingsfeest, inclusief een parade door de stad. In de Martinikerk vindt een ‘Bijzondere Huishoudelijke Vergadering’ plaats. Daarna is op het Suikerfabriek-terrein de officiële opening. De festiviteiten duren tot en met 26 juli.
De ontgroening heet tegenwoordig introductietijd. Die begint al sinds jaren met een driedaags kamp op een camping in Appelscha. ,,De zwaarte van de ontgroening verloopt een beetje in golven’’, legt Veerle Smits (24), die internationale communicatie aan de Hanzehogeschool studeert, uit. ,,De introductie duurt iets van tien dagen. Je leert van alles over de tradities en gebruiken binnen de vereniging.’’
Albertus is rijk aan tradities en gebruiken. Foto: Fotograaf onbekend/Collectie Groninger Archieven
‘Het bier mag nooit op zijn’
De sporen van een van deze ‘gebruiken’ zijn nog duidelijk te zien. De vloeren zijn bespat met de restanten van de verf die in mei voor het festijn Vierus is gebruikt en dat – jawel – vier dagen duurt, waarbij de sociëteit een complete metamorfose ondergaat. Het fundament van alle festiviteiten bevindt zich in de kelder en bestaat uit zeven stalen vaten die elk 1000 liter bier bevatten. ,,Het bier mag nooit op zijn’’, benadrukt Margreet. ,,Anders moet het verantwoordelijke bestuurslid aftreden.’’
Zeven vaten bier zorgen ervoor dat de stemming goed blijft. Foto: Duncan Wijting
De vereniging telt vandaag een overrompelende 2672 leden. ,,We zijn de grootste van Groningen en de tweede van Nederland’’, vertelt Femke. ,,Vorig jaar kregen we 1632 inschrijvingen, terwijl er maar plek is voor 500 nieuwe leden. We hanteren daarom sinds vijf jaar een lotingsysteem.’’
Veel leden wonen in een van de 245 studentenhuizen die bij Albertus horen en die veelal binnen of net buiten de Diepenring staan. Een lid kan er met een beetje goede wil voor zorgen dat hij of zij de hele week bij de sociëteit onder de pannen is. ,,Maandag commissie-avond (de vereniging telt er 53, red.), dinsdag huisavond, woensdag jaarclubavond, donderdag dispuutavond’’, somt Femke op.
Wapenschilden van commissies en disputen sieren de muur van de sociëteit. Foto: Duncan Wijting
De geboortemat van Harrie Jekkers en Rooie Rinus en Pé Daalemmer
Ook muziek is een rode draad. Zanger en cabaretier Harrie Jekkers is in 1971 nog een student Engels in Groningen als hij bij Albertus medicijnenstudent Chris Prins tegen het lijf loopt, zo vertelt hij in Dagblad van het Noorden op 15 januari 2019. ,,Op de zolderverdieping van die studentenvereniging stond alle apparatuur om een eerstejaarsband te beginnen. Waar de meesten gingen roeien, begonnen wij met muziek maken.’’
Ook een andere student Engels die later voor het podium zou kiezen, liep de sociëteit binnen: Frank den Hollander, oftewel Rooie Rinus. ,,Albertus was toen nog heel anders, hoor’’, vertelt hij. ,,Echt zo’n langharig links clubje. Daar leerde ik Peter de Haan kennen. Ik stond daar achter de bar en draaide een plaat van The Kinks. ‘Hey, te gek’, zei Peter. ‘Die heb ik nog live gezien’. Zo is Pé en Rinus eigenlijk begonnen.’’
De Haan studeerde farmacie. ,,Ik werd pas tijdens mijn derde jaar lid en niet eens zozeer vanwege Albertus. De zanger van het bandje waar ik toen in speelde was lid en daardoor konden we repeteren in de muziekkamer. Toen hij lid af werd, besloot ik lid te worden. Ik heb er mijn draai wel gevonden. Ik deed een jaar of tien over mijn studie en al die tijd was ik lid.’’
Hij heeft nog steeds vrienden en vriendinnen uit die tijd. ,,Ik zat ook bij de kroegcommissie en we hebben eens van dikke balken die na een verbouwing overbleven een bacchiaal-tafel gemaakt (bacchiaal is Albertus-jargon voor leden van de kroegcommissie, red.). Het moest een hufterproof exemplaar worden dat er over honderd jaar nog zou staan. Nou, da’s gelukt, hij staat er nog! In het hout kun je nog steeds lezen wat we erin hebben gekerfd: KC ’78/’79.’’
Het kloppend hart van Albertus: De Kroeg. Foto: Duncan Wijting
Vrouwen moesten na 1 uur vertrekken: ‘Good night ladies’
Zo links is Albertus nog niet in 1968, het jaar dat in de historie van de vereniging als De Omwenteling bekendstaat. De vereniging ‘woont’ dan al een jaar in het huidige pand aan de Brugstraat 8. Toegegeven: inmiddels mogen ook niet-katholieken en hbo’ers lid worden, maar vrouwen worden dan nog steeds geacht na 1 uur ’s nachts onder een lallend ‘Good night ladies’ de sociëteit te verlaten.
Maar in de nacht van 6 op 7 mei 1968 loopt het anders. Vier vrouwen weigeren te vertrekken. ,,Ze werden uiteindelijk met een brandslang uit De Kroeg gespoten’’, vertelt Margreet. ,,Dit zorgde voor nogal wat ophef. De Huishoudelijke Vergadering, het hoogste beslissingsorgaan, boog zich over de kwestie en uiteindelijk werd besloten dat de vrouwen voortaan ook na 1 uur gewoon mochten blijven.’’
Maar sommige gebruiken veranderen nooit. Eenieder die op De Faam tapt, krijgt tijdens de indraaiperiode met het ‘Talsmaquotiënt’ te maken. ,,Dat heeft mijn man nog bedacht’’, zegt Frederique Talsma niet zonder trots. Maar wat is het? ,,Destijds waren er nog niet zoveel vrouwen lid. Ze moesten onevenredig veel contributie betalen. Hij bedacht een bepaalde berekening waardoor het een stuk eerlijker werd verdeeld. Volgens mij moet elk nieuw lid dit Talsmaquotiënt uit het hoofd leren. Maar vraag me niet hoe die berekening werkt. Dat mag Joost weten.’’ Een heldere lach klinkt.
De festiviteiten rondom het lustrum beginnen op 15 juli. Peter de Haan is er niet. ,,Ik heb dan al optredens staan. Maar het is niet uitgesloten dat ik om een uur of 2 gewoon even binnenstap. Kijken of ik wat oude bekenden zie.’’
Studenten van Albertus hielden ook vroeger al van een drankje, zo blijkt uit deze foto die tijdens een examenfeest in 1937 werd gemaakt. Foto: Joël de Lange/Collectie Groninger Archieven