Martinus Bakker op de plek waar in de nacht van vrijdag op zaterdag zijn bestelbus in brand werd gestoken. Op achtergrond zijn woning. Foto: DvhN
Martinus Bakker en zijn vrouw Gea uit Klazienaveen belandden afgelopen weekend in een nachtmerrie. Terwijl zij sliepen, stak iemand bij hun huis de bestelbus van Martinus in brand. „Brandstichting zo dichtbij een woning, dat voelt als poging tot moord.”
Op beelden die zijn gemaakt door een camera uit de buurt is het duidelijk te zien. Om 02.13 uur in de nacht van vrijdag op zaterdag loopt er iemand naar de woning van het echtpaar Bakker. Hij of zij stopt bij de bestelbus, die op de oprit staat.
Even later een grote vlam en de onbekende persoon rent weg. „Ik word er naar van als ik er naar kijk'’, zegt Martinus Bakker. „Mijn vrouw en ik lagen boven te slapen. Wat was er gebeurd als de brand iets later was ontdekt? Ik wil er niet aan denken.”
De uitgebrande bestelbus. Foto: Martinus Bakker
De bestelbus, die totaal uitbrandde, is weggesleept. Op de woning zijn de sporen van de brand nog goed te zien. Roet tot aan de dakrand, een verbrande airco aan de muur en een gesmolten regenpijp. Ook de kap om de lamp van de lantaarnpaal nabij het huis is gesmolten.
„De hitte was enorm”, zegt de 59-jarige Bakker, terwijl hij op de oprit staat. De Klazienavener is even stil. „Weet je, ik begrijp hier helemaal niets van. Ik heb met niemand ruzie. En er is ook niemand die nog geld van mij krijgt. Maar wie doet dan mij zoiets aan?”
Geen kapitalen, wel prachtig werk
De uit Zwartemeer afkomstige Bakker woont sinds tien jaar met veel plezier aan de Grote Beer in Klazienaveen. Samen met zijn vrouw heeft hij een bedrijfje dat witgoed repareert. „Grote bedrijven huren mij in en ik ga bij particulieren langs. Ik verdien er geen kapitalen mee, maar het is wel prachtig werk. De hele dag op pad, tot aan Lelystad aan toe. Mijn vrouw doet thuis de administratie en de planning.”
Bakker maakte voor zijn werk gebruik van een witte Volkswagen T5, het voertuig dat afgelopen weekend uitbrandde „Onze buurman belde en bonkte op de voordeur. Ook schreeuwde hij dat er brand was. Daar werden we wakker van. Via de achterdeur gingen we naar buiten. De brandweer en de politie waren er toen al.”
De gesmolten kap van de lantarenpaal. Foto: DvhN
De brandweer wist te voorkomen dat ook het huis in vlammen opging. Een uur nadat de brandweer was vertrokken, stond de bestelbus opnieuw in lichterlaaie. „Heel vreemd. Misschien was het vuur toch niet helemaal goed uit, ik weet het niet.” Nadat de brandweer voor de tweede keer de straat uitreed, ging Bakker maar weer naar bed. „Doodmoe van de stress.”
Bang en onrustig
De Klazienavener noemt het 'gekmakend' dat hij niet weet wie hem en zijn vrouw iets aan wil doen. „Was het echt iets persoonlijks of is het misschien een of andere idioot die dit als een spelletje ziet? Mijn vrouw is bang en ik ben vooral heel onrustig. Ik slaap slecht en hoor opeens alles. Mensen in de buurt leven heel erg met ons mee, maar ze zijn ook bezorgd. Waarom gebeurde dit en kan het ook ergens anders gebeuren? Heel logische gedachten.”
Daarnaast is er de financiële strop voor Bakker. „Ik had mijn auto WA verzekerd. Wie gaat er van uit dat je auto in brand kan worden gestoken? Nou, ik niet." Behalve de auto raakten ook gereedschap van Bakker en materialen van zijn opdrachtgevers onherstelbaar beschadigd.
Een voormalig werkgever heeft Bakker een kleinere auto geleend, die hij voorlopig mag gebruiken. „Daarmee ben ik maandag op pad geweest om nieuw gereedschap te kopen. Superduur is dat spul, voor duizend euro heb je nog niet veel. Maar goed, we moeten vooruit, hoe lastig dat nu ook is.”
Zoveelste dreun
Voor Bakker, die vader is van vier dochters en opa van zeven kleinkinderen, is de brand niet de eerste dreun die hij de laatste tijd te verduren kreeg. Eind 2024 overleed zijn broer, eind vorig jaar zijn moeder en zijn vader zit momenteel in een verpleeghuis voor revalidatie na een herseninfarct.
Martinus Bakker bij de door brand beschadigde airco. Foto: DvhN
Het ene had hij nog niet verwerkt, of andere kwam er alweer aan. „Maar dat waren wel dingen die je op een gegeven moment accepteert. Omdat niemand er iets aan kan doen. Bij die brand is dat anders. Dat is moedwillig mensen in de ellende helpen. Sterker nog, in levensgevaar brengen. Hoe moet je daarmee omgaan, helemaal als je niet weet wie het heeft gedaan en waarom? Zeg het maar.”
De politie laat weten een buurt- en sporenonderzoek te hebben gedaan en te beschikken over camerabeelden. „We beschouwen dit als een ernstige zaak. Dit had ook beduidend anders af kunnen lopen. Iedereen op die informatie over deze zaak denkt te hebben, roepen wij op om zich bij ons te melden.” Door de steekvlam is het mogelijk dat de dader brandwonden opliep of zijn wenkbrauwen (deels) kwijtraakte.