Museum Collectie Brands aan de Herenstreek in Nieuw-Dordrecht. Eigen foto
Nieuw-Dordrecht komt in het geweer tegen de gemeentelijke bezuinigingen op Museum Collectie Brands. „Het museum is belangrijk, maar wordt als enige culturele instelling in de gemeente Emmen gestraft.”
Het nieuws dat de gemeente Emmen het mes zet in de subsidie voor Museum Collectie Brands, is niet alleen voor de medewerkers moeilijk te verteren. Instellingen uit het dorp en omgeving zijn in de pen geklommen in een poging de gemeente op andere gedachten te brengen.
„Het museum draagt bij aan de zichtbaarheid van Nieuw-Dordrecht”, vindt Ben Karstenberg, voorzitter van Stichting Dordse Kerk. „Nieuw-Dordrecht is verder een grijs dorp, maar geniet door het museum toch enige bekendheid.”
De gemeente Emmen wil de subsidie, nu 69.300 euro per jaar, afbouwen met jaarlijks 3000 euro. Dit omdat het museum de slag volgens haar heeft gemist als het gaat om inhoud, uitbreiding en bezoekersaantallen.
‘Museum moet tijd krijgen voor verbetering’
„Het zou een groot verlies zijn als dit museum verdwijnt”, vindt Karstenberg. „Jans Brands verzamelde alles wat los en vast zat. Zelfs Harry Tupan, directeur van het Drents Museum, was enthousiast toen hij hier een expositie opende. Hij zei ook dat er ‘misschien een beetje structuur’ mist. Ik vind dat het museum de tijd moet krijgen voor verbetering. De medewerkers zijn erg deskundig en betrokken. Dat hebben wij gemerkt toen zij ons hielpen met een expositie over het 150-jarig bestaan van het kerkgebouw.”
Hij wijst bovendien op het belang voor de inwoners. „Er werken zo’n vijftig vrijwilligers, vooral pensionado’s. Moeten zij straks achter de geraniums zitten?”
Ook Vrijmetselaarsloge De Korenaar heeft een brief naar de gemeente gestuurd. De club, die haar thuisbasis in Emmen heeft, houdt er bijeenkomsten en roemt de locatie en de medewerkers. „Er zijn hoogwaardige technische faciliteiten, zoals beamer, scherm en geluidsinstallatie, en een uitstekende horeca. De medewerkers denken met ons mee en geven ons een warm welkom. Indirect draagt het museum bij aan het succes en de continuïteit van verenigingen zoals de onze.”
Medewerkster Marianna Bakker afgelopen voorjaar bij het inrichten van een tentoonstelling over de ENKA/AKU. Foto: Archief Boudewijn Benting
‘Uniek en inspirerend’
Los van de praktische voordelen van de ruimte, is de omgeving volgens Koerts ‘uniek en inspirerend’. „Wij kunnen er onze buitenactiviteiten houden, terwijl de genodigden ondertussen een kijkje nemen in het museum met zijn cultureel erfgoed. Zoiets als dit is moeilijk te vinden.”
De Dorpscoöperatie is de derde die een brief heeft gestuurd naar de gemeente en zegt dat het museum Nieuw-Dordrecht op de kaart zet. Het steekt de organisatie dat het Dordse museum de enige culturele instelling is in de gemeente Emmen die in de nieuwe cultuurnota wordt ‘gestraft’.
‘Wij begrijpen het niet’
Precies dat gevoel hebben ook de medewerkers en het bestuur van het museum „In de nota staat dat sinds corona bij alle musea de bezoekersaantallen een punt van aandacht zijn. Alleen wij worden erop afgerekend. Wij begrijpen het niet”, zegt museumvoorzitter Hank Peters.
Voor corona, in 2019, trok het museum 7465 bezoekers. De ambitie was om door te groeien naar 10.000. Na corona kwam de 7000 niet meer in de buurt. „Maar we zijn vorig jaar wél met 30 procent gegroeid en dit jaar met 20 tot 25 procent. We hopen in 2024 weer op 5000 bezoekers uit te komen.”
Het museumbestuur, dat zelf ook bezwaar heeft gemaakt tegen de subsidiekorting, is blij met alle steun. „En er komen nog meer brieven, weet ik, onder meer van het UWV. Wij bieden mensen die tijdelijk zijn uitgevallen een plek om weer te wennen aan het werken. En statushouders draaien af en toe mee om zo de taal te leren.”
Plan uitbouw in de ijskast
Maar wat zijn eigenlijk de gevolgen als de subsidie wordt afgebouwd? Is de vrees dat het museum de deuren moet sluiten terecht?
Peters: „Wij gaan hier niet de stekker uit trekken. Maar het museum wordt wel onbeduidender. Sinds 2018 krijgen wij geld om te professionaliseren en hebben we personeel in dienst: een conservator voor 8 uur per week, iemand voor public relations, marketing en de tentoonstellingen voor 36 uur en een financieel administrateur voor 24 uur. Die kunnen wij straks niet meer betalen als we steeds 3000 euro minder krijgen en de CAO-lonen omhoog gaan. Het komt erop neer dat we dan weer teruggaan naar een pure vrijwilligersorganisatie. Terug naar het verleden.”
Andere geldpotjes zoals projectsubsidies bieden volgens Peters geen soelaas. „Daarmee kun je niet structureel personeel betalen.”
Nu al werpen de plannen hun schaduw vooruit. Het museum had plannen voor een uitbouw, maar heeft die in de ijskast gezet. „We hebben de financiering niet rond gekregen en gaan geen risico’s aan. We zijn een stuk voorzichtiger nu.”