Voetbaltrainer Marc van Meel (51) en zijn vrouw Charlotte (49) uit Groningen vertrokken met zoons Nick en Jim naar Spanje. ‘Trots dat we dit hebben durven doen’
Charlotte (links), zoon Jim en Marc van Meel (rechts), met op de achtergrond het idyllische dorp Cómpeta. Eigen foto
Ze verkochten hun huis, lieten vrienden en familie achter in Groningen om in Spanje een nieuw leven te beginnen. Hoe zou het toch zijn met voetbaltrainer Marc van Meel en zijn gezin? Spoiler: geweldig, al mist zoon Jim wel zijn favoriete snack.
Het is even voor 12 uur ’s middags als Van Meel belt. Een paar minuten eerder dan afgesproken. Niks ‘mañana’ dus. ,,Haha’’, lacht Marc. ,,Nee, we blijven natuurlijk zo Nederlands als je maar kunt denken: op tijd zijn, liever te vroeg dan te laat. Maar het werk zit er hier een beetje op en dus dacht ik: ik bel alvast.’’
Drukte in de ochtend
De drukte zit ‘m bij de Van Meels tegenwoordig vooral in de ochtend. Dan moet het ontbijt worden gemaakt en de bedden opgemaakt, de vuilnis weggegooid en de boel weer op orde voor de nieuwe gasten. ,,Zo rond 12, 13 uur is dat meestal wel klaar’’, zegt Van Meel. ,,Dan hebben we even tijd voor onszelf.’’
Een jaar geleden hakten ze de knoop door. Van Meel, leraar lichamelijke opvoeding aan het Hogeland College in Winsum en zijn vrouw Charlotte, administratief medewerkster bij verschillende bedrijven, zegden hun baan op, verkochten hun fraaie twee-onder-één-kap in de wijk De Buitenhof in Groningen en namen oudste zoon Nick (21) en jongste zoon Jim (10) mee op een ongewis avontuur: ze kochten bed & breakfast Casa Maroma in het centrum van Cómpeta, Andalusië, Zuid-Spanje. Op een uurtje rijden van Málaga en een halfuurtje van de Middellandse zee.
Middelste zoon bleef op Ameland
In de herfst was alles rond, begin januari vlogen ze met zijn vieren naar Spanje. Sven (19), de middelste van de drie zoons, bleef wonen en werken op Ameland. Inmiddels zit het drukke zomerseizoen er zo’n beetje op, nu de vakanties in Nederland zijn afgelopen. Maar in Casa Maroma moesten ze het bepaald niet alleen van Nederlanders hebben, zegt Van Meel.
,,We hebben hier in de afgelopen bijna zeven maanden 25 nationaliteiten over de vloer gehad. Engelsen, Belgen, Duitsers, Fransen, Japanners en Australiërs, je kunt het zo gek niet bedenken. Vooral wandelaars, want wandelen kun je hier in de omgeving heel erg goed.’’
Bos, beekjes en rust
Die omgeving heeft Van Meel aangenaam verrast. ,,Het is echt zo prachtig hier, dat had ik van tevoren ook niet gedacht. De natuur is fantastisch: beekjes, bos, vooral rust. En dit dorp is zo nostalgisch en sfeervol. Als ik in de bergen loop en naar Cómpeta kijk dan is het echt een plaatje met die witte huisjes. Dat voelt echt goed.’’
Over gebrek aan klandizie hebben ze in Casa Maroma niet te klagen. ,,Natuurlijk liep deze B&B al hartstikke goed, dat hadden we allemaal goed uitgezocht’’, zegt Van Meel. ,,Maar als dat dan ook zo blijft na de overname, dan is dat geweldig. We hadden de afgelopen maanden een bezettingsgraad van 90 procent. We krijgen fantastische reviews, en daar zijn we heel blij mee.’’
Het regent tienen
Een klein onderzoekje op reviewsites bevestigt dat: het regent negens en tienen voor Marc en Charlotte, wier gastvrijheid en perfecte ontbijtjes worden geroemd. ,,Ja’’, zegt Marc, ,,dat is heel fijn. Alles loopt eigenlijk zoals we dat zouden willen. Weet je waar we het meest trots op zijn? Dat we dit hebben durven doen.’’
Een van de kamers van Casa Maroma van Marc van Meel en zijn vrouw Charlotte. EIGEN FOTO
Hij is tegenwoordig niet alleen B&B-eigenaar, maar via sociale media ook een soort van marketeer. ,,We proberen bijvoorbeeld met acties via ons Instagramaccount (casa.maroma) bekendheid te krijgen’’, zegt Van Meel. ,,Dat hoort er tegenwoordig bij. We hebben binnenkort een winactie waarbij mensen twee gratis overnachtingen kunnen winnen.’’
‘Incheck met handen en voeten’
Al die verschillende nationaliteiten zorgen dat Charlotte en Marc zich met hun Engels aardig kunnen redden. Maar bij Spaanse gasten, waarvan er ook veel komen, is de taal wel een puntje van aandacht. ,,Ook de Spanjaarden in het dorp spreken nauwelijks Engels, dus dat is wel lastig. De incheck gaat dan soms met handen en voeten. Maar daar werken we hard aan, we volgen beide Spaanse les. Een paar zinnetjes ken ik al, en Charlotte ook. Maar bij Jim gaat het een stuk sneller, die neemt alles als een spons in zich op.’’
Nee, geen Ik Vertrek-ellende in Casa Maroma. De V0an Meels kochten een ‘instapklare’ bed & breakfast, die net volledig was gerenoveerd. Met prachtige kamers, badkamers en zelfs enkele dakterrassen. ,,Ja, natuurlijk is hier ook wel eens wat kapot’’, zegt Van Meel. ,,Laatst hadden we een elektricien nodig. Maar bouwkundige problemen? Nee, alles is perfect in orde.’’
Elektricien achter de broek
De reparatie door die elektricien ging niet helemaal zonder slag of stoot, en daarmee is de voornaamste ergernis van de Van Meels wel genoemd. ,,We vinden het wel eens lastig dat er vaak geen concrete afspraken worden gemaakt, dat er geen duidelijkheid is. Daar moeten we misschien nog aan wennen. Wij zijn echt Nederlands: je komt op tijd, je komt je afspraak na. Maar zo’n man moet je soms achter de broek zitten. Maar dat is eigenlijk het enige.’’
Ook zoon Jim (10) heeft het goed, zegt pa Marc. ,,Hij heeft veel vriendjes en voetbalt inmiddels bij Cómpeta CF in de Onder-10. Hij heeft het enorm naar de zin hier. Bij het voetbal, maar ook in het dorp, met zijn vrienden. Hij spreekt al Spaans en redt zich ook in het Engels. Want hier wonen ook veel verschillende nationaliteiten: Nederlanders, Engelsen, hij heeft bijvoorbeeld een vriendje uit IJsland.’’
‘Het gaat wel erg om winnen hier’
Het jeugdvoetbal gaat er nog wel wat anders dan in Nederland, heeft Van Meel, oud-hoofdtrainer van onder meer DZOH, Noordscheschut, The Knickerbockers, Viboa, Harkemase Boys en PKC ’83, gezien. ,,Het gaat hier echt nog heel erg om winnen. De beste spelers krijgen veel speeltijd, sommige jongetjes spelen soms maar drie, vier minuten. In Nederland gaat het meer om de ontwikkeling en krijgen spelertjes ongeveer evenveel speeltijd. En ze spelen nog met een ingooi en buitenspel in de Onder-10, in Nederland niet.’’
Jim kon al met de vorige trainer mee naar een grotere club, maar daar staken Van Meel en zijn vrouw een stokje voor. ,,Laat hij eerst maar eens wennen hier, dan kan hij altijd nog een stap maken indien nodig. Eerst maar even in dit dorp alles ontdekken en vriendschappen maken. En gelukkig gaat hem dat heel goed af. Jim is een makkelijk mannetje. Heimwee? Heeft hij eigenlijk niet gehad. Twee vriendjes uit Groningen kwamen langs, dat vond hij fantastisch. Maar hij heeft het geweldig hier.’’
Benieuwd naar PKC ‘83
Van Meel volgt het noordelijke voetbal nog van afstand. ,,FC Groningen heeft ingeleverd aan kwaliteit en ervaring en moet volgens mij vooral focussen op het pakken van punten in uitwedstrijden, daar kunnen ze een slag maken. En ik vind het geweldig dat mijn oude club PKC ’83 is gepromoveerd, ben heel benieuwd hoe ze het in de vierde divisie gaan doen.’’
Verder dan kijken bij het team van zoon Jim gaat Van Meels bemoeienis met het Spaanse amateurvoetbal nog niet. ,,Nee, misschien ga ik in de nabije toekomst wat doen in het voetbal hier, natuurlijk jeukt het soms. Maar dan zal ik eerst echt beter Spaans moeten spreken, anders wordt het lastig.’’
Jim gaat natuurlijk nog naar school, maar zijn oudere broer Nick (21), heeft inmiddels zelfs werk gevonden in de buurt van Cómpeta. ,,Hij werkt in de real estate, zoals ze de makelaarswereld hier noemen’’, zegt Van Meel. ,,Daar is veel werk in, er worden overal huizen gebouwd. Dat vindt hij geweldig. Heel afwisselend.’’
Jim mist frikandellen
Sven, de middelste, bleef dus in Nederland wonen, maar overweegt volgens Van Meel ook een stap naar Cómpeta. ,,Hij hoort en ziet natuurlijk ook hoe het hier gaat, en dat lijkt hem ook wel wat. Al vindt hij Cómpeta wat te klein, hij is meer van de grote stad. Maar hij heeft het voorlopig nog uitstekend naar zijn zin op Ameland.’’
Of ze Groningen ook missen? Mwah, natuurlijk een beetje, zegt Van Meel. ,,Het weer in elk geval niet. Dat is hier zo lekker, het is gewoon heerlijk dat je grotendeels buiten kunt leven. En gedurende die eerste maanden hadden we eigenlijk ook nauwelijks tijd om na te denken over Groningen. Nu komt de iets rustiger periode eraan. We gaan de terrassen vernieuwen. Ergens volgend jaar willen we zeker een keer terug. Niet dat we drop of een eierbal missen hoor, dat niet. Jim wel: die mist vooral frikandellen.’’