Willem de Kok: nog even directeur van Martiniplaza. Foto: Peter Wassing
Martiniplaza in Groningen kwam berooid uit de economische crisis toen Willem de Kok er in 2014 aantrad als directeur. Toch ging hij er goedgemutst aan de slag. Nu neemt hij afscheid.
Hoe leuk Willem de Kok (Dordrecht, 1955) zijn gezin, hun huis, hun tuin en hun paarden ook vindt; tijdens corona ontdekte hij dat hij nog lang niet met pensioen wilde. „Ik zat tijdens corona een week thuis en ik weet nog dat ik dacht: ‘Als dit je leven is...’ Toen besloot ik dat ik langer wilde doorwerken.’’
Vandaar dat hij niet op z’n 67ste met pensioen ging, maar op z’n 70ste. En nu het zover is, vindt hij alsnog dat die laatste paar jaar voorbij zijn gevlogen. Vindt hij het jammer dat hij Martiniplaza verlaat.
Van goed naar steengoed
„Ik heb nooit het gevoel gehad dat ik naar mijn werk ging. We hebben een tof team, ik ben hier samen met de collega’s gaan ondernemen, veel meer dan in mijn eerdere banen in het uitgeversvak. Er gebeurt hier veel, elke dag is anders. Wat wil je ook met zulke uiteenlopende evenementen, zo veel publiek. Ik bemoei me overal mee, met de bedoeling van een goed plan een steengoed plan te maken’’, schetst hij de dagelijkse gang van zaken.
Hij werd op een dag gepolst of hij directeur van Martiniplaza wilde worden. Hij wist dat het er financieel op z’n zachtst gezegd niet op rolletjes liep, dat er enorme verliezen werden geleden. Tegelijkertijd zag hij dat er ook goed nieuws was. „Per jaar komen hier een half miljoen mensen over de vloer. Als die allemaal een paar euro meer betaalden....’’
Vandaar dat hij opgetogen en vastberaden aan de slag ging. „We moesten de mouwen opstropen, we hadden weinig tijd, we waren bijna failliet. We maakten schoon schip’’, zegt hij.
Het paard was overal
Maar met dat hij en zijn team daarmee bezig waren, dreigde er een nieuwe strop voor Martiniplaza: de musical War Horse, waarvoor amper een kaartje was verkocht. „Ik weet de premièredatum nog uit m’n hoofd: 9 januari 2015. We hadden in anderhalve maand tijd nog 30.000 kaarten te verkopen’’, blikt De Kok terug.
Hij overlegde met z’n collega’s, ze beseften dat álles geoorloofd was om het hoofd boven water te houden en ze toverden een idee uit de hoge hoed. Ze besloten het paard uit de musical - een levensechte creatie waarin twee acteurs verstopt zaten - overal te laten optreden. Van het concours hippique in Leeuwarden tot het Hoofdstation van Groningen: het paard vertoonde overal z’n kunsten en sprak tot de verbeelding. „Het zorgde voor publiciteit en het was onze redding. Ik geloof dat we uiteindelijk 38.000 kaarten hebben verkocht.’’
Het bracht Martiniplaza het winnaarsgevoel dat lang kwijt was geweest. Vol energie timmerden De Kok en z’n team vervolgens aan de weg en kreeg Martiniplaza de wind in de zeilen. Niet alleen financieel: uit recent onderzoek bleek dat het een van de weinige plekken is waar alle politieke gezindten samenkomen, of het nou voor theater is, voor een basketbalwedstrijd of voor een beurs.
Afscheid
De Kok zou graag meepraten en meebeslissen over de toekomst van Martiniplaza, die - wie weet - op het Suikerunieterrein ligt. „Het is het ultieme moment om het bedrijf opnieuw uit te vinden. Daarom ben ik ook blij dat Dirk Nijdam aan het roer komt. Hij is iemand die het hele speelveld overziet.’’
Maandag 15 juni neemt De Kok tijdens een feestelijke receptie afscheid van Martiniplaza. Daarna gaat hij aan de slag als interim manager.