Brandweer bij de PI in Veenhuizen, nadat de verdachte van een verkrachting op 25 januari 2025 brand stichtte in zijn cel. Foto: Persbureau Meter
Volgens het OM dwong een 48-jarige man uit Benin een medebewoner van een opvang in Nieuw-Amsterdam tot seks, in ruil voor harddrugs. Hij wordt ook verdacht van brandstichting en aanranding.
De verdachte is verslaafd aan alcohol en cocaïne. Op een woonlocatie van het Leger des Heils deelde hij de harddrugs met twee vrouwen. Volgens het Openbaar Ministerie dwong hij één van hen in ruil daarvoor tot seks.
Seks in ruil voor coke
De vrouw vertelde haar begeleider een paar dagen later over het voorval. De man zou haar hardhandig hebben verkracht, en al wekenlang seks eisen in ruil voor coke. De begeleidster deed daarop melding bij de politie. Ondanks dat de bewoonster uiteindelijk geen aangifte wilde doen, pakte het OM de zaak toch op.
De verdachte, een 48-jarige man zonder vaste woon- of verblijfplaats uit Benin, erkent seks te hebben gehad met twee medebewoners. Volgens hem was dat vrijwillig, en gebeurde het ook wel eens in groepsverband met beide vrouwen tegelijk. Hij ontkent dat er sprake was van dwang.
Brandstichting
Eerder werd hij vervolgd voor mensenhandel en veroordeeld voor het dealen van drugs. Ook leefde hij in 2024 een tijd op straat in Assen. Bij een supermarkt zou hij destijds een minderjarige caissière op haar billen hebben getikt.
In januari van 2025 stak hij tijdens zijn voorarrest in de PI in Veenhuizen een matras in brand in zijn cel. Hij was naar eigen zeggen radeloos en wilde een eind aan zijn leven maken. De officier maakt zich zorgen om het gedrag van de man. „Zodra psychische hulp wordt afgebouwd gaat het mis.”
In eigen behoefte voorzien
De verdachte kan volgens haar geen inzicht geven in zijn gedrag of middelengebruik, en ervaart een andere werkelijkheid dan de mensen om hem heen. „Hij is zelf kwetsbaar, maar heeft ook misbruik gemaakt van kwetsbare vrouwen om in zijn eigen behoefte te voorzien.”
Sinds december 2024 zit de man, die volgens een psychiater verminderd toerekeningsvatbaar is, in voorarrest. De officier van justitie vindt hem schuldig aan de brandstichting en de verkrachting. Voor de aanranding van de supermarktmedewerkster vraagt ze vrijspraak. „Ik kan op basis van de beelden niet bewijzen dat verdachte degene is die haar op haar billen heeft geslagen.”
Gedwongen opname
Ze eist een gevangenisstraf van 48 maanden tegen hem, waarvan 16 maanden voorwaardelijk. Dat zou betekenen dat de man nog meer dan een jaar achter de tralies moet blijven. Na zijn celstraf moet hij zich volgens de officier verplicht laten opnemen in een kliniek, en meewerken aan behandeling en controle op zijn drugs- en alcoholgebruik.