RIVM: overheid doet te weinig tegen problematisch drinken. Foto: ANP
Er moet in de gemeente De Wolden actiever ingezet worden op coördinatie van het alcoholbeleid. Van het vorige Preventie- en handhavingsplan kwam weinig terecht, doelstellingen werden niet gehaald.
„Maar met het vingertje zwaaien als overheid gaat niet werken”, merkte burgemeester Inge Nieuwenhuizen op. Zij beheert de portefeuille veiligheid. De Wolden scoort erg slecht waar het gaat om alcoholgebruik, met drugs lijkt het beter gesteld, al zijn er volgens Marcel Hulst (VVD) steeds meer geluiden dat er flink wordt gebruikt.
De raadsfracties waren het donderdagavond eens over de voorgestelde aanpak van de alcohol- en drugsproblematiek. Er kwam nog wel een amendement van Gemeentebelangen op tafel. Betty Vrielink-Linthorst brak een lans voor de keten in de gemeente, waar momenteel nieuw beleid voor wordt gemaakt. Ze vond het wat te kort door de bocht om direct met sancties te zwaaien. Wat GB betreft moet de evaluatie van het ketenbeleid even worden afgewacht. Na enige discussie gingen alle fracties, op de VVD na, hiermee akkoord.
Weinig capaciteit
Dat er bij jong en oud bewustwording moet komen over alcoholgebruik, was de raad duidelijk. Net als het feit dat dit de nodige tijd gaat kosten. De volgorde in De Wolden moet zijn educatie, regelgeving en dan handhaving. Dat laatste onderdeel is het lastige punt, omdat er nu eenmaal weinig capaciteit is bij de politie en BOA’s beperkte bevoegdheden hebben. „Hier moeten we zeker meer op focussen”, wees Nieuwenhuizen naar alcoholgebruik en schenken aan onder de 18 jaar, wat bij de wet verboden is, alcoholmisbruik in het verkeer en ondermijning. „Er is pas nog een grote controle geweest, waar 345 automobilisten zijn gecontroleerd en er 17 een proces verbaal kregen.”
Wat het beleid op drugsgebruik betreft zijn er ook zeker zorgen, al plaatste Henk van IJzendoorn (GroenLinks) kanttekeningen bij het rioolwateronderzoek dat de raad vorig jaar met een motie heeft afgedwongen. Zo wil men het drugsgebruik in De Wolden meten. „Dat kost 20.000 euro en er kan maar een week op één locatie worden gemeten. Dat geld kan misschien beter worden besteed, want het levert maar weinig informatie op”, vond Van IJzendoorn. Het onderzoek komt er wel.