Maike van der Duin poseert in 2024 met Lea Schurer en Esmee van de Kant op de wielerbaan in Assen. Foto: Jaspar Moulijn
Wielrenster Maike van der Duin uit Assen vreesde voor het einde van haar carrière, maar kroop met hulp van haar naasten uit een diep dal. Zaterdag start ze in de Ronde van Italië.
Op de donkerste momenten van haar fysieke en mentale problemen was Maike van der Duin (24) bang dat het allemaal voorbij was. Dat haar ontluikende wielerloopbaan, reeds bekroond met een olympische bronzen medaille, erop zat. Dat ze nooit meer de oude zou worden.
„Op een gegeven moment wist ik het zelf ook niet meer. Dan liet ik misschien de kop hangen. Ik had al zoveel dingen geprobeerd. Maar de mensen die dicht bij me staan, vooral mijn vrienden en familie, hebben er gelukkig altijd geloof in gehouden. Die zeiden: we gaan gewoon niet opgeven. Ik heb gemerkt hoe belangrijk die steun is.”
Rampspoed
Het is niet niks wat Van der Duin te verstouwen kreeg. In de winter voor de Zomerpelen van Parijs brak ze haar kuit- en scheenbeen. Nog ingrijpender was het overlijden van haar vader, die zo belangrijk was in de jeugdjaren van haar wielerleven. Alsof het nog niet genoeg was, kreeg Van der Duin last van onverklaarbare gewichtstoename. In al die malaise voelde de indrukwekkende bronzen medaille op de olympische wielerbaan als een klein wonder. „Pure overlevingsstand”, zei ze daarover bij RTV Drenthe.
Uiteindelijk kwam de oorzaak aan het licht. Overbelasting en ontstekingen in haar hele lichaam leidden tot vochtophoping. „Het heeft heel lang geduurd, bijna een jaar, tot hoe ik me nu weer voel”, zegt de 24-jarige Van der Duin vlak voor het begin van de Giro d’Italia. „Ik heb zelfs drie maanden niks kunnen doen. Dit is voor mij een comebackseizoen. Het vrouwenwielrennen heeft een super hoog niveau. Ik heb een achterstand opgelopen en moet die weer goedmaken. Dat heeft tijd nodig, maar het gaat goed komen.”
Maike van der Duin (rechts) en haar ploeggenoten Tiffany Cromwell en Zoe Bäckstedt van Canyon/SRAM. Foto: Belga/Tom Goyvaerts
De renster van Canyon/SRAM deed afgelopen weekend vertrouwen op in de Ronde van Burgos. „Daar ging het eigenlijk super goed. Mijn lichaam kon de inspanningen weer aan en herstelde daar ook van. Sinds december heb ik een stijgende lijn te pakken. Ik merk nog bijna wekelijks verschil. De laatste rit in Burgos was een klimetappe. Het verbaasde me hoe goed dat voelde. Heel fijn om te merken, want ik weet nu ook hoe zoiets voelt als ik niet gezond ben.”
Sprinttrein
De vierdaagse in Spanje was voor Van der Duin en haar ploeg een goede oefening richting de Ronde van Italië, waar de Drentse als sprintaantrekker zal fungeren voor de Italiaanse Chiara Consonni. „Zij is vorig jaar bij ons team gekomen, toen hebben we elkaar niet echt leren kennen. We gebruikten het trainingskamp en de Ronde van Burgos om een band op te bouwen.”
Vanaf zaterdag wacht de Giro. Opnieuw negen zware koersdagen, met onder meer de beklimming van de gevreesde Colle delle Finestre. Van der Duin ziet de wielerronde gretig als ‘een mooie investering’. „Het vertrouwen in mijn lichaam is eventjes helemaal weggeweest. Ik heb nu succesverhaaltjes nodig om dat volledig terug te krijgen.”
Latere winnares Maike van der Duin (nummer 888) in De 11 van Peest. Foto: Rudie Ottens
Op eigen bodem schreef de weg- en baanwielrenster recent een fraai hoofdstuk van zo’n succesbeleving. In een ongewone discipline nog wel. Van der Duin won de gravelkoers De 11 van Peest. „Het leek me een leuke wedstrijd, ondanks de risico’s. Ik heb heel voorzichtig gedaan en de eerste ronde puur afgewacht, daarna heb ik nog een keer rustig alle bochten ontdekt. Vervolgens was het twee uurtjes volle bak raggen. Heerlijk.”
Vertrouwen keert terug
De tegenstand was wellicht niet van World Tour-niveau, maar Van der Duin stond na afloop vrolijk op het podium. „Ik wil niemand van de concurrentie tekort doen. Winnen is winnen, zo sta ik erin.”
Hoe klein ook, overwinningen als deze en bijzondere bijdragen aan de resultaten van ploeggenotes moeten de nare herinneringen aan alle tegenslag straks naar de achtergrond verdrijven. „De angst dat het opnieuw mis kan gaan, zit wel ergens in mijn hoofd. Nu ik positieve ervaringen heb met wedstrijden en trainingen, geloof ik steeds meer dat het goedkomt. Het vertrouwen dat het er weer in zit, komt langzamerhand terug.”
Spectaculaire rentree op de baan
De rentree van Maike van der Duin als baanwielrenster verliep eind april verrassend goed. Bij de wereldbeker in Maleisië pakte ze samen met Lisa van Belle, Lorena Wiebes en Daniek Hengeveld brons op de ploegenachtervolging, in een nieuw Nederlands record.
„Super mooi om te doen”, zegt Van der Duin, die het baan- en wegwielrennen waar mogelijk wil blijven combineren. Hoofddoel is het wereldkampioenschap in Shanghai, dat in oktober plaatsvindt. „We moeten nog bekijken hoe ik me daar het beste op kan voorbereiden en voor welke onderdelen ik geselecteerd word. Dat is nog onzeker. Na de Giro rijd ik op de weg eerst in Kopenhagen en Thüringen, daarna volgen meerdaagse wedstrijden in België en Polen. In augustus is het dan weer wat rustiger en in september heb ik de tijd om volledig naar het WK baanwielrennen toe te werken.”