Zal er ooit weer een draverij zijn in het Stadspark? Foto: Corné Sparidaens
Is het huurcontract dat het vertrek inluidde van de paardensport uit het Stadspark in Groningen vals? Om daar achter te komen, wil de Koninklijke Harddraverij en Renvereniging Groningen de ondertekenaars onder ede horen.
De rechter moet daar toestemming voor geven. De KHRV gebruikte maandag in een rechtszaak in Groningen grote woorden om haar zaak te bepleiten. In de richting van de gemeente sprak advocaat Jewan de Goede zelfs van mogelijk ‘ambtelijke corruptie’. Hij doelt op handtekeningen die zouden zijn vervalst in een overeenkomst die in 2013 ‘opdook’.
Daarin zou de KHRV in 2004 afstand hebben gedaan van het recht om voor altijd wedstrijden te mogen organiseren in het Stadspark. De paardenvereniging wil van de vermeende ondertekenaars ten overstaan van de rechter horen of zij daadwerkelijk hun krabbel onder het contract hebben gezet. In ieder geval één bestuurslid van de KHRV heeft in een eerder stadium verklaard dat hij niet zelf heeft getekend.
‘Nooit eeuwigdurend recht’
Tijdens de zitting probeerde advocaat Birgit Gruppen van de gemeente Groningen het belang van de KHRV voor een getuigenverhoor onderuit te halen. Volgens haar is het verhaal van de paardenvereniging gebaseerd op aannames en beschuldigingen die niet worden onderbouwd met bewijzen. Zij vindt het te ver gaan om getuigen te laten opdraven voor een zaak met zo’n wankele basis.
De KHRV twijfelt onder meer aan de echtheid van het contract uit 2004, omdat zij een contract heeft uit 2003 waarin staat dat ze ‘voor onbepaalde tijd’ mag koersen in het Stadspark. Waarom zou je dat een jaar later alweer overboord gooien? Maar Gruppen ontkent het bestaan van dat contract. Weliswaar lag hiervoor in 2003 een concept op de plank, maar dat is niet ondertekend en daarmee zou de KHRV dus nooit het eeuwigdurend recht hebben gehad op de drafbaan.
‘Hernieuwd speurwerk’
De rechter hield de KHRV een spiegel voor toen zij zich richtte tot haar advocaat. „Jaagt uw cliënt geen hersenschimmen na?”
De paardenvereniging vindt van niet. Zij wil per se weten of het huurcontract, dat volgens haar cruciaal was voor het einde van de draverijen in het Stadspark, vals is. De advocaat van de KHRV wijst er op dat er zoveel aspecten zijn die twijfel oproepen dat onderzoek gewenst is. „Ook als het zou aantonen dat het hersenschimmen zijn. Er moet duidelijkheid komen.”
De KHRV betwijfelt de echtheid van het contract omdat zij er in notulen van vergaderingen niks over kan vinden. Ook zouden de mannen die namens de vereniging in 2004 hebben getekend niet bevoegd zijn geweest. De paardenclub vindt het verder opvallend dat er geen exacte datum op het contract staat. Zij vermoedt dat het in 2013 is opgemaakt en geantedateerd.
Wat ook niet helpt, is dat het originele contract jarenlang niet kon worden getoond. Volgens de gemeente zou het zijn vernietigd. Na herhaald aandringen, waarbij de rechtbank de gemeente sommeerde beter te zoeken, kwam het vorig jaar december toch boven tafel. De advocaat van de gemeente hield het op ‘hernieuwd speurwerk’.
Alle stappen doorlopen
Een archief-ambtenaar van de gemeente verklaarde maandag tegenover de rechter dat er een ‘waterdichte procedure’ was gevolgd. Het stuk was na het verstrijken van de juiste termijn voor vernietiging voorgedragen. Alle stappen die daar voor nodig zijn waren doorlopen. Waarom iemand binnen de gemeente besloot het document niet te vernietigen, bleef tijdens de zitting onduidelijk.
De KHRV wil de onderste steen boven hebben om een belangrijke volgende stap te kunnen zetten. De draf- en renvereniging maakt er geen geheim van dat ze weer wedstrijden wil organiseren in het Stadspark. Daar is dan wel herstel van de huurrelatie met de gemeente voor nodig. De rechter doet op 16 maart uitspraak.