Agent Meinie Boneschansker. Foto: Jan Willem van Vliet
De politie staakt tijdens voetbalwedstrijden en demonstraties om de regeling voor een vervroegd pensioen mogelijk te maken. Want politiewerk is zwaar werk en de tijd dat die pet ons allemaal paste, lijkt wel vergeten.
Meinie Boneschansker (58) uit Pekela heeft een broodtrommel. Een Tupperware broodtrommel. Met vier boterhammen erin die hij ’s ochtends zelf heeft gesmeerd, met kaas of vlees of hagelslag, net waar hij zin in heeft, en Meinie Boneschansker heeft iedere dag van zijn leven als politieman één voornemen: die broodtrommel brengt hij zelf weer thuis. Hij, agent Boneschansker – en niet een collega – omdat hij in een ziekenhuis ligt bijvoorbeeld, of erger.
Een spannende afwisselende baan
Hij is 39 jaar in dienst als politieman. Nu in Delfzijl, maar hij begon in 1985 als jonge diender op het bureau aan de Rademarkt in Groningen. Hij wilde bij de politie omdat het een spannende afwisselende baan was en ja – toch ook om mensen te helpen. Hij had nog nooit een dode gezien.
Dat was in de tijd van reclameslogans als ‘de politie is je beste kameraad’ en ‘die pet past ons allemaal.’
En die slogans, zegt hij, kloppen nog steeds. Maar de wereld onderging harde veranderingen. En de omstandigheden bij de politie veranderden niet even hard mee. Het is de reden dat hij samen met zijn collega’s strijd voert om eerder met het werk te kunnen stoppen. Agenten staken tijdens voetbalwedstrijden van de eredivisie om hun eisen kracht bij te zetten: de politievakbonden willen dat het sparen voor een vroegpensioen volgend jaar niet wordt beboet.
Politiecode
De politie is waakzaam en dienstbaar aan de waarden van de rechtsstaat, zo stelt de politiecode. Maar wie kiest voor waakzaamheid en dienstbaarheid, kiest voor een zwaar beroep.
,,Mensen weten niet wat je tegenkomt in dit werk’’, zegt Boneschansker.
Hij herinnert zich het kind, op de crèche in de Oosterpoortwijk in Groningen, dat niet meer wakker was geworden na het middagslaapje. Hoe hij vanuit zijn ooghoeken zag hoe zijn collega het met twee vingers probeerde te reanimeren, terwijl hij met ‘toeters en bellen’ dwars door het stadsverkeer stoof, op weg naar het ziekenhuis. ,,Voor kinderen wil je altijd tot het uiterste gaan. Maar ik heb me na afloop wel afgevraagd: heb ik niet andere mensen in gevaar gebracht omdat ik er één wilde redden?’’
Redden kon hij niet. Het kind overleed een paar dagen later in het ziekenhuis.
Bloed aan het broodmes
Hij herinnert zich de studente die haar polsen doorsneed in een poging haar leven te beëindigen, hij ziet zich nog staan in dat kleine kamertje aan de Groningse Winschoterkade, het bloed aan het broodmes. Een paar maanden later sprong ze alsnog van de Martinitoren. Omdat hij dienst had tijdens haar eerdere poging tot zelfdoding, werd hem gevraagd haar te identificeren. Hij herkende haar omdat ze alleen van binnen kapot was.
,,Daar denk ik constant over na, dat zijn de eerste slachtoffers die bij me opkomen, ik vergeet ze niet. Maar ik heb er zoveel gezien. Mensen die hangen. Mensen die zichzelf voor het hoofd hebben geschoten, verdronken mensen. Geef het een plek, zeggen ze, maar hoe doe je dat als jonge agent? PTSS komt steeds vaker voor bij de politie.’’
Belaagd via facebook
Hij woont in Pekela. ,,Daar heb je klootzakken en schiere klootzakken, zeg ik altijd maar. Als je maar eerlijk en duidelijk bent, wordt dat geaccepteerd, ook van een agent. Maar ik ken collega’s die belaagd zijn via facebook.’’
Hij was een tijdlang surveillancehondengeleider. ,,Dan kom je altijd in geweldssituaties. Je hebt altijd de menigte tegen je. Mensen sarren. Je doet het nooit goed. Vroeger waren er nog geen mobieltjes. Nu moet je je constant bewust zijn van wat je zegt tegen het publiek. Alles moet kunnen, dat gevoel heerst. Wat jij zegt wordt direct bestempeld als discriminatie. In de jaren 80 deed ik eens een verkeerscontrole en wilde een fietser stoppen, maar die reed door. Ik kon hem nog net bij zijn capuchon grijpen en toen lag hij op straat. Weet je wat hij zei? ‘Ik heb pech’.’’
Twee keer blaffen en ze zijn weg
Er is altijd de noodzaak tot alertheid. ,,Mensen deinzen achteruit als er een agent voor ze staat met een hond aan een 2 meter lange lijn. Twee keer blaffen en ze zijn weg. Maar als je die lijn laat vieren en de hond bijt, dan heb jij geen bescherming meer, dan ben je alleen. Dus dat moet je te allen tijde voorkomen. En dan, na afloop, als de dreiging weg is en de collega’s vertrekken, moet jij als hondengeleider de hond in de auto doen en dan is er altijd die 5 meter naar het portier dat je alleen bent. Je moet constant schakelen, je afvragen: hoe kom ik hier heelhuids uit?’’
Bang is hij nooit geweest. Onrustig misschien, een soort ‘niet-pluisgevoel’, toen hij eens een hond in beslag nam van een man die achteraf gezien een redelijk zware jongen was. ,,Hij heeft toen heel Oost-Groningen afgebeld naar mensen met mijn achternaam om erachter te komen waar ik was. Dat was nog in de tijd van de telefoonboeken. Ik kwam erachter omdat hij ook mijn ouders had gebeld. Hij was uit op wraak.’’
Als je in de stront roert, gaat het stinken
Hij heeft het pas later aan zijn vrouw verteld. ,,Wat hier gebeurt, neem je nou eenmaal niet mee naar huis. Je kunt het daar niet allemaal vertellen – hoe was je dag schat, ach er was een aanrijdinkje, de arm van de bestuurder lag er helemaal af – dat doe je niet. Bij mij thuis weten ze wat voor werk ik doe en dat ik daar niet altijd open over kan zijn. Soms kan ik lichtgeraakt zijn. Soms is het ook beter om niet meer over nare ervaringen te praten. Als je erover praat, komt het weer boven. Als je in de stront roert, gaat het stinken. Dan kun je het dus maar beter netjes in een potje met een dekseltje doen.’’
Meinie Boneschansker. Foto: Jan Willem van vliet
Stoere kerels met kolenschoppen
Onze wereld is veranderd. Dus de politie ook.
,,We waren altijd stoere kerels met schoenmaat 45 en kolenschoppen van handen. Wij waren de baas. Maar we zijn nu de baas samen met andere bazen. We werken meer samen met hulpverleners die kantoortijden hanteren. Dus als wij een man die aan het doordraaien is meenemen naar het bureau, kunnen wij hem niet insluiten want hij heeft niets strafbaars gedaan. Maar soms duurt het uren voordat je een medicus vindt. De twijfelgevallen worden niet opgenomen en blijven onze verantwoordelijkheid; niet formeel, wel praktisch. Wie pakt wat op: dat is momenteel de grote vraag. Overal is personeelskrapte.‘’
Hoeveel secties kun je aan?
Krapte zet het toch al zware politiewerk nog verder onder druk.
,,Wij wisten niet dat er zoveel mensen met pensioen zouden gaan. We hebben nu ongeveer 63.000 man in de organisatie. Er zijn vastgestelde richtlijnen voor wie gebruik kan maken van de Regeling Vervroegde Uittreding, zoals de ‘blauwe collega’s’ die op straat werken, de recherche. Rechercheurs zien nog veel meer rare beelden. Hoeveel secties op lichamen kun je aan? Hoeveel slachtoffers kun je aan? Ik heb als jonge agent sectie zien verrichten op een neergestoken supermarkteigenaar. Wat doet dat op den duur met je als mens, als je dat geregeld moet aanzien?’’
,,Geweld kleurt je blik. Als er in een weekend maar één vrouw klappen heeft gehad, vinden wij dat al normaal. Belachelijk toch. Hoe kan dat? Toen ik bij de surveillancehondengeleiding zat, wilde ik niet dat mijn kinderen in Winschoten op stap gingen. Ik kwam daar alleen maar als er ellende was. Terwijl mijn kinderen zeiden: er is niks aan de hand, pap. Die zagen een heel ander Winschoten dat ook bestond.’’
Agent tot je pensioen of je dood
Hij is als vakbondslid een vurig pleitbezorger van de acties voor het vroegpensioen. De jongere generatie is niet altijd van het nut doordrongen, zegt hij. ,,Wij dachten vroeger: we blijven agent tot ons pensioen of tot onze dood. Maar de jonge collega’s weten vaak niet of ze over een paar jaar nog bij de politie werken.’’
Toch houdt hij van zijn werk. Hij wil graag eerder stoppen, maar als dat niet kan, zegt hij, zal hij tot zijn 67ste zijn broodtrommel inpakken. Om hem ’s avonds weer leeg mee naar huis te nemen. Hij, agent Boneschansker. En niemand anders.
De acties
De politie voert sinds vorig jaar actie om vervroegde uittreding mogelijk te maken. Vorig jaar brachten tweehonderd agenten een bezoek aan toenmalig minister Carola Schouten: geen effect. Een grote manifestatie op het Malieveld in Den Haag: geen effect. Daarna stopte de politie met boetes uitschrijven: geen effect. De politie stopte met het begeleiden van deurwaarders: geen effect, behalve voor de deurwaarders. De politie sloot daarna alle bureaus voor een dag. Geen effect. De politie reed vervolgens elke dinsdag langs de gemeentehuizen met loeiende sirenes om de burgemeesters wakker te schudden. De bedoeling is dat vooral de burgemeesters zich gaan inzetten bij de onderhandelingen met het ministerie. Geen effect.
De laatste actie, het besluit om niet meer aanwezig te zijn bij voetbalwedstrijden, is een gecalculeerd risico omdat de meeste profvoetbalclubs zelf verantwoordelijkheid nemen voor de veiligheid binnen het stadion.
De wedstrijden NAC-Ajax, FC-Twente-Sparta, Almere-PSV en FC Groningen-AZ verliepen de afgelopen weken zonder noemenswaardige incidenten.
Deze zondag zou de wedstrijd Feyenoord- Ajax worden gespeeld maar burgemeester Aboutaleb van Rotterdam verbiedt de klassieker vanwege de aangekondigde actie van de politiebonden.