Richard Kemper en Remco Veldhuis. Foto: Carli Hermes
In het begin trekken ze een rode lijn. Letterlijk, precies in het midden van het toneel. Allebei lekker in hun eigen ‘safe space’. In hun herkenbare, hilarische voorstelling ‘Kunnen het niet laten’ leggen Veldhuis & Kemper elkaar meedogenloos langs de meetlat, maar richten ze de blik ook naar buiten.
Ries en Co, zo noemen ze elkaar, Richard Kemper en Remco Veldhuis. Ze vormen, inmiddels al een kleine 25 jaar een succesvol duo en zijn behalve artistiek, ook persoonlijk aan elkaar gelieerd: de partner van Kemper is de zus van Veldhuis.
Een paar dagen voor de première in de Haarlemse Stadsschouwburg spreek ik hen allebei. Apart, om agenda-technische redenen, maar eigenlijk, zegt Kemper, past dat heel mooi bij de voorstelling. ,,Het gaat in onze nieuwe voorstelling over twee mannen die worstelen met de tijd waarin ze leven. Co is een vader van twee dochters die reuze woke zijn en ik verzet me daar enigszins tegen. Je ziet hoe de twee steeds verder uit elkaar groeien, tot ze letterlijk ieder een eigen kant kiezen.”
Witte welvarende man
In de voorstelling verwijt Veldhuis hem inderdaad dat hij niet is ‘aangesloten op deze tijd. Een witte welvarende man, die zich vooral in zijn eigen bubbel begeeft’. Kemper, in de voorstelling tegen het publiek: ,,Als ik om me heen kijk, is wit en welvarend ook hier heel goed vertegenwoordigd.”
Voortdurend hakkentakken de twee tegen elkaar. De een eet vega en bio, de ander verwijt hem dat hij intussen, als-ie even weg van huis is, meteen naar de vleeskroket grijpt; voor de een betekent BLM Black Lives Matter, voor de ander Bacon, Lettuce, Mayo en ga zo maar door. Moeiteloos voelen ze de tijdgeest aan en in een razendsnel tempo dendert het duo door: ze bekvechten over van alles en nog wat, van ouder worden tot relatieperikelen en van ‘woke shit’ tot confronterende mijmeringen. Hilarisch en herkenbaar.
Andere levensfase
Is dat in het echt ook zo? Veldhuis: ,,Nee, natuurlijk dikken we de verschillen aan. We maken kleine dingen groot en grote dingen klein. Ik ben een paar jaar jonger dan Ries, mijn dochters zijn pas 12 en 15, de zoon van Richard is net het huis uit. Dat zijn andere levensfases en daar spelen we mee. Vooral in de beginjaren was mijn rol wat meer die van de onnozele, een tikje clowneske jongere man en Richard was wat bedaagder en wijzer. Nu we allebei rond de 50 zijn, wordt dat leeftijdsverschil minder belangrijk. In dit programma ben ik misschien zelfs wel wat meer de ‘oudere’ die zich zorgen maakt over de wereld en is Ries degene die wil genieten van het leven.”
Kemper: ,,Alles in al onze voorstellingen gaat – ook – altijd over onszelf. Niet letterlijk natuurlijk. Rond je 50ste verandert er weer veel in je leven. Zo denk ik in de voorstelling hardop na een andere relatievorm. Niet dat ik mijn vrouw kwijt wil, ik hou zielsveel van haar, maar hoe zou het zijn om apart te wonen? Dat is heerlijk om over te fantaseren.”
Een ander thema is dat van de overgang: ,,We bespreken eerst alle conventies en clichés en zelfs zingen we er in de voorstelling een lied over. Het is een echte meezinger geworden, op het gênante af. Co wil er niks mee te maken hebben, met die overgang. Het is een splijtzwam in onze relatie.”
Zittende labradoodle
Wat hun eigen ‘roze olifanten’ zijn? Ofwel, de dingen waar ze het maar liever niet met elkaar, familie, vrienden of hun partner over hebben omdat het anders geheid ruzie wordt?
Veldhuis: ,,De dood, daar ga ik met een grote boog omheen. Opvoeding is een heikel thema, zeker bij familie en vrienden. Om het maar niet te hebben over de huisdieren: het wemelt bij mij in de buurt van de mensen die midden op straat stil blijven staan omdat hun labradoodle wil zitten.” Rolt met ogen. ,,Restaurants met kinderen die op hun iPad zitten, daar kan ik me ook kapot aan ergeren. Een terugkerend item tussen ons is bijvoorbeeld de rolverdeling thuis; wij doen alles fiftyfifty, ongeacht hoe druk we het toevallig hebben. Als mijn vrouw een drukke dag op haar werk heeft, zorg ik ervoor dat ze ’s avonds maar wat hoeft op te warmen, ook als ikzelf inmiddels onderweg ben naar ergens in het land. Richard vindt dat overdreven.”
Kemper: ,,Voor mij een roze olifant? Politiek, absoluut. In de voorstelling vertel ik over een verkiezingsavond die ik doorbreng met vrienden. Dat escaleert volledig als ik vertel hoe geschokt ik ben over de enorme winst van de PVV. Sindsdien zie ik ze niet meer.”
De voorstelling 'Kunnen het niet laten' gaat over twee mannen die worstelen met de tijd waarin ze leven. Foto: Carli Hermes
Veilige villawijk
Hij vertelt dat het schrijven van een wekelijkse column voor het Noord-Hollands Dagblad hem heeft gestimuleerd de blik meer op de buitenwereld te richten. ,,Soms komt de buitenwereld wel erg dichtbij. Zo woon ik op nog geen 300 meter van het kerkje in Aerdenhout waar een twintigtal jongens uit het azc zou worden gehuisvest en dat kon toch echt niet in onze veilige villawijk. Een aantal bewoners heeft daar een rechtszaak over gevoerd. Daar heb ik een column over geschreven en dat is me bepaald niet door iedereen in dank afgenomen.”
In de voorstelling vergelijken ze de toestand van de wereld met de groeipijnen die gepaard gaan met verandering. Veldhuis: ,,Zoals een rups loopt, zo gaat het ook met de maatschappij, wat stapjes vooruit, dan weer een paar stukjes terug en dan weer gestaag vooruit. Nu bevinden we ons in het stadium van de ‘paar stapjes terug’, dat geloof ik. Of hoop ik. Vergelijk het met het exoskelet van kreeftachtigen: het kost moeite om je van het oude pantser te ontdoen en dat doet pijn. Groeipijnen zou ook een goede titel kunnen zijn voor onze voorstelling. Wat dat betreft is het begrip ‘overgang’ juist wel weer relevant. Dan slaat het niet alleen op de veranderingen in ons lichaam maar op de grote veranderingen in de wereld.”
‘Toneelvader’ Geert Lageveen
Bijna vanaf het begin is Geert Lageveen – geboren in Drachten, bekend van Orkater-producties – betrokken als regisseur, vertelt Kemper. ,,Inmiddels heeft hij zich echt ontwikkeld tot derde maker. We hebben begin dit jaar allebei een paar weken los van elkaar met hem gewerkt. In december hebben we samen de grote thema’s waar we het over wilden hebben bepaald en daarna zijn we, los van elkaar, met Geert gaan schrijven. Als duo kan je natuurlijk in elkaars allergie gaan zitten – je kent elkaar zo door en door, je weet dat je in een bepaalde stemming beter niet over de opvoeding kunt beginnen – en dat voorkom je op die manier. Geert is een beetje onze toneelvader – hij is een jaar of 10 ouder – of onze coach. Hij heeft ook meegeschreven aan een paar scènes; Geert is een heel goede schrijver.‘’
,,Daarna hebben we in maart, wat we apart van elkaar hadden gemaakt, aan elkaar voorgelezen. Dat was een heel spannend proces dat heel goed heeft gewerkt. En eigenlijk dus ook alweer heel mooi paste bij de vorm die we hebben gekozen: laten we elkaar maar even laten, ieder in zijn eigen hokje.”
Ontroerend
Uiteindelijk besluiten ze toch dat we elkaar misschien wel helemaal niet moeten laten. Na een knallende ruzie concluderen ze dat het eigenlijk wel goed voelt om elkaar nu eens helemaal de waarheid te zeggen. ,,We moeten elkaar helemaal niet laten, we moeten blijven proberen, in gesprek blijven.”
In de ontroerende finale wordt teruggegrepen op een verhaal over de moeder van Kemper die koordirigent was. In een koor moet je ervoor zorgen dat alle verschillende stemmen samen iets moois voortbrengen. Ze zingen samen het lied dat moeder ook zo vaak instudeerde: Blackbird van de Beatles. Het klinkt ontroerend mooi.
Veldhuis & Kemper, ‘Kunnen het niet laten’. Tekst en muziek: Veldhuis & Kemper. Regie: Geert Lageveen. Tournee: 17/12 Meppel; 7/1 Heerenveen; 31/1 Franeker; 11/2 Sneek; 27/2 Stadskanaal; 28/2 Groningen (Stadsschouwburg); 6/3 Hoogeveen; 8/3 Assen; 12/4 Emmen; 13/5 Drachten.
In 1999 werden Veldhuis & Kemper tweede op het Camerettenfestival en besloten ze hun carrière in de reclamewereld vaarwel te zeggen en een sprong in het diepe te wagen. Intussen zijn ze toe aan hun 11de programma samen.
De tekst voor hun voorstellingen schrijven ze samen, net als de liedjes; Kemper speelt piano. Geert Lageveen is vanaf (bijna) het prille begin hun regisseur, coach en in steeds belangrijkere mate een mede-maker.
In het seizoen 16/17 hebben ze even afscheid van elkaar genomen, een sabbatical. Veldhuis heeft een soloprogramma gemaakt, Lang Verhaal Kort en hij was de verteller van The Passion; Kemper schreef de film Huisvrouwen bestaan niet en de relatiekomedie Hart tegen hart, waarin hij ook zijn acteerdebuut maakte.