Van links naar rechts: Ada , Yari, Finn en Jorijn werken en sparen hard naast hun opleiding aan het Aletta Jacobs College in Hoogezand. Foto Corné Sparidaens
Nederlandse jongeren werken veel vaker dan hun leeftijdsgenoten elders in Europa. Hoe komt dat en waarom zijn ze zo ijverig?
Het leven van een leraar in het voortgezet onderwijs gaat niet over rozen. Spreek je ‘s ochtends een leerling vermanend toe, kan het zomaar gebeuren dat je diezelfde jongere aan het eind van de dag weer tegenkomt als medewerker in de supermarkt. En dat hij jou dan controleert of je alle boodschappen wel hebt gescand. Zul je net zien dat je dat ene bakje druiven bent vergeten.
Les verplaatsen
We praten met Merel Heerink, leerlingencoördinator op het Aletta Jacobs College, en Heike Koorenhof, directeur onderwijs op dezelfde school in Hoogezand. Aanleiding is de constatering van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat liefst 72 procent van de Nederlandse jongeren (15-25 jaar) werkt. Het gemiddelde in de lidstaten van de EU ligt op 35 procent. Denemarken komt met 52 procent op de tweede plek. In Griekenland, Roemenië en Bulgarije is veel jeugdwerkloosheid en werkt ongeveer 20 procent van de jongeren.
„Ik woon in Groningen, dus ik kom in de supermarkt mijn leerlingen niet tegen”, lacht Heerink. „Het is natuurlijk heel goed dat leerlingen allerlei werkvaardigheden opdoen”, vult Koorenhof aan. „Maar we zeggen wel altijd dat de school hun core business is. Helaas is dat niet altijd hun prioriteit, het komt bijvoorbeeld wel eens voor dat een les verplaatst moet worden en dat ze erop wijzen dat ze dan hun baantje hebben.”
Het leven is duur, dat merken ook de leerlingen, zeggen Heerink en Koorenhof. „Vooral ook omdat de groepsdruk groot is om de nieuwste gadgets en mooie kleren te hebben. En zodra het eindexamen erop zit, gaan ze op reis naar een luxe bestemming.”
Meer geld dan ouders
In gesprekken met leerlingen en hun ouders komen de bijbaantjes wel eens ter sprake, vertelt Heerink. „Meestal laten ouders de leerlingen redelijk vrij hoeveel ze werken. Het komt zelfs wel eens voor dat de kinderen meer geld vrij te besteden hebben dan hun ouders”, zegt Koorenhof. „Ze hoeven geen hypotheek of huur en booschappen en zo te betalen. Dat kan dus straks wel wennen zijn als dat allemaal wel moet.”
Het arbeidsethos van de jongeren is groot, zeggen beide schoolleiders. Volgens Van Heerink mag het soms wel wat minder. „Heb je nou gevraagd of je tijdens de toetsweek iets minder kunt werken, vraag ik wel eens. Dan blijkt dat ze dat toch moeilijk vinden. Ze willen er zijn voor hun werkgever.”
Geld naar spaarrekening
Ada (16), Jorijn, Finn en Yari (alledrie 17) zitten in de vijfde klas van het vwo van het Aletta Jacobs College. Ze voldoen volledig aan het beeld van hardwerkende jongeren. Al gaat het meeste geld, zeggen ze, vooral naar de spaarrekening in plaats van luxe artikelen. „Ik vind het wel fijn dat ik zelf iets kan kopen als ik dat wil en niet mijn ouders om geld hoef te vragen”, zegt Ada, werkzaam bij de Jumbo. Daarnaast geeft ze bijles en volleybaltraining. „Dat vooral omdat ik het heel leuk vind.”
„Ik spaar vooral voor mijn rijbewijs”, zegt Jorijn. „Ik voor een huis”, zegt Yari. „Maar het is de vraag of het daar ooit van komt.”
Jorijn is een bezige bij die soms wel 20 uur in de week werkt. Foto Corné Sparidaens
Yari werkt als manusje van alles in een dierenspeciaalzaak in zijn woonplaats Schildwolde. „Mijn cijfers zijn gelukkig iets bovengemiddeld”, antwoordt hij op de vraag of de schoolprestaties niet lijden onder de baantjes. „Iéts bovengemiddeld?!” reageert Finn. „Hij haalt cíjfers...”
Dat goede leren komt in Yari’s werk ook van pas, want klanten willen het naadje van de kous weten. „Omdat ik nog zo jong ben, nemen mensen het niet altijd van mij aan als ik antwoord geef. Nou, dat weet hij precies, zegt mijn baas dan. Het helpt dat we thuis ook dieren hebben.”
Gratis examentraining dankzij Albert Heijn
Albert Heijn is, net als andere supermarktconcerns, een populaire werkgever bij jongeren. „Een op de vijf Nederlanders is ooit met werken begonnen bij Albert Heijn”, zegt woordvoerder Gijs Toxopeus. Ze kunnen er het nuttige met het aangename combineren: „Soms komen jongeren met vrienden in groepsverband bij ons werken, zodat het gezelliger voor hen wordt.”
Albert Heijn realiseert zich dat de schoolprestaties niet onder de bijbaan moeten lijden. ,,Wij bieden onze jonge collega’s daarom ook begeleiding bij hun studie”, vertelt Toxopeus. „Dat doen we in overleg met scholen. We helpen met gratis examentrainingen, studenten in het middelbaar- en hoger beroepsonderwijs kunnen werk-leertrajecten volgen.”
Prijskaartjes verwisselen
Finn werkt in de Action, waar een wat ander publiek komt dan in de Jumbo of in de dierenzaak. Ze moet soms op haar strepen staan als klanten prijskaartjes verwisselen om iets goedkoop in handen te krijgen. Voor het geval het echt uit de hand loopt, is er altijd wel een leidinggevende in de zaak aanwezig.
Finn staat in de Action haar mannetje als klanten voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. Foto Corné Sparidaens
Jorijn werkt net als Ada bij de Jumbo. Hij werkt op de broodafdeling en als vakkenvuller. „En ik ben nog met een bedrijfje bezig.” Soms werkt hij wel 20 uur in de week en ook nog, extra betaald, op zondag. Al met al verdient hij goed voor zijn leeftijd. „Nee, ik ga niet vaak uit. Mijn vrienden ook niet, en het lijkt me zonde van het geld om alleen te gaan.”
Hij herkent helemaal het beeld dat klanten maar al te graag voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. En ook dat klanten jonge medewerkers niet altijd serieus nemen. „We krijgen wel training om daarmee om te gaan, maar je moet het in de praktijk leren. Het gaat wel eens mis, maar dan krijg je uitleg van je chef hoe het beter kan.”
Naast school en baan bij de Jumbo geeft Ada ook nog bijles en volleybaltraining. Foto Corné Sparidaens
„Overdag zijn er wel wat oudere leidinggevenden in de winkel, maar ‘s avonds zijn zij ook nog jong, iets boven de 20 of zo”, zegt Ada.
Ondanks zijn bijbaan bij de dierenspeciaalzaak zijn de schoolprestaties van Yari 'iets' bovengemiddeld. Foto Corné Sparidaens
Krantenbezorger
Over de verdiensten hoor je het viertal niet klagen, al zijn die niet veel meer dan het minimumjeugdloon. De verslaggever kan het niet nalaten er nog even op te wijzen dat je als krantenbezorger een vergoeding krijgt op basis van het minimumloon voor volwassenen, hoe jong je ook bent. „Dat werk vind ik ruk”, zegt Jorijn beslist. „En bij de Jumbo kan ik bellen als ik nog wel tijd heb om te werken. Meestal kan ik dan dezelfde dag nog wel terecht.”
‘Het was een klap toen ik door corona mijn baan verloor’
Verkoper bij de Gall en Gall, huiswerkbegeleiding, afwassen...; allerlei baantjes heeft Casper Cornelisse in zijn studententijd in Amsterdam wel gehad. Hij heeft er veel van geleerd, maar zag ook de minder leuke kanten.
„Door corona raakte ik ineens mijn baan in de horeca kwijt. Het betekende dat ik bij mijn ouders moest aankloppen en meer van de studiefinanciering moest lenen. En een collega van een vriend van mij was bezorger bij flitsbezorger Gorillas en hij werd overreden. Ook zijn loon viel plotseling weg, want hij was zzp’er. Dit alles inspireerde mij wel om te worden wat ik nu ben: voorzitter van vakbond CNV Jongeren.”
Het leven in Nederland is duur, zegt Cornelisse, en dus moet een jongere al snel aan het werk. „Ik stoor me wel aan het beeld dat jongeren het allemaal aan leuke dingen uitgeven. De huren zijn gewoon heel hoog. Verreweg de meeste jongeren moeten naast hun studie wel werken.”
Het minimumjeugdloon is een typisch Nederlands verschijnsel en dat verklaart volgens Cornelisse goeddeels waarom jongeren geliefde werknemers zijn. Een halve eeuw geleden introduceerde de toenmalige regering die regeling om jongeren betere kansen te bieden op de arbeidsmarkt.
„In Nederland is het minimumjeugdloon in de wet verankerd, andere landen regelen dat doorgaans in collectieve arbeidsovereenkomsten”, vertelt Cornelisse. Sinds 2017 geldt het miniumjeugdloon van 15 tot 22 jaar, daarvoor was dat tot 23 jaar. „Wij vinden dat het omlaag moet naar 18 jaar. Je kunt niet zeggen dat een 18-jarige minder productief is dan een 24-jarige.”
Het minimumjeugdloon in euro’s per uur vanaf 1 juli 2025: