Hoofdkantoor van de NAM in Assen. Foto: Archief/Marcel Jurian de Jong
Het Openbaar Ministerie (OM) eist 5,6 miljoen euro van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM). Dat werd maandag duidelijk tijdens de eerste dag van de rechtszaak die het OM tegen het oliebedrijf heeft aangespannen.
Het OM heeft de NAM voor de rechter gesleept omdat het bedrijf tussen 2010 en 2019 niet de juiste vergunning zou hebben gehad om afvalwater in de grond te injecteren. Dat doet het bedrijf al jaren in de omgeving van Borgsweer. Volgens het OM heeft de NAM daarbij de regels niet gevolgd.
Beide partijen zijn het erover eens dat daar geen gevaarlijke stoffen voor mens en natuur in de grond zijn verdwenen. De discussie gaat er vooral over dat de NAM de papieren niet op orde zou hebben gehad. Het OM kwam maandag met een berekening dat de NAM daar tussen 2010 en 2019 in totaal 5,6 miljoen euro financieel voordeel aan heeft gehad en eist dat bedrag op.
Pijnlijke zaak
De sfeer in de rechtbank was gemoedelijk, maar directielid Martijn Kleverlaan benutte wel zijn kans om te zeggen dat hij het een pijnlijke zaak vond. „De NAM is een beduidend kleiner bedrijf geworden de afgelopen jaren. Maar wat ons altijd gekenmerkt heeft, is een diepe wens om het juiste te doen en ons te houden aan de wet”, zei hij.
Het stak Kleverlaan dat het OM de NAM verdenkt van financiële spelletjes met het risico op milieugevolgen. „Was het om door een ringetje te halen? Nou, aan onze administratie was een en ander te verbeteren, en dat hebben we gedaan. Hebben we het structureel fout gedaan? Wij vinden van niet. Gelukkig zijn het OM en de NAM samen in rustiger vaarwater gekomen, maar we herkennen ons absoluut niet in wat ons ten laste wordt gelegd.”
Dinsdag begint de tweede dag van de zaak. Dan mag het OM haar verhaal doen. Donderdag krijgt de NAM de kans om zich te verdedigen. Een uitspraak van de rechter komt naar verwachting pas later.