Medium Jeltsje Folmer schreef een boek over families en andere groepen die voelen als een gevangenis: Het familiesyndicaat. Foto: Jacob van Essen
Oma die het gezellig wil houden, de broer die overheerst, de partner die stilletjes volgt — en degene die ziet wat niemand wil benoemen. Medium Jeltsje Folmer uit Leeuwarden noemt dat het familiesyndicaat. Ze schreef een boek over ongezonde groepsdynamieken die mensen klein houden, thuis én op het werk.
Als klein meisje had Jeltsje Folmer (53) al het gevoel dat ze iets bijzonders kon. Ze was een jaar of 6, zegt ze, toen ze voor het eerst een boodschap doorkreeg. Het gebeurde op een zondagochtend bij haar pake thuis. Op de schoorsteenmantel stond een klein, rood Maori‑totembeeldje dat haar grootouders uit Nieuw‑Zeeland hadden meegenomen. Terwijl ze ernaar keek, ‘wist’ ze: „Als ik niet in dit lichaam was geboren, dan was ik iemand anders geweest.”
„Het is een van mijn vroegste herinneringen’’, zegt Folmer nu. Ze sprak er nooit over, maar droeg het wel met zich mee. Volgens haar was het een eerste contact met ‘het hogere’, een energie die haar een inzicht gaf. Dat het beeldje uit Nieuw-Zeeland kwam, ”een land met hele oude rituelen”, ziet ze achteraf als een mogelijke trigger. „Misschien zat er nog een soort resonantie in dat beeldje die iets bij mij openzette.”
Een gids die Hachi heette
In haar praktijkruimte aan de rand van de Leeuwarder wijk Zuiderburen vertelt Folmer hoe ze als kind al dingen waarnam die anderen niet opmerkten: schimmen langs het raam, licht om mensen heen, antwoorden op vragen die niemand nog hardop had gesteld. Hoewel ze enig kind was, voelde ze zich zelden alleen. Ze zegt dat er vaak een gids bij haar was, die ze Hachi noemde. „Iedereen zei Hatsjie, zoals een nies, maar het is eigenlijk Hachi, zoals het Japanse cijfer acht.”
Het boek Het Familiesyndicaat van Jeltsje Folmer is verkrijgbaar (14,95 euro) via haar website
Later, tijdens de puberteit, werden de waarnemingen intenser en maakten ze haar bang. „Ik heb nare paranormale ervaringen gehad. Op die leeftijd ben je heel gevoelig. Toen heb ik de knop uitgezet.”
De stem van haar moeder
Pas na het overlijden van haar moeder in 2007 kwamen de gewaarwordingen terug. Volgens Folmer hoorde ze in die periode zo nu en dan haar moeders stem: „Náást mij, niet in mij.” Dat verschil was voor haar belangrijk. „Toen dacht ik: nu moet ik hier iets mee. Anders ga ik weer van alles zien en voelen, en dat wil ik niet. Je moet dit kunnen beheersen om er niet in te verdwalen.”
Ze meldde zich aan voor een opleiding bij een medium. Aanvankelijk met maar één doel: leren hoe ze de waarnemingen weer kon stoppen. Gaandeweg merkte ze echter dat ze „haar talent ook kon inzetten om anderen te helpen”. Een talent dat volgens haar voortkomt uit de vrouwenlijn van haar familie en levenservaring vraagt om er verantwoord mee om te kunnen gaan.
Van griffier naar fulltime medium
Jarenlang combineerde ze haar werk als commissiegriffier bij gemeenten met het mediumschap. Door aanhoudende vermoeidheidsklachten na een coronabesmetting kon zij haar functie als commissiegriffier niet langer volhouden. Sindsdien werkt ze alleen als medium, waarbij ze haar eigen tempo kan bepalen en voldoende rustmomenten kan inlassen. In haar praktijk ‘leest’ en ‘heelt’ ze andermans energie (readings en healings) en geeft ze boodschappen door van overleden dierbaren (spiritconsults).
Op haar website benadrukt Folmer dat ze aards en nuchter is. Ze noemt zich ‘een modern medium, een spirituele co-creator, een pad-vinder’ voor anderen. „Ik ben absoluut geen zweverig medium. Niet iemand die meer bezig is met het spirituele proces, dan met kijken naar waar mensen op dit moment behoefte aan hebben - in het aardse, waar het prachtig is.” Daarbij ‘leest’ ze nooit iemand zonder toestemming. „Ik zou het ook heel vervelend vinden als iemand zomaar mijn post gaat lezen.”
Medium Jeltsje Folmer in haar praktijk nabij de Leeuwarder nieuwbouwwijk Zuiderburen. Hier ‘leest’ en ‘heelt’ ze andermans energie (readings en healings) en geeft ze boodschappen door van overleden dierbaren (spiritconsults).
Foto: Jacob van Essen
In een familiesyndicaat overheerst controle
Een groot deel van haar werk draait om een begrip dat ze zelf introduceerde: het familiesyndicaat, een ongezond systeem waarin controle, loyaliteit en macht belangrijker zijn dan liefde en vrijheid. „In een gezonde familie kun je gewoon jezelf zijn en kun je van iedereen houden. Hoef je niet loyaal te zijn, behalve aan jezelf. Wat jij brengt is belangrijk en het maakt niet uit hoe gek het gaat of hoe excentriek je bent, je wordt geaccepteerd zoals je bent. In een familiesyndicaat is dat niet zo. Er is macht, er is loyaliteitsdruk.”
In het gelijknamige boek dat ze hierover schreef en in eigen beheer uitgaf, voert ze vier rollen op die binnen zo’n systeem terugkeren. Dit zijn: delosbreker, degene die eruit probeert te stappen; de poortwachter, die controle uitoefent; de volger, gevangen tussen loyaliteit en verlangen naar vrijheid; en de geheimdrager, vaak de patriarch of matriarch van de familie, die weet welk onbenoemd trauma er speelt.
De verjaardag bij oma
Volgens Folmer wordt op een ogenschijnlijk gewone familieverjaardag, „laten we zeggen een diner bij oma”, direct zichtbaar hoe een familiesyndicaat werkt. De losbreker voelt meteen dat „er iets niet klopt”, terwijl de geheimdrager (in dit geval oma)de sfeer strak regisseert met een vriendelijk maar waarschuwend: „Laten we het vooral gezellig houden.” Zodra de losbreker voorzichtig benoemt wat onder de tafel blijft liggen, grijpt de controlerende poortwachter in: „Dit is niet hoe we het doen. We gaan het hier niet over hebben.”
De volger (vaak de partner van de poortwachter of een broer of zus) schaart zich meteen aan de zijde van de poortwachter, in woorden én lichaamstaal. Folmer beschrijft hoe die steun subtiel maar glashelder is: een hand op de arm, gevolgd door verwijten als „Waarom doe je ons dit aan?” Ondertussen kapt de geheimdrager het gesprek abrupt af door „over koetjes en kalfjes” te beginnen. Wat voor buitenstaanders onschuldig lijkt, is volgens Folmer een doelbewuste manier om het gesprek te smoren. De losbreker merkt hoe „het koud wordt” en de groep langzaam sluit.
Die kilte is geen toeval, zegt Folmer, maar de kern van het syndicaat: controle gaat boven waarheid. De losbreker wordt al snel weggezet als degene die „de boel kapot maakt”, terwijl die zelf ervaart: „Ik maak niks kapot. Ik ben vrij en ik zie wat hier gebeurt.”
Macht, loyaliteit en angst op de werkvloer
Het patroon reikt volgens haar veel verder dan de woonkamer van oma; dezelfde dynamiek duikt net zo goed op in teams en organisaties waar schijnharmonie belangrijker is dan eerlijkheid.
Ze geeft een voorbeeld op kantoor, waar een hardnekkige machtsdynamiek ontstaan is rond één dominante medewerker: de poortwachter. De teamleider wil als losbreker dingen veranderen. Ondertussen stelt depoortwachter elke voorgestelde verandering ter discussie – te veel werk, te weinig nut, „we doen het al jaren zo” – en remt zo het proces. Achter die weerstand gaan vooral angst en statusbehoud schuil.
De volger durft hier niet tegenin te gaan: loyaliteit aan de poortwachter is nodig om buitensluiting of tegenwerking te voorkomen. En de geheimdrager, die de zwakke plekken van de poortwachter kent, strijkt diens fouten zorgvuldig glad. Zo houdt het drietal elkaar in evenwicht én het team in de houdgreep.
Iedereen heeft iets te leren
Zelf heeft Folmer in een ver verleden ook wel eens gevoelens van buitensluiting ervaren, „volledig genegeerd worden alsof ik niet bestond”, maar ze bevond zich nooit in een beklemmend syndicaat. In haar familie voelt ze alleen maar liefde. „Toen mijn moeder overleed en drie jaar geleden mijn vader, kwam ik in een warm bad terecht. Ik heb niet met iedereen veel contact, maar we kunnen op elkaar rekenen.”
Volgens Folmer heeft iedereen binnen een familiesyndicaat iets te leren. „Als je dat proces aangaat, ontstaat er ruimte voor verandering”, zegt ze. Doorbreken vraagt volgens haar veel inzicht, moed en soms een periode van eenzaamheid. Met haar boek wil ze lezers vooral erkenning bieden. „Ik wil dat mensen voelen dat hun ervaring wáár is. Niet overgevoelig, niet overdreven. Ik wil geen wonden opentrekken, maar de pleister eraf halen zodat de wond kan helen.”
Volgens medium Jeltsje Folmer heeft iedereen binnen een familiesyndicaat iets te leren: „Als je dat proces aangaat, ontstaat er ruimte voor verandering,” Foto: Jacob van Essen
Iedereen heeft losbrekersenergie
Ze hoopt dat lezers hun eigen rol gaan herkennen en hun trauma onder ogen durven zien. Daarbij benadrukt ze dat ook de poortwachter vastzit. „Die eist controle en loyaliteit omdat hij geen andere manier kent om zich veilig te voelen. Ook dat loslaten kan een intens proces zijn.”
Haar boek combineert een aards deel — dat inzicht geeft in ongezonde familiesystemen — met een spirituele laag. Ze verweeft inzichten uit de psychologie van Jung (over de twaalf archetypen en het collectief onbewuste), de chakra‑leer (een eeuwenoude oosterse filosofie die uitgaat van zeven fysieke en mentale energiecentra in het lichaam) en reïncarnatie met wat ze in haar praktijk ziet.
„Ik beschrijf hoe energie en angst zich in het lichaam kunnen vastzetten, en hoe je dat kunt doorbreken. Iedereen heeft losbrekersenergie in zich,” zegt ze. „Het gaat erom dat je die herkent en erkent.”